De magie van theater begint achter de coulissen

Theaterweekend

Tijdens het Nationaal Theaterweekend hielden zestig theaters drie dagen open huis. Kaartjes voor voorstellingen kostten tien euro. Doel: een nieuw en jonger publiek bereiken.

Technicus Peter-Ywe van Bruggen leidt rond door theater De Nieuwe Kolk in Assen Foto Sake Elzinga

Achter deuren die normaal gesloten zijn voor het schouwburgpubliek ligt de ruimte die backstage heet, het verborgen koninkrijk voor technici, artiesten en hun kleedkamers, het kostuumatelier, decoropslag en artiestenfoyer. „Kijk”, zegt technicus Peter-Ywe van Bruggen van theater De Nieuwe Kolk in Assen, „ik kan in enkele seconden decorstukken te voorschijn laten komen en weer laten verdwijnen.”

Volwassenen en kinderen luisteren aandachtig en kijken omhoog naar de nok van het toneelhuis. Die is in Assen 34 meter hoog en daarmee een van de hoogste van West-Europa. In suizende vaart dalen de trekken neer. Een trek kan gerust zo’n 500 kilo aan decor tillen. Theatertechnicus Bruggen heet ook wel ‘trekkenwandoperateur’. Op de deur naar backstage staat de waarschuwing dat zich hier een ‘op afstand bediende geautomatiseerde hijsinstallatie’ bevindt. Elders staat ‘Geen entree’. Dat geeft al aan hoe geheim het hier is. Vanaf de zijkant kunnen vrachtwagens tot aan het podium rijden om de decors te lossen.

Het is Nationaal Theaterweekend, een initiatief van Nationaal Theater Fonds en het Prins Bernhard Cultuurfonds. Bijna zestig theaters, verspreid over Nederland, zijn drie dagen vrij toegankelijk. Vrijdag opende minister Bussemaker (OCW) het weekend in Theater De Flint in Amersfoort, samen met Albert Verlinde van het Theater Fonds en de directie van het Cultuurfonds. „Met dit weekeinde willen we mensen die niet vanzelfsprekend naar de schouwburg gaan over de drempel lokken”, zegt de minister. „Mensen kunnen vaak niet kiezen of ze denken ‘dit is niet voor mij’. Door dit laagdrempelige en vooral gastvrije initiatief streven we ernaar nieuwe en vooral jongere publieksgroepen in het theater te krijgen. Het sluit aan bij enkele van mijn doelstellingen, zoals educatie en talentontwikkeling.” Vorig jaar trok het weekeinde honderdduizend bezoekers in zo’n vijfendertig theaters. Nu doen meer theaters mee en is het bezoekersaantal fors gestegen, zowel voor de voorstellingen als de randprogrammering. Tijdens het Theater Weekend kost elk kaartje ook slechts 10 euro, of het nu gaat om musical, cabaret, dans of repertoiretoneel. Er zijn workshops en sommige podia zijn zelfs ingericht als minicampings: men kan er slapen. Toegang tot de theaters overdag is gratis.

Het podium in Assen brengt de musical Watskeburt?!, de Cabarestafette en voor de kinderen Het Fieperdefiep Festival. Het gloednieuwe gebouw van De Nieuwe Kolk (DNK), in het centrum van de stad, heeft twee zalen, een grote zaal voor 850 toeschouwers en een kleine voor zo’n 250. In het gebouw is tevens een bioscoop, bibliotheek en een dependance van het Drents Museum gevestigd.

Lees ook dit interview met De Jeugd van Tegenwoordig over de musical Watskeburt?!: ‘Floppen met iets waar je achter staat, is niet erg’

De schouwburg produceert zelf ook voorstellingen, zoals Oliver Twist en Anastasia. Tijdens het weekeinde is theaterprogrammeur Annelies Klunder in het gebouw te vinden, samen met tien andere gastvrouwen. Met behulp van gele ballonnen is een speurtocht overal door het theater en achter de coulissen aangegeven. Kinderen verzamelen stempels op een stempelkaart. „Tot onze verrassing is de belangstelling voor ons theater groot”, zegt Klunder. „Als we auditie houden voor een van onze eigen producties staan amateurspelers te trappelen. Tijdens het Theaterweekend komen mensen binnen die nieuw voor ons zijn. Ik merk dat het deze dagen gonst in ons gebouw. Onze grote zaal is door architect Martien van Goor zo ingericht dat het is alsof de ruimte het publiek omarmt. Dat willen we met dit weekeinde ook bereiken onder het motto ‘Kom binnen!’”

Technicus Peter-Ywe van Bruggen leidt rond door theater De Nieuwe Kolk in Assen. Foto Sake Elzinga

In de kleedkamer laten kinderen zich schminken, als een hondje, of zomaar fantasierijk. Marvin krijgt een glitterkapsel, Mandy ziet eruit als een poes en Caeley krijgt kleuren op haar gezicht. Ze houden alle drie van toneel. „Ik dans en speel ook in voorstellingen”, zegt Caeley. „Laatst was ik een spook en een schim in Spookslot dat we op school speelden.” In de artiestenfoyer staat het decor van Anastasia. Bezoekers kunnen een polaroid laten maken in een fraaie, ouderwetse toneellijst die voor deze gelegenheid te voorschijn is gehaald.

Een van de vaste bespelers van De Nieuwe Kolk is het uit Groningen afkomstige gezelschap Noord Nederlands Toneel. De nieuwe artistiek leider Guy Weizman vertelt in Studio 1 over de komende voorstelling Carrousel, die begin maart in première gaat en daarna ook te zien is in Assen. Inspiratiebron voor Carrousel zijn de extreem uitputtende dansmarathons ofwel hungerdances die tijdens de Grote Depressie in Amerika waren te zien. Weizman vertelt er zo spannend over, compleet met een sensationele kermisact als de steile wand, dat hij bezoekers nu al weet te boeien. Vooral na het bezoek aan de technici achter de schermen spreekt Carrousel tot de verbeelding: nu weten toekomstige toeschouwers dat de onzichtbare toneelmeesters moeiteloos met behulp van hun trekken een steile wand kunnen scheppen. Want de illusie die theater oproept, begint achter de coulissen.