Mijn mannelijke collega’s zijn belust op seks, schrijft Belgische oud-minister

Nieuw boek

Oud-minister Jacqueline Galant doet een boekje open over haar ervaring op de werkvloer. „Mannen met macht hebben nu eenmaal nood aan affectieve erkenning, en dat gebeurt ook via het kruis.”

Jacqueline Galant tijdens een bijeenkomst met haar collega-ministers uit andere Europese landen Foto: Olivier Hoslet/EPA

‘Wie heeft de grootste?’ Dat is wat haar mannelijke collega’s vooral bezighoudt, schrijft de Belgische ex-minister van Mobiliteit Jacqueline Galant in een nieuw boek, waarin ze afrekent met de politieke cultuur in haar land.

Amper een jaar na haar ontslag – na een schandaal rond de onveiligheid op vliegveld Zaventem – spaart ze niemand in haar boek Galant, je vous dis merde!

De meeste mannelijke politici met wie ze werkte, zijn belust op seks, schrijft ze. „Mannen met macht hebben nu eenmaal nood aan affectieve erkenning, en dat gebeurt ook via het kruis.” De verhalen over ‘bijklussen’ op de werkvloer zijn volgens Galant legio. „Veel politici aarzelden niet om in hun kabinet hun broek uit te trekken voor een intiem momentje met een assistente, een minnares of een toevallige verovering.”

Haar partij, de Franstalige liberale MR van premier Charles Michel, distantieert zich van het boek, dat door de krant De Standaard wordt omschreven als ‘wraakoefening’. Hoewel ze geen namen noemt, vreest de krant La Libre Belgique dat Galant „politieke zelfmoord” pleegt. Ook andere grote kranten in Vlaanderen pakken flink uit met Galants boek.

‘Onnozelaars en ridicule ego’s’

Galant schetst een „hypocriet wereldje” bevolkt door „onnozelaars en ridicule ego’s” die tot alles bereid zijn voor een foto in de krant. Ze schrijft ook over haar vader, oud-politicus Jacques Galant. „Ik hield van hem en ik haatte hem.” Ze verafschuwde zijn veroveringsdrang – „blondines, brunettes, jong, minder jong, dik, dun”, voor vader Galant was het nooit genoeg.

De geruchten over haar eigen amoureuze avonturen doet Galant af als leugens. „Als ik met al die vermeende minnaars geslapen zou hebben, vraag ik me af waarom ik nog geen voorzitter van de Europese Commissie ben.”