‘Nog snel naar de VS, voordat Trump begint’

Op de grens tussen Mexico en Texas heerst topdrukte. Migranten op de vlucht voor het geweld in Midden-Amerika proberen nog snel de Rio Grande over te steken voordat Trump komt. Vooral mensensmokkelaars zullen profiteren van zijn hardere aanpak, is de vrees.

McAllen, VS

In de schaduw van een noodtent in de Texaanse stad McAllen zakt Helen Rodríguez onderuit op een klapstoeltje. De Hondurese vrouw met schuchtere ogen in een rond gezicht, is 8,5 maand zwanger, vertelt ze. Rodríguez is opgelucht, maar moe. Net op tijd is ze aan de goede kans van de grens geraakt. Ze zal in de VS bevallen en haar kind zal automatisch de Amerikaanse nationaliteit krijgen. Een zogenoemde anchor baby, een ‘anker’ dat ook de moeder de kans geeft in de Verenigde Staten aan te meren.

Ze maakte de tocht met 23 landgenoten. Twee weken was ze onderweg: eerst met bussen tot diep in Guatemala, toen per vlot de grensrivier met Mexico over. Met vrachtwagens het land door, dagen wachten in een schuilhuis. Toen weer een rivier over: de Rio Grande tussen de Mexicaanse grensstad Reynosa en McAllen. „In een opgeblazen binnenband. En daarna nog het hek over. Gelukkig hadden we een ladder en waren er mannen om te helpen.”

Matamoros, Mexico

Terwijl de hoogzwangere Rodríguez niets liever doet dan zitten, blijft Héctor Plantillas (27) graag staan. „Ik heb de afgelopen jaren al zo veel gezeten”, grijnst de even lange als afgetrainde Mexicaan. Ruim dertig maanden zat hij de VS in de cel, voor drugshandel in Kansas City. Na zijn gevangenisstraf werd hij spoorslags gedeporteerd naar Mexico.

Na twaalf jaar in de VS is dit zijn vierde dag terug in zijn geboorteland. „Ik haat het hier, man”, vertelt hij op de patio van het door de katholieke kerk gerunde opvangcentrum Casa del Migrante, in de Mexicaanse grensplaats Matamoros. Terug naar de VS, waar hij zes kinderen verwekte bij vijf moeders, kan hij niet. Als hij gepakt wordt, moet hij het voorwaardelijke deel van zijn straf uitzitten. In Mexico wil hij ook niet blijven. Maar: „Ik heb goede dingen over Canada gehoord.”

Als het aan Donald Trump ligt, zien de VS de komende jaren veel minder Helens komen en veel meer Héctors gaan. Een centrale campagnebelofte van de nieuwe Amerikaanse president was illegale migratie te stoppen met een „magnifieke” grensmuur. Daarnaast wil hij een deel van de circa 11 miljoen ongedocumenteerde migranten uitzetten. Om te beginnen „2 tot 3 miljoen” illegalen „met een veroordeling”, beloofde hij in november
daags na zijn verkiezing.

Reynosa, Mexico

In de twee maanden tussen Trumps verkiezing en inauguratie, vrijdag, piekte de migratie dan ook. Normaal is het rustiger deze tijd van het jaar. Nu hield de grenswacht in november en december elke week ruim tienduizend migranten aan, vooral gezinnen en alleenstaande kinderen. Bijna de helft meer dan in dezelfde maanden in 2015. En dan was er nog een onbekend aantal dat overstak zonder gepakt te worden. En dan kenden de afgelopen drie jaar al topdrukte aan de grens.

In andere decennia staken nog wel meer mensen over, maar toen waren het vooral Mexicanen. Die zijn daar sinds de kredietcrisis van 2007 goeddeels mee opgehouden. De migratie komt nu vooral uit drie Midden-Amerikaanse landen. Honduras, Guatemala en El Salvador worden geplaagd door bendegeweld. Hun bevolkingsopbouw (jong) en moordcijfers (zeer hoog) verschillen niet veel van een Midden-Oosters land in oorlog. Veel migranten zijn de facto vluchtelingen.

Ze zijn ook vaak minderjarig: families met kinderen krijgen het gemakkelijkst een verblijfsstatus. Maar veel jongeren reizen ook zonder ouders. In afwachting van hun aanvraag kunnen ze in de VS blijven, bij familie die er al woont. Zij laten zich na het oversteken van de grens rustig oppakken door de grenswacht. Volwassenen zonder kroost pogen juist uit handen van de autoriteiten te blijven.

Mexico is een doorvoerland geworden. In een stad als Reynosa zijn er overal migranten. Op de grensbrug naar de VS kan je soms ineens tussen tientallen Cubanen in de rij staan, hun mapjes met documenten al in de hand. Tot vorige week kregen zij automatisch een verblijfstatus in de VS.

Maar je treft er op straat ook andere latino’s, Haïtianen, zelfs Eritreeërs. Twee van die laatsten, Abraham en Meri, zitten op een ochtend in een hotellobby in Reynosa na een maandenlange reis langs Ethiopië, Soedan, Dubai, Brazilië, Ecuador, Colombia en heel Midden-Amerika. Nu beraden ze zich op hun volgende stap. „Kunnen we gewoon een taxi nemen naar Amerika?”, vragen ze zich af.

Matamoros, Mexico

Het idee van een grensmuur is niet nieuw. Ruim een derde van de 3.201 kilometer lange grens is al uitgerust met hekken en muren. Met de bouw werd in de jaren negentig begonnen onder de Democraat Bill Clinton en hij ging door onder al zijn opvolgers. De grensoperaties hadden steeds daadkrachtige namen als Gatekeeper, Hold the Line, Safeguard, Blockade.

De muren zijn vooral in stedelijk gebied geplaatst. Het idee is dat dit migranten zou afschrikken, omdat ze gedwongen werden gevaarlijkere routes te nemen. Het aantal migrantendoden aan de grens steeg navenant. Door verdrinkingen in de rivier en vooral door uitdroging en zonnebrand in de woestijn of het struiklandschap van Texas.

Niet alle doden worden gevonden. Vorig jaar waren het er zeker 432, aldus de Internationale Migratie Organisatie (IOM).

Trump heeft gezegd dat hij Mexico, vroeg of laat, wil laten opdraaien voor de kosten van zijn muur. Die zouden kunnen oplopen tot wel 15 miljard dollar. Mexico wijst dat pertinent af. President Enrique Peña Nieto – net als Trump een mediagenieke zakenman die aan de macht kwam met de belofte het land als een bedrijf te runnen – heeft al genoeg problemen.

Peña Nieto is impopulair door corruptieschandalen, het aanhoudende criminele geweld en economische tegenwind. Ook kreeg hij binnenlands kritiek toen hij tijdens de Amerikaanse verkiezingscampagne Trump ontving in Mexico-Stad.

Als kandidaat viel Trump de zuiderburen meermaals aan als „verkrachters” en „criminelen”. Zijn kritiek op het Noord-Amerikaanse vrijhandelsverdrag tussen beide landen verdiepte de malaise van Mexico de afgelopen weken verder. Na elke Trump-tweet over de kwestie neemt de peso een duik.

Doorvoerland zijn kost bovendien al veel. In Mexico onderschepte Midden-Amerikanen moeten worden opgevangen en teruggevlogen. Uit de VS gezette Mexicanen moeten worden begeleid bij hun terugkeer. Die gerepatrieerden krijgen in hun thuisland geen warm welkom. Velen hebben grote moeite zich hier weer aan te passen, legt padre Francisco Gallardo van het opvanghuis in Matamoros uit. „Ze zijn helemaal veramerikaniseerd. Dan komen ze hier en vragen: waar staan de wasmachine en droger? Dan vraag ik: ‘Hoe deed je de was, voordat je naar de VS vertrok?’ In een watertje, of in een wasserette, antwoorden ze dan. En dan zeg ik: ‘Nou, welkom, terug in Mexico’. Het kost zeker twee, drie jaar voor ze hier weer een beetje geaard zijn.”

Onder president Obama (2009-2017) steeg het aantal uitzettingen fors. In acht jaar zette zijn regering circa 3 miljoen mensen uit. Een recordaantal. Generaal b.d. John Kelly, Trumps kandidaat-minister voor Binnenlandse Veiligheid, beloofde vorige week in zijn hoorzitting voor de Senaat het tempo „snel op te voeren”.

Dat kan bijvoorbeeld door de definitie van een felony (de veroordeling die grond is voor uitzetting) op te rekken. Die is al redelijk ruim. Zo werd José Machado uitgezet omdat hij aangeschoten autoreed, vertelt hij in het opvanghuis in Matamoros. Machado woonde en werkte, met tussenpozen, sinds 1997 in de VS. Hij liet in Miami zijn vrouw en drie kinderen achter. „Mexico is niks. En Trump gaat hier véél banen kosten. Als ik weer probeer binnen te komen en ze pakken me, ga ik de cel in. Ik moet al twintig jaar over mijn schouder kijken. Ik ben er zo moe van.”

John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore/AFP

Colonia La Palma, VS

„De vrees uitgezet te worden, is enorm gegroeid sinds Trumps verkiezing”, zegt Daniel Flores, bisschop van Brownsville, in het zuidelijkste puntje van Texas. Deze tweede zondag van januari staat de mis in het teken van Driekoningen. De drie wijzen komen uit het zuiden: Balthasar, Melchior en Caspar zijn drie Mexicaans-Amerikaanse jochies met kartonnen kroontjes van de Burger King op.

„Iedereen behoudt hier een sterke emotionele band met thuis”, legt monseñor Flores na afloop uit. „Maar ze zijn ook zéér Amerikaans. Ze omarmen hun nieuwe land en weten hoeveel schade uitzettingen aanrichten. Die verscheuren families.”

Bovendien zijn Mexico en Midden-Amerika de afgelopen jaren veel onveiliger geworden. „Als je jongeren terugstuurt terwijl er zoveel bendegeweld is, breng je hun leven in direct gevaar. De uitzettingen zijn een intrinsiek kwaad. Niet heel veel anders dan iemand naar een abortuskliniek rijden.”

Flores’ bisdom is het armste van de VS en de armste parochie erbinnen is La Palma. De nederzetting bevindt zich ongeveer tien kilometer van de grens met Mexico. Het is officieel Amerika, maar de realiteit is Mexicaans. De wijken heten er colonias, zoals Mexicanen ook de sloppen aan de andere kant van de grens noemen.

De kolonisatie gaat in stappen: nieuwe bewoners wonen eerst in oude trailers. Dan gaan ze dollars verdienen voor stenen. Ze metselen de een na de andere muur om hun trailer. Tot ze deze eruit kunnen rijden en een huis hebben. Een sluipende reconquista van land dat tot 1845 al Mexicaans was.

Sinds je dit artikel las, is/zijn er:

0
0
0
0
0
0
0

Bron: BTS, CPB, DEA, DHS (2015, 2016)

Veel bewoners hebben niet de juiste papieren. Onder hen is Lorena Rojas, die sinds zeventien jaar in de streek woont. Deze middag werkt de 51-jarige Mexicaanse in het naaiatelier, een sociaal project van een nonnenorde in de colonia. Haar vier kinderen hebben papieren. Zij en haar man niet . „Ik rijd zo min mogelijk auto, en als ik het al doe, houd ik me aan alle regels. Maar mijn man moet om werk te vinden, wel veel op pad. Het is mijn grootste angst, dat wij gepakt worden: en de kinderen dan?”

Ook Yazmin Vargas leeft in onzekerheid. Zij is één van de ruim 750.000 zogenoemde Dreamers. Vanaf 2012 gaf de regering-Obama illegale adolescenten kans op een tijdelijke verblijfstatus, opdat ze naar school konden blijven gaan. Vargas woont sinds haar zesde in de VS, is inmiddels een twintiger. Maar pas als Dreamer voelde ze zich helemaal geaccepteerd. „Ik kon voor het eerst deze strook grensland verlaten en voorbij Falfurrias [een controlepost 70 mijl van de grens, red.] reizen. Alsof ik het licht zag.”

Om in aanmerking te komen voor dit DACA-programma gaven Dreamers wel allerlei persoonlijke gegevens op. „Ik vraag me af of dit slim is geweest”, zegt Vargas. Elke twee jaar moet ze haar aanvraag vernieuwen. De DACA-administratie zou onder Trump kunnen gaan dienen als een zwarte lijst, is de vrees van veel Dreamers. „Ik ben bang, ja. Maar ik heb die angst het grootste deel van mijn leven gekend. En, mocht ik uitgezet worden; mijn tijd als Dreamer is het waard geweest.”

Zuster Norma Pimentel, die in het nabijgelegen McAllen een opvangcentrum voor migranten leidt, vreest de toekomst ook. „En de huidige situatie is al niet best. Veel mensen weten het niet, maar Obama deporteerde ongekend veel migranten. Hij deed dat stilletjes. Bij Trump is alles een show.” Mogelijk, zegt ze, houdt hij het aantal uitzettingen gelijk en gaat hij er alleen meer dan Obama ruchtbaarheid aan geven. „Dat is mijn enige hoop.”

Chapa Ranch, VS

De vallei rond de Rio Grande – die de Mexicanen de Río Bravo noemen – is altijd poreus geweest. Tijdens meerdere oorlogen tussen Mexico en de VS trokken hier hele legers voorbij. Gedurende de Drooglegging kwam via deze route drank de VS binnen. Een groot deel van de twintigste eeuw staken dagloners elke ochtend probleemloos over om Amerikaanse akkers te bewerken en keerden ’s avonds terug. Er is zelfs een veerpont, met de hand voortgetrokken: de enige internationale ferry op de grensrivier. Al is de vraag hoe lang nog.

Alberto Chapa heeft het gebied langzaam zien militariseren. Hij bezit aan de Amerikaanse kant van de rivier een uitgestrekte ranch, samen met nog vijf neven. Hun stamboom voert terug op Giovanni Bautista Schiapapria, een handelsreiziger uit Genua die begin 17de eeuw met de Spanjaarden meekwam. „Onze familie heeft in al die eeuwen onder wel zes verschillende vlaggen gediend.”

Vlak achter hun ranch loopt het grenshek. Dat bestaat hier uit roestige, drie meter hoge, tien centimeter brede palen. Nabij hun terrein houdt het hek echter abrupt op. „En omdat mijn buurman zijn ranch wel heeft afgezet, vormt ons land een soort trechter.” Bijna elke nacht steken migranten Chapa’s ranch over.

Regelmatig moet hij helpen. „Een keer vond ik een Hondurese jonge vrouw. Ze was haar groep kwijtgeraakt en helemaal verbrand door de zon. Haar baby was door iemand anders meegenomen en ze was in paniek. Ze probeerde in het brushland een nestje voor zichzelf te maken, om iets van schaduw te vinden.”

Chapa wil zijn terrein niet afrasteren. De grenswacht heeft nu een blimp in zijn achtertuin geplaatst, een soort weerballon die vanaf tientallen meters hoogte het gebied met camera’s en sensoren in de gaten houdt. „Beter dan de helikopters die eerst hele tijd overvlogen.”

Hij snapt het wel. „De mensensmokkel is een heel andere ball game geworden.” Hij treft steeds vaker ongure types op zijn terrein. „Mannen met tatoeages in hun nek. Met dure laarzen en blinkende gespen op hun riemen. Gangsters.” Maar zegt hij ook: „Dit is zo’n complex probleem, dat los je niet met alleen meer bewaking op.”

Matamoros, Mexico

De georganiseerde misdaad in Mexico zal verheugd zijn over Trumps beleidsplannen, zegt Oscar Hernández. De antropoloog doet voor het Colegio de la Frontera Norte, een kennisinstituut betaald door de federale regering, onderzoek naar migratie.

Elk stukje grens in Mexico wordt gecontroleerd door een bepaald drugskartel, legt hij uit in een bar in Matamoros, een van de steden aan de grens waar de drugsoorlog al jaren hoog oplaait.

Niemand mag langs deze overgang (plaza in karteljargon) smokkelen zonder een piso (tol) te betalen. De plaza’s worden door de drugskartels veroverd en verdedigd met grof geweld. Ze vechten met de regering, maar ook vaak onderling.

Vroeger hielpen coyotes, individuele smokkelaars, migranten de grens over. Die romantiek is al jaren weg. „De mensensmokkel is verweven geraakt met de georganiseerde misdaad”, zegt antropoloog Hernández. „Deze handel is veel te lucratief: je kan migranten op zoveel manieren uitbuiten. In de prostitutie, voor kinderporno, hun organen of dwangarbeid. Je kan ze ontvoeren, vasthouden en hun familieleden losgeld vragen.”

Het bangst zijn de migranten voor de Zetas. Deze paramilitaire groep kwam op als gewapende tak van het Golfkartel. De Zetas splitsten zich af en zijn nu een volwaardig kartel dat zelfs voor Mexicaanse begrippen als extreem gewelddadig geldt. Naast drugssmokkel specialiseren ze zich in groepsontvoeringen van migranten. Regelmatig loopt dat uit op moordpartijen.

Meer uitzettingen en meer grensbewaking zullen de winsten van de kartels alleen maar vergroten, voorspelt Hernández. „Mensensmokkelaars hebben een sluitend bedrijfsmodel: ze winnen altijd.”

Een kilo cocaïne kan je maar één keer over de grens smokkelen. Als hij onderschept wordt, ben je hem kwijt. Een migrant daarentegen, kan je als hij gepakt of uitgezet wordt, nog een keer verhandelen. Dus: „Hoe meer bewaking en uitzettingen, hoe hoger de omzet.”

De straatbendes die drugskartels aansturen in Midden-Amerika zullen nog meer jongeren kunnen bedreigen. Die zullen daardoor nog vatbaarder worden voor de ronselaars van de smokkelnetwerken. Waardoor de kartels van een constante stroom migranten verzekerd zijn. De oorlog die al woedt om de plaza’s en routes zal verder oplaaien. „En de noodzaak dit geweld te ontvluchten zal alleen maar toenemen.”

Ook Abigail werd in Honduras regelmatig lastig gevallen door bendeleden, zegt ze. Toen het nu 16-jarige meisje vorig jaar opnieuw zwanger raakte, vatte ze, als veel landgenoten, het plan op om naar de VS te gaan. Met een baby in de buik en haar peuter op de arm, begon ze de reis. In Chiapas, in zuidelijk Mexico, raakte ze de rest van haar reisgezelschap kwijt. Moeder en kind redden het tot Monterrey, een stad in het noorden. Daar werden ze onderschept.

In Matamoros zit ze sinds augustus in een opvanghuis van de gemeente. Haar baby kwam in december ter wereld. Ze heeft maar hier politiek asiel aangevraagd, vertelt ze, nerveus aan haar krullen draaiend. Als ze dat krijgt, kan ze naar familie elders in Mexico toe. En dan? „Gewoon opnieuw naar de VS, natuurlijk.”

John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore//AFP
John Moore//AFP