Specsavers opent tientallen nieuwe winkels

Oog- en hoorzorg

Opticiens maken geen woekerwinsten, zegt de topman van Specsavers. Op hoortoestellen lijdt het bedrijf nu zelfs verlies.

Foto Martijn Beekman/ANP

Al die schoenenzaken die failliet gaan – voor Specsavers is dat helemaal zo gek nog niet. Op „A1-locaties” in de winkelstraten komen ineens „panden van een mooi formaat” vrij voor de brillen- en hoortoestellenverkoper, zegt topman Remko Berkel. En, niet onbelangrijk, door de malaise in de detailhandel, die tot veel leegstand heeft geleid, valt nu beter te onderhandelen over de huur. „Met lagere huren is het net wat makkelijker om nieuwe winkels te openen.” 

Dit jaar en volgend jaar opent Specsavers 25 nieuwe winkels, kondigt de topman aan. Dat zijn er beduidend meer dan de zeven nieuwe filialen van vorig jaar. Op dit moment heeft Specsavers (omzet: 127 miljoen euro) 124 winkels in Nederland. „Ten opzichte van onze concurrenten moeten we nog een flinke slag slaan.”

‘Geen extreme marges’

In een toelichting op de plannen voor 2017 reageert Berkel op een artikel in De Telegraaf, begin deze maand. Opticiens zouden tientallen euro’s in rekening brengen voor extra opties als ontspiegelde glazen of kraswerende lagen, terwijl zij daarvoor zelf bij hun Chinese leveranciers nog geen euro betalen. Specsavers herkent zich hier niet in, zegt Berkel. „Het is volledig uit zijn verband getrokken. Als je kijkt wat restaurants voor een kopje koffie rekenen en dat vergelijkt met de inkoopprijs, zie je dat daar ook winst op zit. Specsavers is een commercieel bedrijf, uiteindelijk moet er gewoon geld verdiend worden. Maar we maken geen extreme marges.” 

Volgens hem maakt Specsavers op een bril 5 tot 10 procent winst. De prijs is grofweg als volgt opgebouwd: 60 procent gaat naar de inkoop van montuur en glazen en de tijd die de opticien en het personeel in een klant steken. 20 procent gaat naar de winkelhuur en -inrichting en 10 procent naar marketing en klantenservice. Berkel: „Als familiebedrijf nemen wij genoegen met lagere marges dan beursgenoteerde bedrijven of concurrenten in handen van private equity.” 

Op de hoortoestellen lijdt het bedrijf nu zelfs verlies, zegt Berkel. Dat komt doordat de prijzen met bijna eenderde zijn gedaald, zegt hij, én doordat Specsavers de eigen bijdrage die klanten van de zorgverzekeraar moeten betalen voor zijn rekening neemt. De verzekeraar vergoedt 75 procent van een hoortoestel, het resterende bedrag betaalt Specsaver. „Dat scheelt veel marge.”

Berkel verwacht over 1,5 jaar weer winst te maken op gehoorapparaten. „Mits ons marktaandeel blijft groeien.” Op dit moment komt één op de vijf in Nederland verkochte hoortoestellen en één op de vier brillen bij Specsavers vandaan.

Precaire relatie

De relatie tussen Specsavers en de verzekeraars is wat precair, aangezien de opticien/audicien consumenten aan het einde van het jaar steevast oproept een ‘gratis’ bril of hoortoestel te laten aanmeten als het eigen risico al verbruikt is. Ieder jaar levert dat weer gemopper op bij de verzekeraars.

Specsavers moppert op zijn beurt over nieuwe spelers op de markt die klanten aanmoedigen een gratis oogmeting bij Specsavers te laten uitvoeren en vervolgens het montuur en de glazen bij hén te bestellen. Online brillenketens werken zo, zegt Berkel, maar hij noemt ook Eyelove, met verkooppunten in Dio-drogisterijen. „Die partijen bieden geen oogzorg”, stelt Berkel. Hij sluit niet uit dat hij uiteindelijk alsnog de kosten voor de oogmeting in rekening gaat brengen voor klanten die hun bril vervolgens online bestellen. „Ik wil dat liever niet, maar als de situatie onhoudbaar wordt, ben ik daartoe gedwongen.”