Recensie

Verrassende muzikale zotternijen van Wereldband

Ze zijn vijfkoppig, maar bespelen een veelvoud aan instrumenten die ze bovendien telkens aan elkaar doorgeven. Släpstick zit vol visuele gekkigheid.

Foto Jaap Reedijk

De pianola staat vóór aanvang al te pingelen en het toneelbeeld oogt als een uitdragerij vol spullen die muziek kunnen maken. Dit is de nieuwe show Släpstick van de Wereldband die eerder onder meer faam verwierf met muzikale zotternij in theatershows rondom Ellen ten Damme en Karin Bloemen. Ze zijn vijfkoppig, maar bespelen een veelvoud aan instrumenten die ze bovendien telkens aan elkaar doorgeven. En ze beheersen ook het variétévak op lachwekkend hoog niveau, met een clownesk arsenaal aan visuele gekkigheid.

De trailer van Släpstick. De tekst gaat verder onder de video.

Släpstick, vaardig geregisseerd door Stanley Burleson, is een spectacle coupé waarin de Wereldband-mannen vaak ietwat Chaplineske mannetjes zijn die hun muzikale santenkraam presenteren met tragikomische oogopslag. In de Chaplin-song Smile tonen ze aan dat door het mondstuk van een tuba ook kan worden gezongen. Een stervende zwaan wordt, met een stemmig stukje Saint-Saëns, gered door een voorbijflitsende schaatser. Schubert wordt hoogst welluidend vertolkt met viool, klarinet, gong en een beetje piano. En stukjes uit recentere nummers, zoals Raindrops keep falling on my head en Bohemian Rhapsody, krijgen iets onbedaarlijk koddigs als ze in het Duits zijn vertaald, en opklinken in de stijl van de vooroorlogse Comedian Harmonists.

Sommige scènes kan men flauw vinden (de zanger die telkens de tekst van Unforgettable vergeet), maar dat doet er niet toe. Steeds komt er dan snel weer iets verrassends.