Daar is-ie weer: Franse crime

De Franse misdaadfilm, ooit dominant, maakt een comeback op het IFFR.

Braqueurs van Julien Leclercq, 2015 Foto David Koskas

Gilles Renouard, hoofd van filmexportbureau Unifrance, had vrijdag slecht nieuws voor ons in Parijs. In 2015 verkocht de Franse film slechts 34 miljoen tickets in het buitenland, een daling van 69 procent. De reden? „We zijn gaan rekenen op buitengewone films als Lucy of Taken, die 20 tot 30 miljoen kaartjes verkopen”, zuchtte Renouard. Aan superhits uit de filmfabriek EuropaCorp van Jean-Luc Besson, die dit jaar droogstond. Een nichesucces als Elle hielp onvoldoende.

Trailer Le Convoi

Luc Besson versloeg als regisseur met films als La Femme Nikita en Léon ooit Hollywood op eigen terrein; zijn studio EuropaCorp doet dat op industriële schaal met The Transporter en Taken. Maar naast EuropaCorps Hollywoodimitatie bestaat er een oudere, in de Franse realiteit gewortelde traditie van urbane, sociaal-politieke misdaadthrillers, die nu elders tussen filmfestival en popcornbios belanden.

Trailer Une affaire d’état

IFFR-sectie Criss-Cross biedt een dwarsdoorsnede. Ik zag twee kleinere titels, beide sterk: Le convoi, waar Noord-Afrikaanse chaoscriminelen aan het ripdealen slaan op de snelweg, en Une affaire d’état, dat zich afspeelt in een diep cynisch, in postkoloniale intriges sudderend Parijs. Zou die fatalistische Franse misdaadtraditie, ooit dominant met Melville, Delon, Belmondo en Ventura, weer in de mode raken? Ooit raken we uitgekeken op Scandinavisch misdaadmoralisme.