Recensie

Rutte schoof aan bij RTL Late Night en trof vooral tegenstand

Na zijn brief in de ochtendkranten zat premier Rutte gisteravond aan tafel bij Humberto Tan. Of je de VVD wel vertrouwen kunt, wilde Tan van hem weten.

Premier Mark Rutte (VVD) in 'RTL Late Night'.

In het algemeen zou je kunnen zeggen dat televisiemakers te bang zijn voor stiltes in een gesprek. Maar als het een keer wel gebeurt, dan komt het des te harder aan. Er leek geen einde te komen aan de ruim drie seconden voordat premier Mark Rutte (VVD) antwoord gaf op de openingsvraag van Humberto Tan in RTL Late Night.

In die seconden (opgevuld met een aanmoediging van Tan: „Klopt dat?”) zat het drama opgesloten van de dag die begon met Ruttes paginagrote brief in de ochtendkranten aan alle Nederlanders en eindigde met nieuwe pijnlijke onthullingen in Nieuwsuur over het optreden van partijgenoot Ard van der Steur, nu minister van Veiligheid en Justitie, in de zogeheten bonnetjesaffaire.

Van der Steur had zich net in Nieuwsuur verdedigd met de afgesproken strategie dat die onthullingen van Bas Haan niets nieuws leken te bevatten. Zonder de krompraat van al het aangeven, wisselen en delen, zei Rutte in wezen hetzelfde. Maar de schok zat, ondanks dat hij het kort tevoren had kunnen zien aankomen, in het stranden van de campagnestrategie.

Lees ook: Wat onze lezers vinden van de open brief van Rutte

Tan wilde weten of het, zonder in details te treden, niet in wezen weer ging om de vraag of je de VVD vertrouwen kunt. Rutte zweeg als een levend standbeeld en antwoordde toen: „Nee.”

Het had moeten gaan over de oproep aan Nederlanders, vooral zij die ergens anders vandaan zijn gekomen, om zich normaal te gedragen. Daarmee begaf hij zich nadrukkelijk in het domein van de potentiële kiezers van de PVV, waarvan de lijsttrekker de premier al eens in de Tweede Kamer toebeet om vooral normaal te doen.

Normaal is het omgekeerde van apart. Als je iemand hoort zeggen dat iets heel apart is, dan zit daar doorgaans een morele veroordeling in verscholen. Dat is glad ijs voor een liberale partij die van oudsher juist vrijheid en verscheidenheid voorstaat.

Voordat de brief echt ter sprake kwam, moest de premier eerst nog zijn mening geven over een man die aangehouden was op verdenking van poging tot moord op de belager van zijn 16-jarige dochter. Ja, dat paste een bewindspersoon niet, om een mening te geven over een zaak die onder de rechter is. Maar de motivatie van de verdachte, daar kon Rutte zich „1.000 procent” in vinden.

De tweede helft van het gesprek, over de vraag wat wel en niet normaal is en wie dat bepaalt, liep zo uit dat de erna geplande items over de Oscars en rapper Drake geschrapt moesten worden.

Tegenover Rutte zat columniste en „VVD-stemmer” Marianne Zwagerman, die de ondernemersgeest van de liberale partij miste in de toon van het brief. Dit vond ze een verhaal dat zich richtte tot bange mensen en niet liet zien hoe je als VVD juist initiatieven kon ontplooien. Bovendien beschouwde ze zichzelf, heel eerlijk, ook als een verkeershufter: „Ja, ik ben een bumperklever. Maar moet ik dan oprotten? Waarheen? Naar Bumperkleverland?”

Het campagneteam had ervoor gekozen om de VVD-lijsttrekker de brief te laten toelichten in een programma dat de meeste „normale” mensen zou kunnen trekken. Hij trof forse tegenstand en moest bovendien permanent vechten tegen het odium van de onbetrouwbaarheid, zijn grote probleem inmiddels.

    • Hans Beerekamp