Column

Doe maar warme melk

Ooit bestond er een product op de Nederlandse markt dat ‘braderije’ heette. Dat was geklaarde boter, wat je tegenwoordig op Indiase wijze ‘ghee’ zou noemen. Boter met bijna al het vocht eruit gehaald. Ik ken iemand die vanwege culinaire ambities heel veel behoefte had aan dit product, maar het woord ‘braderije’ niet uit haar mond kreeg, zo lelijk vond ze het. Als je het haar hoorde zeggen, begreep je inderdaad ook hoe lelijk dit woord is. Dan zou je denken, ga naar een supermarkt, dan hoef je niets hardop uit te spreken. Ze was eigenlijk tegen supermarkten, want grootkapitaal, maar besloot puur voor de braderije dan toch maar de Albert Heijn in te gaan.

Weer andere mensen die ik ken, hielden heel erg van corned beef. Zij spraken dat uit als ‘cornd bief’, zoals de Engelsen het uitspreken. Bij hun slager werd het als ‘cornèt bief’ uitgesproken. Omdat zij het niet over hun hart konden verkrijgen om ook cornèt te zeggen, en omdat ze ook niet als snobs bekend wilden staan, bestelden ze maar iets anders.

Ik vind dit alletwee ontroerende, maar ook nogal rare voorbeelden. Wat maakt een woord nou uit? Dan zal je ‘cornèt’ zeggen. Of: dan zal je als snob overkomen.

Tot ik er zelf mee te maken kreeg. En op de meest vervelend Randstedelijke manier ooit. Ik ben, moet u weten, wel eens met mijn peuterzoontje in een koffietent. Omdat hij mijn koffie wil drinken en dat niet mag, bestel ik wel eens warme melk voor hem. En omdat ik niet de enige ben die dat doet, is er een apart woord voor bedacht. En dat woord is ‘babyccino’. Ik kan dit woord niet aan. Wat daar achter zit weet ik niet. Waarschijnlijk iets calvinistisch, iets over dat echt goede moeders zelf een bekertje met drinken bij zich zouden hebben. Maar goed, de babyccino dus. Ik zeg dan iets als: „En nog graag een bekertje warme melk.” Verwarring bij het personeel. „Een babyccino?” zeggen ze aarzelend. „Ja, dat.”

Omdat ik het bedienend personeel niet met mijn eigen kinderachtige probleem wil opzadelen, heb ik laatst toch maar babyccino gezegd. Maar dan zo: „En dan nog een, nou ja, een ‘babyccino’.” Ik hoopte dat de aanhalingstekens opgepikt werden. Maar nee.

Paulien Cornelisse is cabaretier en schrijver.