Column

Roem regeert

Bianca Stigter

Ze zeggen wel eens dat reclame ook een kunstvorm is, en inderdaad, sommige reclames zijn zo mooi of zo grappig dat het wel zo lijkt. Zeker als het doel niet is meer auto’s of parfum te verkopen, maar vluchtelingen te helpen of kindermishandeling te stoppen. Kunst zonder prijskaartje maar met een gironummer. Eind vorig jaar verscheen voetballer David Beckham in een spotje van Unicef, dat vrijwel geheel bestaat uit close-ups van zijn machtige lichaam. De tatoeages daarop zijn voor de gelegenheid aangepast; ze tonen nu kinderen die op allerlei manieren mishandeld worden, van incest tot pesten, in korte animaties. ‘Violence against children marks them forever. It’s wrong. End it,’ zegt Beckham op het eind van het filmpje.

Deze week kwam er een campagne uit met in de hoofdrol acteur Idris Elba. ‘Will you be my Valentine’, vraagt Elba in een filmpje, en belooft dat wie geld doneert aan W.E. Can Lead kans maakt op een avondje uit met de vaak als de nieuwe James Bond getipte acteur. ‘I’ll let you pound my yams’, zwoelt Elba, ‘just you and me’. Waar W.E. Can Lead voor staat kan de kijker makkelijk over het hoofd zien; in de campagne speelt, anders dan bij Beckham, het onderwerp geen rol. (W.E. Can Lead is een Amerikaanse liefdadigheidsorganisatie voor onderwijs aan meisjes in Afrika).

Wie de films geregisseerd hebben, wordt ook bijna nergens vermeld; in reclameland is dat niet gebruikelijk, en wie wil het nog weten als de mensen die in de films optreden zo beroemd zijn dat alle aandacht naar hen uitgaat. Roem regeert.

Dat doet roem natuurlijk al heel lang en zeker al in 1954, toen Billy Wilder Marilyn Monroe filmde in een witte jurk, die opwaaide dankzij wind uit een metrorooster. De scène werd opgenomen in een decor in Hollywood. De bekendste beelden zijn stills, zwart-witfoto’s genomen op locatie in New York. De opname trok veel publiek. Ook amateurfilmer Jules Schulback toog naar de Upper East Side met zijn Bolex-camera. Een paar seconden van het materiaal dat hij toen schoot, zijn nu voor het eerst te zien, op de website van The New York Times.

Op de Marilyn Monroe-expositie in de Nieuwe Kerk is het reserve-exemplaar van de jurk te zien die Marilyn in 1954 droeg. De ‘echte’ jurk werd onlangs geveild in L.A. Er gebeuren rare dingen met tijd als één moment zo uitdijt dat resten ervan op meerdere plekken te zien zijn en op allerlei tijden; alsof de tijd kubistisch is geworden. Over de opnames van die ene scène in New York en hoe die is uitgewaaierd zou een interessante documentaire te maken zijn.