Column

Ik zeg ja tegen peutermelk

Moest ik nou wel of geen peutermelk geven? Deze week werd een onderzoek gepubliceerd waarbij 318 kinderen tussen de 1 en 3 jaar dagelijks gewone koemelk kregen of Nutricia peutermelk met extra ijzer en vitamine D. Resultaat: na 20 weken was in de groep die Nutricia-melk kreeg het aantal kinderen met ijzer- en vitamine D-tekort aanzienlijk teruggelopen, veel meer dan in de groep die koemelk had gekregen. De studie was volledig betaald en mede ontworpen, georganiseerd, gefaciliteerd en opgeschreven door Nutricia. Het Voedingscentrum reageerde fel: de onderzoekers presenteerden een schijnoplossing. Ze hadden moeten benadrukken dat ouders hun kinderen vooral een gevarieerd dieet met genoeg vitamines en mineralen moesten voorschotelen, dát was de echte oplossing. Niet die wondermelk die bijna drie keer zo duur is als gewone koemelk. Ook het consultatiebureau adviseerde me keurig volgens het boekje „lekker een bekertje koemelk” te geven.

Afgelopen week rondde ik het manuscript af voor mijn boek over voedseltechnologie. Het onderzoek dat ik aanhaal, is bijna zonder uitzondering gesponsord door belanghebbenden. Was diepvriesgroente net zo voedzaam als vers? Jazeker, concludeert Iglo. Was diepvries duurzaam vergeleken bij vers? Hartstikke duurzaam, concludeert Frosta. En was het verschepen van Nieuw-Zeelandse appeltjes naar Europa vervuilender dan lokale appeltjes? Welnee. ‘Food miles’ was een onzinnig, simplistisch en achterhaald concept, zeiden de Nieuw-Zeelandse landbouworganisaties in koor terwijl ze nog een paar containers op een vrachtschip takelden.

Op een bepaald moment dacht ik toch werkelijk op een onafhankelijk diepvries-onderzoek te zijn gestuit. Authors declare no conflicting financial interests, stond erbij. Ik bedelde bij de auteurs om een pdf’je en besloot toch nog even naar de sponsors te vragen. Dat is niet leuk om te doen. Je vraagt eigenlijk: zou het kunnen dat jullie onderzoek gekleurd is? Dat jullie niet helemaal zuiver op de graat zijn? Het bleek allemaal gewoon betaald te zijn door de American Frozen Food Foundation. „Maar we hebben ons onderzoek onafhankelijk uitgevoerd”.

Noem me naïef, maar ik geloof ze wel. Ik geloof inderdaad niet dat die onderzoekers de boel zitten te flessen. Ook dat peutermelk-paper is geen nepnieuws. Ik denk dat veel onderzoeksgeld van de industrie gewoon nuttig onderzoek oplevert dat onze gezamenlijke kennis vergroot en we de industrie moeten aansporen om meer, niet minder geld in onderzoek te steken. Nu ben ik zelf ook gekleurd: mijn promotieonderzoek werd gesponsord door Nestlé. Dat ging niet over een onderwerp dat zij als reclame konden gebruiken dus het lag allemaal minder gevoelig. Het leverde een set nieuwe mutanten en kennis en inzichten op die ik deelde met andere onderzoekers. Ik geloof dat mijn eigen vurige hoop op duidelijke en nieuwe en belangrijke en reproduceerbaare en publiceerbare resultaten een grotere, potentiële bron van kleur in mijn papers was dan de betrokkenheid van ’s werelds grootste levensmiddelenbedrijf.

Toch zit ik tijdens het schrijven van mijn boek regelmatig met de handen in het haar. Wat moet ik met zo’n Iglo-studie? Hoe schrijf ik die resultaten op? Als ik advies vraag is dat altijd hetzelfde: openheid en duidelijkheid verschaffen. En dat is ook belangrijk, maar tegelijkertijd te makkelijk. Daarmee verleg ik het probleem naar de lezer. Moet die nou peutermelk geven of niet? Verder weet ik dondersgoed dat er wel degelijk onderzoeksuitkomsten worden beïnvloed door geldschieters. Niet van het kaliber ‘uw dokter adviseert Camel-sigaretten voor een betere digestie’. Maar wel van het kaliber ‘Een combinatie van sport en een vetarm dieet levert gewichtsverlies en gezondheidswinst op’. Die bewering is waar. Maar toch is het misleidend als Coca-Cola dat concludeert. Want minder cola drinken levert nog veel meer gezondheidswinst op.

Ik kan u alleen mijn eigen conclusie geven als consument, als moeder: ik geef mijn zoon straks gewoon peutermelk. Én een gevarieerd dieet met weinig cola. Het zal hem aan niets ontbreken. Uiteindelijk zitten bij het Voedingscentrum ook gekleurde mensen. Stel je voor dat je je hele carrière hebt gewijd aan het zorgvuldig formuleren van onafhankelijke voedingsadviezen en het bestrijden van de zoete troep die de industrie onze jeugd probeert aan te smeren, en dat je jarenlang ouders hebt geprobeerd te bewegen de strijd met hun peuters aan te gaan en ze genoeg spinazie en vis te laten eten. En dan komt er zo’n irritant onderzoekje voorbij dat zegt: je kunt ook gewoon Nutricia wondermelk geven, duur maar makkelijk en net zo goed. Ik zou daar ook chagrijnig van worden. Misschien zou ik het zelfs een „schijnoplossing” noemen.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.