Burgerrechten en de blues

Muziekdocumentaires op IFFR
Op het IFFR is de fascinerende muziekdocumentaire ‘Two Trains Runnin’’ te zien – over de rol van muziek in de Amerikaanse burgerrechtenbeweging.

De blues leeft nog altijd in het muziekprogramma Scopitone van IFFR.

‘Ku Klux Klan welcomes you’ staat op een bord langs de kant van de weg. Welkom in het Mississippi van 1964, een cruciaal jaar in de geschiedenis van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging. Ondanks hevige tegenwerking van de Republikeinen wordt de Civil Rights Act aangenomen, een wet die segregatie verbiedt. Zuidelijke staten trekken zich er weinig van aan, waarin ze gesteund worden door de racistische gouverneur Wallace. Bij demonstraties van de burgerrechtenbeweging slaat de politie er hard op los.

Pottenkijkers

Tegen deze achtergrond speelt de fascinerende documentaire Two Trains Runnin’ zich af, die gratis wordt vertoond op het International Film Festival Rotterdam, waar de film te zien is in het muziekfilmprogramma Scopitone. De film brengt de geschiedenis van de burgerrechtenbeweging samen met die van twee groepjes blanke studenten die in de zomer van 1964, Freedom Summer, in Mississippi op zoek gaan naar twee oude bluesmuzikanten van wie al decennia niets meer vernomen is. De folkrevival van begin jaren zestig had een grote interesse in oude blues en folk uit de jaren twintig en dertig teweeggebracht.

Trailer Two Trains Runnin

„Drie joden in een Volkswagen met New Yorkse nummerborden. We waren ofwel moedig, dan wel dom en ongeïnformeerd”, zo blikt een van hen terug op hun reis. Het drietal besefte niet hoe onwelkom ze waren in Mississippi, dat pottenkijkers uit het Noorden vol wantrouwen bekeek. Los van het historische wantrouwen jegens Yankees had dat te maken met de ongeveer duizend blanke jongemannen die die zomer naar het Zuiden waren getrokken om te helpen met de registratie van zwarte kiezers. Zij mochten voor het eerst stemmen, maar dat werd hun lastig gemaakt met allerlei bureaucratische obstakels.

Two Trains Runnin’ werkt toe naar 21 juni 1964, de dag waarop de vergeten bluesgrootheden Skip James en Son House worden gevonden. Op dezelfde dag worden eveneens drie verdwenen vrijwilligers, twee blank en een zwart, van het Mississippi Summer Project, dood gevonden; een daad waarvoor later meerdere KKK-leden zijn berecht. Dit verhaal stond in 1988 aan de basis van de film Mississippi Burning.

Weinig veranderd

In Two Trains Runnin’ komen politiek en muziek prachtig samen, waarbij regisseur Sam Pollard zelf parallellen trekt naar het heden. Hij eindigt zijn film met beelden van de onrust in Ferguson en de vaststelling dat het zwarten vandaag de dag weer uiterst lastig wordt gemaakt te stemmen. Vijftig jaar na dato is er niets, of in ieder geval te weinig, veranderd.

Two Trains Runnin’ zit vol schitterend archiefmateriaal, zoals het onvergetelijke optreden van een oude Skip James op het Newport-festival, waar hij met zijn onaardse falset een door merg en been gaande versie van zijn bekendste nummer Devil Got My Woman zingt. Even memorabel zijn de livenummers van Son House en andere vergeten maar indertijd net weer herontdekte blueshelden als Fred McDowell en Mississippi John Hurt.

Drie joden in een auto met New Yorkse nummerplaten, we waren heel moedig of heel dom

De zwarte muziek staat natuurlijk niet stil. De laatste tien jaar bestaat er in de hiphop een nieuw fenomeen, de zogenaamde ‘street battles’, waarbij witte nerds in Engeland het in rijmvorm en al freestylend opnemen tegen zwarte rappers. Wie de ander het beste verbaal beledigt – en het gaat er hard aan toe – is de winnaar. De documentaire War of Words, ook te zien op het IFFR, laat zien hoe alle betrokkenen via deze World Rap Championships hun opgekropte agressie kunnen sublimeren. Hun inventieve scheldraps worden enorme hits op YouTube. Platen uitbrengen loont niet meer, dus doen ze mee aan goedbetaalde, muzikale ‘straatgevechten’.

Wellicht gaat over dertig jaar een groepje studenten op zoek naar de meesters van deze tegen die tijd misschien weer vergeten kunstvorm.