Niet alles is goud wat er blinkt bij Trump

Goudprijs

Gezien zijn interieurs is Trump een liefhebber van goud. Paradoxaal genoeg zou het edelmetaal kunnen lijden onder zijn bewind.

Trump Tower in New York. Foto Drew Angerer/Getty Images/AFP

„Als ik gekozen word, dan zou ik waarschijnlijk wel naar het Witte Huis kijken, en het een beetje verbeteren.” Dit zijn de woorden van Donald Trump, die vrijdag wordt ingezworen als president van de Verenigde Staten. Ze gaan niet over het Witte Huis als symbool voor het landsbestuur, maar over het Witte Huis als vastgoedobject. „Een beetje verbeteren” slaat hier dan ook op herinrichten, en half Amerika houdt zijn hart vast.

Nu kan enig troost worden gevonden in het feit dat de officiële gedeelten van het huis van de Amerikaanse president niet of nauwelijks voor verandering in aanmerking komen: daar ligt zeer veel vast. Maar de woonvertrekken, daar mag wel wat aan gebeuren. En wie inmiddels een kijkje heeft genomen in Trumps huidige onderkomens weet dat het trefwoord dan ‘goud’ is. Veel goud. Overal. Tot, zo werd deze week gesuggereerd, aan de douches toe.

Deze week bereikte de goudprijs voor het eerst sinds eind november vorig jaar weer 1.200 dollar per troy ounce (31,1 gram). Aanvankelijk leek de goudprijs nogal negatief te reageren op Trumps verkiezing, en kelderde van 1.275 dollar naar 1.131 dollar eind vorig jaar. Dat had weinig met Trump zelf te maken: dit lijkt een periode te zijn waarin goud tegengesteld aan de koers van de dollar fluctueert: hoe sterker de dollar, hoe zwakker het goud, en andersom. En aangezien de dollar nogal aantrok in afwachting van een nieuwe golf van Reaganomics (een combinatie van economische stimulering en hogere rentes), ging het goud naar beneden.

Toen daarna de verwarring toenam over Trumps daadwerkelijke economische beleid, daalde de dollar weer wat, en kon goud herstellen. Dat was deze week in het klein ook weer zo. Wie hoopte dat op Trumps eerste persconferentie meer duidelijk kwam over wat hij nu precies van plan is, werd teleurgesteld: geen flinter informatie kwam er. En dus daalde de dollar weer, en klom goud woensdag weer door de grens van 1.200 dollar.

Goud en dollars: goede vrienden?

Dollarzwakte en goudkracht, hoe hardnekkig dit verband ook vaak wordt gelegd, zijn zeker niet altijd boezemvrienden. Er zijn twee periodes waarin ze sterk samenhingen. De eerste was tussen halverwege 1979 en half 1987. Dat is de periode die begon met de aanstelling van Paul Volcker als hoofd van de Amerikaanse centrale bank, waarna met hoge rentes, en ten koste van een forse recessie, de inflatie van de jaren zeventig uit de economie werd geknepen.

Hier wordt overigens de tegenwoordige analogie met Trump gelegd. Toen Ronald Reagan begin 1981 aantrad als president, kreeg Volckers hogerentebeleid gezelschap van een forse begrotingsstimulans: de belastingen gingen fors omlaag. Reagans belangrijkste adviseur, Arthur Laffer, verdedigde dit door te stellen dat lagere belastingen een zodanige extra economische groei teweeg zouden brengen dat de begroting er per saldo uiteindelijk geen last van had en er zelfs op vooruit zou gaan. Deze Laffer-curve duikt nu weer op bij Trumps adviseurs. Steve Mnuchin, de aanstaande minister van Financiën, is er een aanhanger van.

Het beleid dat stimuleren én hoge rentes combineerde, resulteerde destijds in een dollarkoers die door het dak ging: als de euro toen bestaan had, dan was de koers op het hoogtepunt van 26 februari 1985 nog maar 0,64 dollar per euro geweest.

Het inmiddels beroemd Plaza-akkoord, dat jaar gesloten tussen de grote industrielanden in het New Yorkse Plaza-hotel, bracht de dollarkoers daarna weer terug op aarde. Trump was toen al, in een andere hoedanigheid, in de buurt. Hij kocht het Plaza Hotel in 1988 voor ruim 400 miljoen dollar – een gewaagde deal die wellicht bijdroeg aan zijn bijna-faillissement begin jaren negentig.

De tweede periode van samenhang tussen dollar en goud vond plaats tussen half 1998 en half 2008. Dat is in wezen de periode tussen twee grote financiële crises: die van Azië, Rusland en de ondergang van het hedgefonds LTCM en die van Lehman Brothers, tien jaar later.

Eerst zien, dan beleggen

Breekt er nu weer zo’n tijdperk aan? Voor wie denkt in goud te gaan beleggen is die vraag belangrijk. Een Reagan-achtig succes voor Trump zou, als de geschiedenis zich herhaalt, geen aanbeveling zijn. Succes voor Trump kan slecht uitpakken voor goud – een gezien ’s mans voorliefde een paradoxale uitkomst.

De mist rond het beleid is nog dicht. Sinds de opkomst van Exchange Traded Funds (ETF’s) kan de kleine belegger wel in goud terecht. Maar kijk goed uit hoe: er zijn brave ETF’s die de goudprijs op de voet schaduwen.

En er zijn wilde varianten. Ter waarschuwing in bijgaande grafiek de koers, dit jaar, van Direxion Daily Junior Gold Minders Index Bull 3x Shares. Een hele mond vol voor een belegging met hefboom in goudmijnen. Alleen voor wie beschikt over geld om mee te gokken, en stevige ingewanden.