Commentaar

Tories misbruiken volkswil

De Britse premier Theresa May is gevoelig op haar vingers getikt door het Britse Supreme Court. In zijn uitspraak bepaalde de hoogste rechter dinsdag terecht dat May niet op eigen houtje onderhandelingen kan beginnen met de Europese Unie over het uittreden van het Verenigd Koninkrijk.

De gekozen volksvertegenwoordiging is in een parlementaire democratie de soevereine macht die kan besluiten tot zo’n ingrijpende en wezenlijke verandering van de staatkundige, economische en politieke structuur van het land. Dat de rechter er aan te pas moet komen om de uitvoerende macht in een van de oudste Europese democratieën daaraan te herinneren, is een symptoom van de verwarring die kennelijk om zich heen grijpt in politiek bestuurlijke sferen.

Dat May haar optreden probeerde te rechtvaardigen met de middeleeuwse, aan de vorst ontleende discretionaire bevoegdheid, was mogelijk ingegeven door haar wens vaart te maken met het in gang zetten van de procedure. Haast is, zoals bekend, het kenmerk van de politicus die een doel wil bereiken. Maar dat kan uiteraard alleen binnen het raamwerk van parlementaire verhoudingen. Het parlement slechts achteraf laten instemmen met de gevolgde procedure was niet meer dan een democratisch schaamlapje dat May vorige week maandag aanbood.

Dankzij de moed van de rechters, die zich niets aantrokken van populistische stemmingmakerij waarin zij werden afgeschilderd als landverraders, heeft het parlement deze constitutionele slag met de Britse regering gewonnen.

Lekker belangrijk, zou je kunnen zeggen. Want in het Lagerhuis hebben de Conservatieven van May een comfortabele meerderheid. Het is hun bedoeling het noodwetje waarmee het parlement de regering autoriseert om het Brexit-proces te beginnen, op hoge snelheid door het Lagerhuis te jassen. De uitkomst van het Brexit-referendum wordt daarbij als breekijzer gebruikt. Het is immers „de wil van het volk”, zoals Brexit-minister David Davis dreigde.

De rechters bepaalden ook dat de stem van de regionale parlementen van de andere delen van het Verenigd Koninkrijk geen rol speelt in het proces, omdat het hier om buitenlands beleid zou gaan. Dat was een meevaller voor May. Want met name vanuit Schotland, dat in meerderheid tegen Brexit is, werd veel tegenstand verwacht. Dit oordeel van de Supreme Court is echter aanvechtbaar: veel Europees beleid is immers binnenlands. Terwijl de trein van de regering-May doordendert, gaan de Schotten op zoek naar een noodrem. Via de rechter of via een eigen referendum.