Het ziet er slecht uit voor Turkije

Turkse economie Een economische recessie dreigt. Meest acute probleem is de zwakke lira. Een renteverhoging zou de oplossing zijn, maar Erdogan stelt zich steeds autoritairder op tegenover de centrale bank.

Een winkelcentrum in Istanbul. Turken hebben weinig vertrouwen meer in de lira die steeds sneller wegzakt ten opzichte van de dollar. Foto Chris McGrath/Getty

Is Turkije het slachtoffer van economische oorlogsvoering? Volgens president Recep Tayyip Erdogan wel. De dramatische val van de Turkse munt in de afgelopen maanden wijt hij aan de ‘rentelobby’, een internationale samenzwering met een antisemitische ondertoon. Daarbij trekt hij parallellen met de recente aanslagen van de terreurbeweging Islamitische Staat en Koerdische militanten, die eveneens het werk zouden zijn van buitenlandse krachten die Turkije willen ondermijnen.

„Iedereen ziet en weet dat de aanvallen op Turkije ook een economische dimensie hebben”, zei Erdogan vorige week in een toespraak in het presidentieel paleis.

„In feite is er geen verschil tussen een terrorist met een geweer of een bom in zijn handen, en degenen met dollars, euro’s en rentes. Het doel is hetzelfde: Turkije op de knieën dwingen, ons bang maken zodat we ons onderwerpen, en ons afhouden van onze doelen. Ze gebruiken buitenlandse deviezen als wapen.”

Dit soort complottheorieën lijken bedoeld om de verantwoordelijkheid voor de economische problemen af te schuiven op anderen. Het geloof dat buitenlandse krachten Turkije proberen te verzwakken is diepgeworteld in de Turkse psyche. Dit is terug te voeren op het Verdrag van Sèvres van 1920, toen het grondgebied van het zieltogende Ottomaanse Rijk werd verdeeld onder de Europese grootmachten. Erdogan weet hier als geen ander op in te spelen.

Zo hoopt hij te voorkomen dat de nakende economische crisis afstraalt op de regering. Want het ziet er slecht uit voor Turkije, tot voor kort een lieveling van buitenlandse investeerders. Na ruim tien jaar van beperkte inflatie en soms onstuimige economische groei dreigt het land in een recessie te belanden. De laatste twee kwartalen van vorig jaar was er sprake van krimp. Investeringen in Turkije zijn vrijwel opgedroogd en de werkloosheid is gestegen naar 11,3 procent.

Lees ook: Voor Turkije is 2016 een zwart jaar, over de aanslagen in Turkije.

Honderden bedrijven geconfisqueerd

De problemen zijn deels van eigen makelij, en deels het gevolg van externe factoren. De recente golf aanslagen heeft de omvangrijke toerismesector, een belangrijke bron van buitenlandse valuta, hard geraakt. Daar kwam de mislukte coup van vorig jaar zomer nog bovenop. De massale schorsingen, ontslagen en arrestaties van ambtenaren, journalisten, zakenlieden en politieke tegenstanders die daarop volgden, hebben de problemen verergerd. Honderden bedrijven die in verband worden gebracht met de coupplegers zijn geconfisqueerd door de overheid. Het vertrouwen in de rechtsstaat is tot een nulpunt gedaald.

Dit heeft er mede toe geleid dat de vooraanstaande kredietbureaus Moody’s en Standard & Poor’s vorig jaar hun rating voor Turkije verlaagden tot junk-status. Het leidde tot een felle reactie van de Turkse regering, die de kredietbureaus bestempelde als ‘putschisten’. Desondanks zal het ook het derde grote kredietbureau, Fitch, zijn rating voor Turkije eind volgende week waarschijnlijk verlagen. Dat zal het vertrouwen in de Turkse economie verder ondermijnen.

Buitenlandse investeerders maken zich niet alleen zorgen over aanslagen en politieke instabiliteit, maar ook over dieper liggende problemen in de economie. Zo heeft Turkije een structureel tekort op de betalingsbalans. Daarbij hebben Turkse banken de afgelopen jaren steeds meer leningen afgesloten in het buitenland om megaprojecten van de overheid te financieren, zoals een derde brug over de Bosporus en een derde internationale luchthaven in Istanbul. Hierdoor zijn hun buitenlandse verplichtingen gegroeid van 60 naar 180 miljard dollar.

Faik Oztrak, een voormalige onderminister van Financiën die nu in het parlement zit voor de grootste oppositiepartij CHP, legde vorige week de vinger op de zere plek. „De buitenlandse schuld die we de komende jaren moeten terugbetalen bedraagt 164 miljard dollar. Dit komt bovenop het geschatte tekort op de betalingsbalans van 32 miljard dollar. We moeten dus bijna 200 miljard dollar aan buitenlandse valuta zien te vinden”, becijferde Oztrak.

„En wat zit er in de schatkist? De reserves van de centrale bank, inclusief goud, kwamen op 11 januari uit op 34,7 miljard. Dit betekent dat we slechts twee maanden kunnen uitzingen, tenzij we geld uit het buitenland vinden.”

De zwakke lira is een acuut probleem

Het meest acute probleem is de zwakte van de Turkse munt, de lira, die steeds sneller wegzakt ten opzichte van de dollar. Dit jaar heeft de lira 10 procent van zijn waarde verloren ten opzichte van de Amerikaanse munt. In de tweede helft van vorig jaar verloor de lira ook al ruim een kwart van zijn waarde. Sinds begin december roept Erdogan de Turken daarom op hun buitenlandse valuta in te ruilen voor lira’s om de val van de munt te stuiten.

Erdogans oproep leidde tot opmerkelijke acties van kleine Turkse ondernemers die hun solidariteit wilden tonen. Kappers in Istanbul gaven een gratis knipbeurt aan klanten die konden bewijzen dat ze hun dollars of euro’s hadden ingeruild voor lira’s. Een zanger uit Bagisli, een dorp nabij de Iraakse grens, maakte een videoclip waarin hij een kroon en een jasje van lira’s draagt, terwijl hij dollars in de rivier gooit. En het staatspersbureau Anadolu meldde dat in sommige Duitse steden ondernemers van Turkse komaf behalve euro’s ook lira’s als betaalmiddel accepteren.

Maar die goed bedoelde acties zetten geen zoden aan de dijk. Uit de hoeveelheid buitenlands geld die Turken op de bank zetten blijkt dat ze weinig vertrouwen hebben in hun eigen munt. Volgens de Turkse centrale bank zijn stortingen in buitenlandse valuta juist toegenomen. Dat is niet verwonderlijk. De huidige situatie roept pijnlijke herinneringen op aan de serie economische crises tijdens de jaren negentig en begin deze eeuw, toen de lira instortte en veel Turken hun spaargeld zagen verdampen.

Lees ook een interview Ahmet Yavuz, een Turkse generaal buiten dienst: ‘De opruiming in Turkije is nodig’

Erdogan hoopt ingrijpende constitutionele hervormingen door te voeren, waardoor alle uitvoerende macht in handen komt van de president.

‘Radicale renteverhoging nodig’

Door de zwakke lira dreigen grote Turkse bedrijven, die veel leningen in buitenlandse valuta hebben, in de problemen te komen. Uit een recent rapport van de centrale bank blijkt dat Turkije, na China, het land is waar de schulden van bedrijven het meest zijn toegenomen. Een belangrijke oorzaak zijn de eerder genoemde megaprojecten met een gezamenlijke waarde van 140 miljard dollar. De Turkse overheid staat garant voor deze projecten, waarvan de prijzen zijn geïndexeerd in dollars of euro’s.

De enige manier om de val van de lira te stuiten is volgens analisten en investeerders een radicale verhoging van de rente door de centrale bank. Dat is in het verleden ook gebeurd. Toen Turkije begin 2014 geconfronteerd werd door een scherpe daling van de lira, verhoogde de centrale bank van de ene op de andere dag de rente met 4,25 procent. De munt steeg daarna snel in waarde.

De vraag is of dat nu weer gaat gebeuren. De centrale bank is weliswaar onafhankelijk sinds de crises van eind jaren negentig. Maar Erdogan stelt zich steeds autoritairder op. Daarbij is hij fel tegen hoge rente, omdat die de inflatie zou aanwakkeren. Hij ziet lage rente als een middel om de consumptie aan te jagen en economische groei te bevorderen. Bovendien heeft zijn AK-partij nauwe banden met bouwbedrijven en vastgoedontwikkelaars die juist gebaat zijn bij een lage rente.

Erdogans aanhoudende kritiek op de verhoging van de rente maakt investeerders zenuwachtig. Ze vrezen dat de centrale bank niet langer onafhankelijk is. Erdogan bezweert dat dit wel degelijk het geval is, maar dat het hem vrij staat kritiek te leveren. Toch lijkt de speelruimte van de centrale bank beperkter dan voorheen. In plaats van de rente te verhogen nam de bank onlangs enkele indirecte maatregelen om de nationale munt te versterken, zoals het verlagen van de limiet voor banken om geld te lenen op de interbancaire geldmarkt.

Maar investeerders hopen op drastischer maatregelen. Of de centrale bank dit aandurft zal wellicht op 24 januari blijken. Dan staat er een cruciale vergadering over monetair beleid op de agenda. De uitkomst daarvan kan ook grote politieke gevolgen hebben. Want Erdogan hoopt ingrijpende constitutionele hervormingen door te voeren, waardoor alle uitvoerende macht in handen komt van de president. In de lente zal hierover een referendum worden gehouden.

Erdogan lijkt net genoeg steun te hebben voor dit plan. Maar zijn populariteit is deels gebaseerd op de economische groei en de toegenomen welvaart van de afgelopen jaren. Een economische crisis zal wellicht roet in het eten kunnen gooien.