Column

Eindelijk, links is ook slachtoffer

Dit, zei Geert Wilders op een conferentie van populistische partijen in Koblenz, is het jaar van de bevrijding. Hij had het over de wanhoop van de mensen die niet meer durven zeggen wat ze denken, die hun veiligheid verliezen, die hun blonde haar niet meer durven laten zien. Europa is in gevaar en het moet gered worden. Wilders, in het Duits, als bevrijder van de verworpenen der aarde.

Tegelijkertijd demonstreerden honderdduizenden burgers in de Women’s March door stadscentra overal ter wereld tegen de bedreiging van hun beschaving: patriottisme, seksisme, racisme, xenofobie, homofobie en Donald Trump. Op het Museumplein in Amsterdam stelden ze zich voor als verdedigers van het anders-zijn, zoals een junior docent geografie het zei. „Het voelt als een gevaar. Er heerst ook in Europa een sentiment tegen anders zijn.” Een vrouw sprak dezelfde woorden als Wilders: „Het voelt als het begin van de revolutie. We pikken het niet.”

Zo staan de legioenen van empowerde slachtoffers tegenover elkaar: aan de ene kant de gedupeerden van Wilders, ‘the forgotten men and women’, over wie Trump in zijn inaugurele rede sprak. Aan de andere kant de mensen die opkomen voor vluchtelingen, voor dier en milieu. En hoewel ze niet zelden in de weer zijn met hun eigen identiteit, willen ze ook „een stem geven aan de slachtoffers”, zoals ik laatst een veganistische atheïst met flink wat ruimte in zijn zelfbeeld hoorde zeggen.

Milo Yiannopoulos, publicist bij het hard-rechtse Breitbart, zei zaterdag in de Volkskrant: iedereen die ooit kwetsbaar is verklaard, is nu een doelwit. Zij voelen zich na jarenlang de publieke opinie te hebben gedomineerd („Iedereen was links”) ineens in de verdediging gedrukt.

Ik denk aan de vriend die vlak na de Amerikaanse verkiezingen een glas wijn inschonk en zei: „Rechtse mensen zaniken dat ze niks mogen zeggen. Maar het is omgekeerd! Wij van links mogen niets meer zeggen.” Is dat zo? Ik denk eerder dat zij van links lange tijd gewend waren zich niet te hoeven verdedigen. Nu zij luidkeels worden tegengesproken, scharen zij zich meteen in het koor van slachtoffers.

In 1996 ontvouwde Samuel Huntington zijn theorie van de Clash of Civilizations. De culturele en religieuze identiteit, met name die van moslims en christenen, zou volgens hem na de Koude Oorlog de bron worden van conflicten. Als twee hogedrukgebieden zouden ze op elkaar botsen.

Als ik op het Museumplein om me heen kijk, of ik spreek met aanhangers van Wilders in Landgraaf of Rotterdam Zuid, dan lijkt het eerder een Clash of Victims te worden.

Jutta Chorus (@juttachorus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.