‘We leren niks van de Q-koorts’

297 Q-koortsslachtoffers vingen woensdag bot bij de rechter. De overheidsvoorlichting over de ziekte was „voldoende”. Caroline van Kessel, een van de slachtoffers, is een illusie armer.

Caroline van Kessel Foto Martijn Beekman

„Ik ga niet naar die uitspraak in Den Haag, hoor”, had ze een dag tevoren nog aan de telefoon gezegd. „Dat kost me zo veel energie, en ik heb zo veel andere dingen te doen.”

Maar Caroline van Kessel (42) stapte toch op de trein, vanuit Den Bosch. Ze vond dat ze niet kon ontbreken, niet bij een uitspraak over de rol van de overheid in de ziekte die haar leven een andere richting heeft gegeven.

In mei 2010 wordt ze ziek, nadat ze een maand eerder een boerderij heeft bezocht in de buurt. De klachten zijn de eerste tijd het heftigst. Ze moet overgeven, kan geen zonlicht verdragen en heeft hoge koorts. De verschijnselen zijn zo erg dat ze haar zwangerschap moet beëindigen. Ze blijkt Q-koorts te hebben, en voor een behandeling is het te laat. Haar baan als beleidsmedewerker bij de provincie Noord-Brabant – dat gaat niet meer. Door de Q-koorts is ze razendsnel moe. Als ze een glas wijn drinkt, krijgt ze koorts. Als ze naar een feestje gaat, moet ze een week bijkomen.

Deze klachten kunnen, zo leert ze daarna, lang aanhouden. „De Q-koorts heeft me gewoon een paar kopjes kleiner gemaakt, het heeft al mijn kracht laten verdwijnen. Ik had een goede baan, wilde carrière maken. En dan kan dat allemaal niet meer, dan raak je je hele identiteit kwijt.”

Lees ook: Overheid greep ‘veel te laat’ in tegen Q-koorts

Zonder voorbehoud legde ze 800 euro in voor de rechtszaak tegen de staat. Want, zo zegt ze, als de informatie in die jaren goed was geweest, dan was ze nooit ziek geworden. „Wij gingen op schoolreisje naar een gebied dat achteraf een bacteriebom bleek. Terwijl ik zwanger was. Als er nu een aanslag in Parijs is, gaan de scholen daar ook niet naartoe. Wij zijn een brandhaard ingestapt, en voor mij met grote gevolgen. Maar die impact is nooit ergens gemeld.”

Een boodschap die pijn doet

De rechter in Den Haag spreekt het vonnis uit. De overheid is niet nalatig geweest bij de aanpak van Q-koorts. Voorlichting over de ziekte was „voldoende”. De rechter wijst de schadevergoedingsclaim af. Van Kessel kijkt de andere patiënten kort aan. „Het voelt alsof je in je stoel wordt gedrukt. Zo van: dit is het, en dit was het. Een korte en heldere boodschap, maar wel eentje die pijn doet. Geen woord over de impact.”

Waar het haar om gaat is niet het geld, en ze wil ook niet zielig worden gevonden. Het gaat haar vooral om de verandering: „Mijn leven is veranderd door een ziekte die in mijn ogen is ontstaan door de intensieve veehouderij. En we leren er niks van. Ik zie dat in Brabant nog steeds veel te veel vee in een veel te klein gebied zit. Iedereen vond het heel erg voor de patiënten met Q-koorts, maar er is nooit écht actie ondernomen. Daarvoor waren onze problemen blijkbaar niet erg genoeg.”

Lees hier het nieuws: Staat niet nalatig bevonden in Q-koortszaak

Gevoelsmatig snapt ze niks van de uitspraak van de rechtbank: „Bullshit.” Maar als ze het rationeel bekijkt, is het anders. „De rechter volgt de wet. Er is een werkelijkheid en er is een wet. En daartussen zit gewoon iets wat niet klopt. Maar we gaan door. Wat mij betreft tot aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.”

Want hoewel Van Kessel nog steeds boos is op het landbouwbeleid in Nederland, leeft ze niet meer boos. Dat is, zegt ze, een groot verschil. Ze heeft een eigen webshop opgezet, ze heeft geaccepteerd dat haar geheugen en concentratie nooit meer zo zullen zijn als toen. „Ik heb de touwtjes weer in eigen handen genomen. Dat is al heel wat. Voor het eerst sinds jaren kijk ik niet meer terug, maar vooruit. En ik denk: kom maar op.”

    • Bram Endedijk