Aan deze elementen moet een goede spijtbetuiging voldoen

Sorry zeggen, kan iedereen. Excuses aanbieden is een ander verhaal. „Je moet weten wat je fout hebt gedaan.”

Illustratie Tjarko van der Pol

Sorry zeggen is makkelijk. Iets te makkelijk zelfs („Sorry dat ik je stoor.” „Is niet erg hoor, je hoeft geen sorry te zeggen.” „Oh, sorry…”). Excuses aanbieden, is een heel ander verhaal.

Toegeven dat we een fout hebben gemaakt, een die we oprecht betreuren, daar zijn wij als mensheid bijzonder slecht in. Het is veel makkelijker om onze misstappen te vergoelijken, af te doen met een grapje, dan toe te geven dat we fout zaten zegt Edwin Battistella, hoogleraar taal- en letterkunde aan de Southern Oregon University en schrijver van het boek Sorry About That: The Language of Public Apology waarvoor hij meerdere excuses van publieke figuren onder de loep nam.

Om een excuus te formuleren dat door de ontvanger wordt geaccepteerd, moet je beter je best doen. Volgens een studie van de business-school van The Ohio State University’s die vorig jaar mei werd gepubliceerd, voldoet een goede spijtbetuiging aan zes elementen. Uitdrukking van spijt. Uitleg van wat er is misgegaan. Verantwoordelijkheid nemen. Berouw tonen. Aanbieden om het goed te maken. En de vraag om vergiffenis.

Hoe meer van deze bestanddelen je spijtbetuiging bevat, hoe effectiever je excuus zal zijn. Maar, zegt hoofdauteur Roy Lewicki op de website van de universiteit, niet alle elementen hebben hetzelfde gewicht. „Het belangrijkste element is het nemen van de verantwoordelijkheid. Zeg dat jij een misstap hebt begaan, dat het jouw fout is.” Ook belangrijk, bleek uit het onderzoek, is het aanbod om het goed te maken. Lewicki: „Praatjes vullen geen gaatjes. Maar als je zegt ‘dit zet ik recht’ dan leg je je toe op daadwerkelijke actie om de schade te repareren.”

Taalkundig moet een goed excuus vooral direct zijn, zegt hoogleraar Battistella: „Je moet zeggen dat het je spijt. Je moet zeggen waarom het je spijt. Je moet weten wat je fout hebt gedaan en waarom dat fout is. En je geeft vervolgens duidelijk aan hoe je je misstap in de toekomst gaat rechtzetten.”

Dat dit lastig is, blijkt vrijwel elke week.

Golden Globes

Vorige week probeerde acteur Tom Hiddleston via Facebook zijn excuses aan te bieden voor zijn overwinningstoespraak bij de Golden Globes. Hiddleston, die een prijs won voor zijn acteerwerk in The Night Manager, had tijdens zijn speech geprobeerd reddingswerkers van Artsen Zonder Grenzen in Zuid-Soedan te prijzen. Zijn relaas was warrig en onsamenhangend en het kwam eerder over alsof hij zichzelf en zijn eigen werk aan het complimenteren was, dan de medewerkers in Soedan. Dat namen mensen op sociale media hem niet in dank af.

Hiddleston besloot een dag later te reageren. Hij was het helemaal met de kritiek eens en had juist de dappere medewerkers van UNICEF en Artsen Zonder Grenzen willen complimenteren, maar „ik was erg nerveus en mijn woorden kwamen er helemaal verkeerd uit”.

Geen geweldige spijtbetuiging, meent Battistella. Vooral omdat hij zijn fout probeert recht te praten. „Hij maakt excuses”, zegt Battistella. „Ik ben niet goed met woorden. Ik was nerveus. Hij had gewoon moeten zeggen, ‘sorry dat ik het te veel op mezelf betrok’.” Maar, zegt Battistella, dat vinden vooral bekende mensen vaak moeilijk om toe te geven.

Nu was het vergrijp van Hiddleston minimaal en in het pre-Twitter-tijdperk was het de acteur waarschijnlijk nooit ter ore gekomen dat zijn speech niet goed was gevallen. Zijn excuses waren dus eigenlijk overbodig.

Dat geldt niet voor zwemmer Ryan Lochte. Toen in augustus bleek dat de Amerikaanse zwemmer en zijn teamgenoten niet werkelijk waren overvallen in Rio tijdens de Olympische Spelen maar waren betrapt op het vernielen van een openbaar toilet, was een welgemeend excuus meer dan op z’n plaats. Lochte deed een eerste poging via Twitter. Het was geen succes, zegt Battistella. De zwemmer bood zijn excuses aan voor zijn ‘gedrag’ – maar hield in het midden wat hij dan precies fout had gedaan – en betuigde spijt over het feit dat hij de gebeurtenissen niet ‘voorzichtiger’ en ‘eerlijker’ had beschreven. Een excuus waarin hij zijn fout niet eens benoemde dus.

Lees ook: Zwemmer Lochte tien maanden geschorst

Dat hij verder probeerde de schuld van het gebeurde ergens anders neer te leggen – bij de taalbarrière en het feit dat hij in een ander land was – en afsloot door te concluderen dat er al te veel was gezegd over de gebeurtenissen en hij hoopte dat het vanaf dat moment weer over de Spelen kon gaan – een manier om de aandacht af te leiden van zijn fout – maakte het excuus niet veel sterker. Battistella: „Een excuus van iemand die niet gewend is verantwoordelijkheid te nemen voor zijn gedrag.”

Twitter liet de zwemmer er niet zomaar mee wegkomen en Lochte moest deze spijtbetuiging opvolgen met een uitgebreider, beter excuus op tv (toch raakte hij meerdere sponsoren kwijt).

Maar het kan nog minder oprecht dan Lochte. Toen acteurs Jeremy Renner en Chris Evans in 2015 van seksisme werden beticht omdat ze in een interview het personage van hun Avengers-tegenspeelster Scarlett Johansson een slet hadden genoemd omdat ze in een driehoeksverhouding met hun personages was terechtgekomen, liet Renner in een statement weten dat het hem speet dat ‘een smakeloze grap over een fictief personage iemand had beledigd’.

Verbale judo

Verbale judo noemt Battistella dat. Wanneer iemand zijn excuus zo draait dat de schuld uiteindelijk bij de gekrenkte partij komt te liggen. Renner heeft spijt dat iemand gekwetst is door zijn grap, niet dat hij de grap heeft gemaakt.

„Met ‘het spijt me dat je beledigd bent’, zeg je eigenlijk dat de ander te gevoelig is, een te dunne huid heeft”, zegt Battistella. „Heb je dan echt spijt, of heb je gewoon spijt dat je betrapt bent?”

Vooral politici zijn meesters in verbale judo en komen er vaak mee weg, zegt Battistella. Neem het veelgehoorde ‘het spijt me dat mijn opmerkingen verkeerd zijn geïnterpreteerd’. „Dat kan worden opgevat als een excuus, maar dat is het niet.”

Dat laatste was wat radiomaker Giel Beelen laatst deed. Nadat hij in november in zijn programma op 3FM geluiden van een chimpansee had opgevolgd met de woorden ‘Rustig, Sylvana’, doelend op de rel tussen Sylvana Simons en Johan Derksen die haar een ‘aapje’ had genoemd, deed hij drie dagen later live op de radio een poging zijn fout recht te zetten. „Mijn excuus aan diegene die daardoor een rotweekend gehad hebben” zei hij over zijn grap. Hij herhaalde het ‘excuus’ op tv bij De Wereld Draait Door.

Lees ook: Sylvana Simons: ‘Niemand wil opstaan met haat in zijn hart’

„Dat is gewoon een andere vorm van ‘het spijt me dat jij beledigd bent’”, zegt Battistella. „De dj noemt zijn grap smakeloos, waarmee hij het wegzet alsof het slechts iets onfatsoenlijks was in plaats van racisme. Het drukt weinig spijt of schaamte over zijn gedrag uit.”

Had Beelen een beter excuus willen maken, meent Battistella, dan had hij het grotere racismeprobleem waaruit een opmerking als deze voortkomt, aangestipt.

Maar zelfs als mensen wél oprecht spijt hebben en weten dat ze iets fout hebben gedaan, blijkt het vreselijk moeilijk om dit op de juiste manier te verwoorden.

Kijk naar acteur Jonah Hill, bekend van films als 21 Jump Street en The Wolf of Wall Street. In 2014 verloor hij z’n geduld tegenover een paparazzifotograaf die hem al de hele dag volgde. Het filmpje waarin hij de man voor ‘faggot’, een scheldwoord voor homoseksueel, uitmaakt, ging het web over en Hill zag zichzelf een paar dagen later genoodzaakt zijn excuses aan te bieden in de talkshow van Jimmy Fallon.

Het was een oprecht excuus; Hill geeft toe dat zijn woordkeuze ‘grotesk’ was en dat hij niet ‘faggot’ had moeten zeggen, ook al bedoelde hij het niet homofoob. Maar toch begón de acteur zijn spijtbetuiging met het goedpraten van zijn gedrag. De paparazzo in kwestie viel hem al de hele dag lastig. Riep nare dingen. Deed hem ‘oprecht pijn’ met zijn woorden en maakte hem zo boos dat hij zichzelf genoodzaakt zag om met ‘het meest pijnlijke woord dat hij kon bedenken’ te reageren.

Niet afschuiven

Het is een veel gemaakte fout, zegt Battistella. Je eigen fout op iemand anders afschuiven: „Ik denk dat dit meestal komt omdat we ons schamen voor wat we hebben gedaan en het een stuk makkelijker vinden om onze spijtbetuiging minder gewicht te geven en de schuld ergens anders te leggen.” Hills eerste instinct was om zichzelf in bescherming te nemen, niet om zijn fout toe te geven.

Wat kunnen wij stervelingen zonder een PR-persoon op de speed dial, leren van de slechte excuses van beroemdheden en publieke figuren? Neem de verantwoordelijkheid voor je fouten. Snap wat je fout hebt gedaan. Laat verzachtende omstandigheden achterwege. Schuif de schuld niet af.

Zeg ‘het spijt me dat ik te laat ben, dat was niet attent.’ Want ook al stond de brug open, je bent nog steeds te laat. Een excuus maakt je spijtbetuiging zwakker. „Op een oprecht excuus reageren mensen beter”, zegt Battistella.

De hoogleraar zegt sinds het schrijven van zijn boek opvallend minder vaak sorry. Zeker wanneer het een spijtbetuiging is waar hij zich als spreker beter door voelt, maar waar de andere partij niks aan heeft. „Wat heeft iemand eraan wanneer je zegt dat het jou spijt dat de persoon die ze proberen te bereiken, niet aanwezig is?” Zo verliest het woord aan waarde. Battistella pleit ervoor om woorden als ‘spijt’ en ‘sorry’ niet te makkelijk, te vluchtig, te gebruiken. Geen constante sorry’s meer als je in een drukke winkelstraat iemand probeert in te halen dus? Doe zoals New Yorkers, grapt Battistella: „Hoe biedt een New Yorker zijn excuses aan? ‘Watch where you’re going!’

    • Anke Meijer