Opinie

Op naar 15 maart

Ruim vier jaar nadat Rutte en zijn ploeg op het bordes stonden, kan het kabinet met tevredenheid achterom kijken, vindt onze hoofdredacteur.

Rutte II had eigenlijk veel in zich om het zesde opeenvolgende Nederlandse kabinet te zijn dat de rit niet zou uitzitten. Een niet vanzelfsprekende coalitie van PvdA en VVD die elkaar in de campagne fel hadden bestreden, zonder een meerderheid in de Eerste Kamer, die besloten om in het regeerakkoord programmapunten op een ongebruikelijke manier uit te ruilen.

Enkele keren zag het er naar uit dat het Rutte ook dit keer niet zou lukken om de eindstreep te halen. Dossiers als dat van bed-bad-brood zetten de coalitie stevig onder druk. De VVD-achterban kwam in opstand tegen de inkomensafhankelijke zorgpremie. Bij de PvdA ging men los over de strafbaarstelling van de illegaliteit. Het kabinet sloeg verschillende keren een wel erg slecht figuur, niet het minst als het ging om een zoektocht naar een verloren bonnetje bij het superministerie van Veiligheid en Justitie.

Maar ruim vier jaar nadat Rutte en zijn ploeg op het bordes stonden, kan het kabinet met tevredenheid achterom kijken. De economie groeit. De consumptie trekt aan. De koopkracht stijgt voor vele inwoners. De werkloosheid daalt. Nederland heeft straks een begrotingsoverschot. En hoewel het kabinet niet slaagde in cruciale dossiers als dat van een noodzakelijke belastinghervorming, slaagde het wel om ten minste een begin te maken met structurele hervormingen op de woningmarkt, de arbeidsmarkt en in de langdurige zorg.

Dat dat alles gebeurde in een wereld waarbij de euro op zijn grondvesten daverde, de Britten besloten de EU te verlaten, ons continent geconfronteerd werd met een nooit geziene humanitaire- en vluchtelingencrisis, Nederland in het bijzonder een erg pijnlijke MH17-ramp moest verwerken en de regering moest laveren tussen boze Groningers en ontgoochelde Oekraïene-stemmers geeft de prestatie van het kabinet Rutte II alleen maar meer glans.

Zoals uit deze bijzondere bijlage van onze Haagse redactie blijkt, mag veel van dat alles worden toegeschreven aan het handige politieke talent van minister-president Mark Rutte. Hij wist zijn coalitiegenoot Diederik Samsom zo strak te omhelzen dat deze finaal verstikte, en hij slaagde erin om, op enkele uitzonderingen na, alle andere fractievoorzitters te verleiden en voor zijn politieke kar te spannen.

Op 15 maart weten we hoe de Nederlandse kiezer de prestaties van dit kabinet beoordeelt. In deze bijlage en uitgebreider op nrc.nl/regeerakkoord kunt u opzoeken hoe het regeerakkoord per onderdeel is uitgevoerd. Rutte II sluit de boeken in een wereld waarin het gedrag van de kiezer in een uitdijend partijlandschap minder dan ooit voorspelbaar is geworden. Want, zoals enkele bladzijden verder in deze bijlage wordt opgetekend, ook dat is een erfenis die dit kabinet nalaat: het wantrouwen onder de kiezers in politiek en establishment was nog nooit zo groot.

Peter Vandermeersch