Interview

‘Mislukken was geen optie’

Karim Aachboun, Fiscalist

Fiscalist Karim Aachboun, die na een in de media breed uitgemeten incident vertrok bij KPMG Meijburg, doorbreekt voor het eerst het stilzwijgen. Hij had succes, maar moest „opkrassen” toen hij de top van Meijburg te dicht naderde.

Karim Aachboun schrok van Meijburg-bestuurder Cnossen. „Hoe zou jij je voelen als er iemand met gebalde vuist op je afstormde?” Foto Frank Ruiter

‘Fuck, hoe fantastisch is het dat ik hier überhaupt bij mag zijn?”, dacht Karim Aachboun (30), toen hij in 2008 als trainee voor het eerst door de met marmer beklede gangen van fiscaal advieskantoor KPMG Meijburg in Amstelveen liep.

In de jaren erna werkte de Marokkaanse Nederlander zich op tot fiscaal adviseur van multimiljonairs én miljardairs met een uurtarief van 500 euro. Hij vroeg zich vaak af waar hij het aan verdiend had. Hoe het kon dat Johan Cruijff hem belde over fiscaal advies voor FC Barcelona-spelers. Hoe hij, een migrantenzoon die opgroeide in Utrechtse volksbuurten, aan tafel belandde bij Louis Vuitton-topman en multimiljardair Bernard Arnault.

Natuurlijk kwam dat door het prestigieuze KPMG Meijburg, het „Ajax onder de belastingadviseurs”. En door Meijburg-partner Ad Aerts, de topfiscalist uit Heemstede die hem „als een echte leermeester” onder zijn hoede had genomen. Maar het moest ook met hemzelf te maken hebben. Met zijn mantra ‘mislukken is geen optie’, met zijn commerciële inzicht en fiscale slimmigheden.

„Ik wilde altijd een succesvolle zakenman worden en iets met cijfers doen. Maar dat ik hier in deze competitie terecht zou komen, had ik niet durven dromen”, zegt Aachboun. Razendsnel maakte hij carrière. Begin 2015 – op zijn 28ste – was hij al in de running voor een commerciële toppositie bij Meijburg.

Maar begin 2017 ziet zijn leven er anders uit. In maart twee jaar geleden werd Aachbouns leermeester Aerts na een lovende speech over zijn pupil bijna aangevallen door Meijburg-bestuurder Wiebe Cnossen. Dat incident luidde het met tumult omgeven vertrek van Aerts én Aachboun in. Meijburg trachtte tevergeefs de kwestie stil te houden: de affaire werd breed uitgemeten in De Telegraaf, Vrij Nederland, Trouw en NRC.

Aachboun sprak niet met de pers. Eén keer wil hij zijn verhaal doen, tegenover NRC. In het luxueuze Amstel Hotel, waar Aerts en hij geregeld lunchten met de Quote 500-miljonairs die zij van belastingadvies voorzagen. „Na een jaar van veel publiciteit is het tijd om iets van mij te laten horen.”

Dit is zijn verhaal in zes episodes.

1 Jeugdjaren

„Mijn opa kwam in 1970 naar Nederland als gastarbeider en heeft dertig jaar in de bouw gewerkt. Toen mijn vader zestien was geworden, maakte ook hij de oversteek, en werkte eveneens dertig jaar in de bouw. Hij wist niet beter.”

Voor haar eerste zoon had Aachbouns moeder een heel ander pad in gedachten, vertelt Aachboun. Al vroeg op de basisschool zag ze dat Karim een aparte jongen was. Natuurlijk, ook hij voetbalde – met zijn matje gemodelleerd naar de Italiaanse voetballer Roberto Baggio. Maar hij hield ook van rekenen. „Het viel op dat ik weinig moeite hoefde te doen in de klas. Mijn moeder zag dat als een gevaar: dat ik laks zou opgroeien en niets met mijn talent zou doen. Op aandringen van mijn moeder hebben mijn ouders de beslissing genomen om veel tijd en geld in mijn opleiding te steken.”

Aachboun, de oudste van vier kinderen, hield zich staande in Utrechtse volksbuurten. Zijn familie woont er nog steeds. Hij doorliep het vwo zonder problemen en koos voor de studie fiscale economie aan de Universiteit van Amsterdam. „Ik was nog nooit buiten mijn stad geweest en wist van niets. Dus ik nam mijn moeder mee naar de introductiedag. Ik kan me nog herinneren dat ik daar binnenkwam en er Engels werd gesproken. Eerstejaarsstudieboeken waren ook allemaal in het Engels. ‘Hoe ga ik dit überhaupt voor elkaar krijgen?’, dacht ik. Maar ik moest slagen. Mislukken was geen optie.”

2 De leermeester

Veel studiegenoten stortten zich in het Amsterdamse studentenleven, maar Aachboun bleef thuis wonen en richtte zich uitsluitend op studeren. Vier jaar later, op zijn 21ste, stapte hij afgestudeerd het statige kantoor van KPMG Meijburg binnen, als trainee. In een gloednieuw C&A-pak liep hij daar opeens tussen corporale types die geen Karim, maar Wiebe, Jurgen of Gert-Jan heetten. Daar stond hij tussen de crème de la crème van fiscaal Nederland, waar zelfs de belastingzaken van de Oranjes geregeld werden.

Hij had geen idee wie die man was die al in de eerste week op hem afstapte en naar zijn ambities vroeg. Wel dat hij gedreven moest overkomen. „Topfiscalist worden en aan de top van het bedrijfsleven werken”, antwoordde Aachboun vol bravoure. „Nou, dan is er nog veel werk aan de winkel”, kreeg hij terug.

De man was Meijburg-partner Ad Aerts, een gerenommeerd belastingadviseur en belast met het vinden van talenten, intern ‘witte raven’ genoemd. Een week later stond Aerts ineens aan Aachbouns bureau. Of hij even wilde meekomen. Ze reden samen naar een kleermaker in het centrum van Amsterdam, waar Aachbouns te ruim zittende C&A-kostuum werd ingeruild voor een strak gesneden maatpak. Een paar dagen later nam Aerts hem mee naar de kapper, waar de resten van zijn Baggio-matje achterbleven.

Aerts trok Aachboun mee naar het Rijksmuseum om hem cultuur bij te brengen. En naar sterrenrestaurants voor etiquetteles. „Wist je dat je aardappels niet mag snijden maar met je vork hoort te eten? Dat stamt uit de tijd dat het lemmet van het mes van ijzer was en in contact met de aardappel oxideerde.”

3 Het succes

Aachboun noemt als een van zijn succesfactoren het zelfbedachte ‘kwadrantdenken’, waarbij hij als een schaker door het leven probeert te gaan en alleen zetten doet waar hij en zijn cliënten beter van worden. Een andere succesfactor was het vertrouwen van Aerts en de manier waarop die hem zonder vooroordelen wegwijs maakte in een compleet andere wereld. „Mensen binnen Meijburg vergeleken ons met de hoofdpersonen uit de film Intouchables.”

De twee groeiden steeds verder naar elkaar toe, zegt Aachboun. Niet alleen omdat hij een aardige kerel was. Hij kon iets wat weinigen kunnen: Aachboun haalde diverse nieuwe klanten uit het topsegment binnen. Hun namen haalde hij uit de Quote 500, de Nederlandse rijkenlijst.

Vastgoedondernemers, grootaandeelhouders, familiebedrijven: velen kregen een belletje van Aachboun en verscheidenen hapten toe. Zichtbaar trots vertelt hij over de e-mail die hij kreeg van een prominente vastgoedfamilie met de tekst ‘Je hebt niet alleen woorden, maar ook daden’. „Nou, dat betekent dat je goed bezig bent. Cliënten geven niet zo snel complimenten. Ze betalen al zo goed, dus verwachten ze ook dat je goed werk levert.”

Enthousiast vertelt hij over hoe hij samen met Aerts – „Wij waren echt een gouden koppel”- een belangrijke rol speelde bij de komst naar Amsterdam van het Europese hoofdkantoor van de Israëlische chemiereus ICL, waar ook premier Mark Rutte voor lobbyde. „Dat heeft echt iets zichtbaars opgeleverd: driehonderd nieuwe banen voor de Nederlandse economie.”

Zijn ster steeg met elke nieuwe klant. Want ook al liep Aachboun inmiddels in Hugo Boss-pakken en kon hij meepraten over Hollandse meesters en het wagyurund, het draaide bij Meijburg uiteindelijk om het binnenhalen van zo veel mogelijk omzet.

4 Het conflict

Op dinsdag 24 maart 2015 hield Aerts ten overstaan van tientallen mensen van zijn afdeling een lovende speech over Aachboun, die voor de tweede keer in korte tijd een Nederlandse familie uit de top van de Quote 500 had binnengehaald. Maar kort daarna zwaaide de deur van Aerts’ kantoor open en stormde Wiebe Cnossen, een van de drie Meijburg-bestuurders, schreeuwend en met gebalde vuist binnen: „Karim, opkrassen! Karim, opkrassen!”

Aachboun snelde de kamer uit, op zoek naar hulp. „Ik keek om en zag dat Cnossen met versnelde pas op Aerts afliep en hem bijna neersloeg.” De toespraak was Cnossen ter ore gekomen en hem in het verkeerde keelgat geschoten. Hij vond dat Aachboun te veel lof kreeg toegezwaaid en hij voelde zich gepasseerd door Aerts, bleek later uit processtukken.

Aachboun stond buiten te trillen op zijn benen. „Het was alsof ik net een marathon had gelopen. Ik had echt paniek. Hoe zou jij je voelen als er iemand met gebalde vuist op je afstormde? En niet zomaar iemand, maar de bestuurder?”

Aachboun wist niet wat hij moest doen, ging naar huis en meldde zich ziek. Na tien dagen had hij genoeg moed verzameld om weer neer kantoor te gaan. Maar behalve Aerts deed iedereen daar alsof er niets was gebeurd. Het duo vroeg bestuursvoorzitter Wilbert Kannekens diverse malen om een bevestiging dat agressie zoals die van Cnossen niet was toegestaan, zegt Aachboun. Kannekens weigerde dat.

„Dan gaat het in je hoofd spoken hoor. Ik sliep slecht en bleef maar denken: ‘Komt er nog wat? Komt er nog onderzoek?’ In het begin probeerde ik dat weg te stoppen, maar dat kan niet oneindig.”

In mei begreep Aachboun dat hij bij een naderend functioneringsgesprek beoordeeld zou worden door een partner voor wie hij niet had gewerkt. En dat die beoordeling, ondanks zijn commerciële successen, negatief zou zijn. Ook over Aerts heerste opeens ontevredenheid.

„Toen realiseerde ik me dat het lelijk zou worden. Ze wilden het agressie-incident in de doofpot stoppen en karaktermoord plegen door ons weg te zetten alsof we niet presteerden. Maar zeg nou eerlijk: hoe groot is de kans dat de twee slachtoffers, die al jaren multimiljonairs en miljardairs bedienen, van de ene op de andere dag allebei niet meer functioneren?”

5 De rechtszaak

Meijburg begon begin 2016 een ontslagzaak om Aachboun op straat te zetten en huurde daarvoor Ferdinand Grapperhaus, bestuursvoorzitter van Allen & Overy, in. „Toen wist ik: ik zit goed”, zegt Aachboun. „Ze komen er niet uit, want anders ga je niet de beste arbeidsrechtadvocaat van Nederland inschakelen.”

De rechtbank Amsterdam oordeelde dat Meijburg „ernstig verwijtbaar” had gehandeld jegens Aachboun rond het agressievoorval en de nasleep daarvan. Van Meijburg had „verwacht mogen worden dat Cnossen op zijn gedrag was aangesproken”. Meijburg werd veroordeeld tot het betalen van 75.000 euro schadevergoeding aan Aachboun.

Niet genoeg, vond hij, zeker niet toen hij hoorde dat hij op het punt stond promotie te maken. „Mijn voordracht tot commerciële topman is door dat agressie-incident gesaboteerd.” Aachboun kondigde hoger beroep aan en Meijburg besloot de zaak te schikken. Dat Aachboun bijna een miljoen euro zou hebben gekregen – zoals De Telegraaf schreef – noemde Meijburg eerder „kul” tegenover NRC.

Aachboun mag er vanwege de geheimhouding waarvoor hij tekende niets over kwijt. „Ik kan alleen zeggen dat ik tevreden ben over het bedrag.” Desgevraagd zegt hij dat de Mercedes GLE Coupé waarin hij tegenwoordig rijdt zo’n 120.000 euro kost. Ook noemt hij vier goede doelen – waaronder de Johan Cruyff Foundation – waaraan hij 6.000 euro gaat overmaken. „Ik doneer ieder jaar, maar door de schikking is de portemonnee beduidend beter gevuld.”

Omdat hij de zaak zo makkelijk won, vindt hij de racistische incidenten bij Meijburg die hij in de rechtszaal ophaalde, niet meer zo relevant. Zoals de mail ‘Minder, minder, Karim, kun jij dat voor ons regelen?’, die hij naar eigen zeggen van een partner ontving. „Ik heb die discriminatie destijds links laten liggen en me niet laten tegenhouden. Wat bereik je nou met een slachtofferrol? Uiteindelijk moet je gewoon succes hebben.”

De rechter achtte discriminatie overigens ook niet bewezen, mede omdat Aachboun succesvol carrière maakte.

6 De nasleep

Ondanks de schikking heeft Aachboun nog geen streep onder de affaire gezet. Hij vindt dat er rond zijn vertrek dubieuze dingen zijn gebeurd. Hij wijst op een recent bericht De Telegraaf, waarin staat dat het Openbaar Ministerie strafrechtelijk onderzoek doet naar Meijburg-voorzitter Kannekens vanwege het onder druk zetten van Aerts als getuige in de ontslagzaak tegen Aachboun.

Nog een voorbeeld: president Leendert Verheij van het gerechtshof Den Haag die een klacht van Aerts afwees zonder überhaupt de bijlages te hebben gelezen. Die klacht ging over Meijburg-partner Valentijn van Noorle Jansen, die tevens als raadsheer-plaatsvervanger werkt en betrokken zou zijn geweest bij het onder druk zetten van Aerts.

De afgewezen klacht werd door Meijburg gebruikt in de ontslagzaak tegen Aachboun. „Daarmee hebben ze geprobeerd de kantonrechter in mijn zaak te beïnvloeden, zo van: wat heeft u nou te melden, mevrouw de kantonrechter? De president van het gerechtshof zegt dat Aerts niet onder druk gezet is om te liegen.”

Aachboun heeft nog geen nieuwe baan. Hij zegt dat hij via LinkedIn door verschillende bedrijven is benaderd en daarmee spreekt over adviesdiensten. Met Aerts heeft hij geen contact, omdat die verwikkeld is in een arbitragezaak over een vertrekregeling. Ook zijn andere collega’s sprak hij nooit meer. „Ik mocht een keer om 17.00 uur mijn spullen komen ophalen, maar toen was de hele afdeling leeg, geëvacueerd of zo. Het is echt vervelend dat je, nadat je jarenlang met mensen dagelijks optrekt, niet eens op een fatsoenlijke manier kan zeggen: ‘Het ga jullie goed.’ Nu is het voor mij nog een open dossier, een open einde.”