Column

Bezemwagens met wat versjes ertegen

Poëzie is voor rouwenden en clowns. Alleen naast doodskisten raken we nog wel eens geroerd door gedichten. Elders hebben ze vooral iets lolbroekerigs. Je merkt het op Gedichtendag. Sommige NS-conducteurs riepen donderdag om in rijm („Reist u digitaal, knuffel dan even een uitcheckpaal”) en ook aan de NS-Twitterbalie was Sinterklaas vroeg dit jaar: „Reis je tussen Roosendaal-Breda en Oudenbosch: bent u helaas door een seinstoring de klos.”

Op Facebook kon je je eigen Jules Deelder-imitatie delen. En hoewel er veel meer aspirant-dichters zijn dan poëzielezers, en onze landgenoten weinig aanmoediging nodig hebben om hun gevoelens te uiten, organiseert elk dorp een eigen poëziewedstrijd. In Zaanstad werden de winnende teksten op gemeentewagentjes geplakt. Wat poëzie nog is in dit land? Bezemwagens met wat versjes ertegen.

Kom, kom, het is allemaal ludiek en ze verstieren er ons gave land toch niet mee?

Tijdens de laatste Museumnacht hoorde ik iemand jubelen: „O, er is zó veel te zien, ik zou hier wel wéken kunnen ronddwalen!” Nou, wat let je? Deze musea zijn de komende weken gewoon open. Maar dan hang jij weer aan je Netflix.

Zo is het ook met poëzie. Geen hond koopt dichtbundels. Elke dichter verdient eindeloos minder aan z’n bundeltjes dan aan de optredens waar hij ze moet aanprijzen. (Tenzij hij sterft. Dan piekt de verkoop even en slingert elke gek z’n regels snikkend en R.I.P.’end de servers op.)

De Poëzieweek begon als een campagne die publiek naar dichtbundels moest trekken, maar is nu het product zelf geworden. Dit fenomeen is zo symptomatisch voor onze cultuur dat we de idiotie ervan niet eens meer opmerken.

Wie in Rotterdam door de hippe Markthal wandelt, merkt hoeveel standplaatsen er leegstaan. Slagers, groenteboeren, bloemisten: een voor een vertrokken ze. Alleen de snack-, sap- en koffiebarretjes lopen redelijk. Ooit ging je naar een markt voor vlees, groenten en bloemen, en waren die barretjes de bijzaak. Nu komen toeristen er juist koffiedrinken en maken ze foto’s van het bijkomstige decor, de versmarkt.

De periferie is gepromoveerd tot hoofdzaak, de spin-off tot corebusiness. Het servies- en pannenlappenimperium van Jamie Oliver brengt meer in het laatje dan de man z’n kookkunsten. Straks verdringen krantenkoppen de artikelen, sterren de recensies, interpretaties de feiten, performances de politiek en Gedichtendag de poëzie als serieuze kunstvorm.

Waarom worden er eigenlijk nog gedichten tot boekjes gedrukt? Omdat het symbolische toegangsbewijzen zijn tot de evenementenpodia. Domweg de tickets tot de reclamekaravaan.