Cultuur

Interview

Interview

Peter Bakker: „Bedrijven moeten open worden over hun risico’s door klimaatonvriendelijke activiteiten.”

Foto Merlijn Doomernik

‘Accountants zullen de wereld redden’

Peter Bakker

Het is een kwestie van tijd dat bedrijven net zo hard zullen worden afgerekend op duurzaamheid als op andere prestaties, zegt de oud-topman van TNT, nu directeur van de World Business Council for Sustainable Development.

Peter Bakker: „Bedrijven moeten open worden over hun risico’s door klimaatonvriendelijke activiteiten.”. Foto Merlijn Doomernik

Peter Bakker wrijft over zijn buik. „De burger Bakker weet best wat goed voor hem is. Maar als ik zo meteen in de kantine sta, neem ik dan een broodje kroket of een salade? Ik weet dat het niet goed is voor het klimaat, maar een weekendje weg met easyJet voor 38 euro is erg verleidelijk. Voor een paar tientjes kan ik de wereld aan gort vliegen. Waarom zou ik dat niet doen? Het is toch veel leuker om naar Reykjavik te gaan dan naar Giethoorn?”

Bakker is een marktdenker: alles draait om vraag en aanbod. Gedrag van consumenten wordt gestuurd door economische prikkels en reclame. Als we de wereld willen veranderen, moeten bedrijven de weg wijzen. En die ambitie heeft Bakker: de wereld veranderen. „De aarde gaat er aan. Wat we nodig hebben is een radical change of everything.”

Vijf jaar geleden trad de ex-topman van post- en koeriersbedrijf TNT aan als hoogste baas van de World Business Council for Sustainable Development (WBCSD), een samenwerkingsverband van ruim 200 grote bedrijven die zich inzetten voor duurzame ontwikkeling. Geen denktank maar een doetank, zegt Bakker. Hun projecten streven naar realisering van negen van de zeventien doelen van de Verenigde Naties om de wereld voor mens en milieu te verbeteren. Denk aan hongerbestrijding, schoon water en actie tegen klimaatverandering.

Bakker leidt een organisatie met schaal en prestige. De deelnemende bedrijven zijn wereldspelers, met in totaal 19 miljoen werknemers en 8.500 miljard dollar omzet. Een greep uit de leden: Apple, Bayer, Ford, Monsanto, Siemens. Ze betalen een lidmaatschap van 75.000 Zwitserse frank (70.000 euro) per jaar en worden uitsluitend vertegenwoordigd door hun bestuursvoorzitter.

De WBCSD houdt kantoor in een modern universiteitsgebouw in Genève, vlakbij het Europese hoofdkantoor van de VN en tegenover het gebouw van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. De werksfeer is informeel. Jonge mensen werken in glazen ruimtes. Bakker haalt de bezoeker zelf op bij de receptie. Nederlands spreekt hij weinig, soms moet hij zoeken naar het juiste woord.

Niet echt een fijne naam, WBCSD.

„In de praktijk hebben we het over WBC, dat is al iets beter. We hebben geen geld voor een naamsverandering. We bestaan al 22 jaar, mijn voorganger is de oprichter. Toen vertegenwoordigers van het bedrijfsleven werden weggehoond bij de Earth Summit in Rio in 1992 dachten ze: wacht even, wij kunnen als bedrijven wel degelijk een positieve bijdrage leveren. Toen ging het om bewustwording. Die tijd is voorbij. Klimaatverandering is geen geloof meer, het zijn feiten. Nu gaat het om oplossingen.”

Hoe draagt de WBCSD daaraan bij?

„Door wetenschappelijke informatie te verzamelen, op basis daarvan doelen te formuleren, bedrijven over te halen mee te doen en ze te begeleiden bij de uitvoering. We meten ook continu de behaalde resultaten. Het gaat vooral om het bereiken van voldoende schaal. De wereld gaat niet veranderen door nog meer pilotprojecten. We zijn geen lobbyclub en geen talkshop, zoals het World Economic Forum in Davos. Het heeft waarde om elkaar te leren kennen, maar bij ons gaat het om uitvoering.”

De organisatie wordt geleid door bestuursvoorzitters. Waarom?

„Als je over transformatie wil praten, moet je de top van het bedrijf hebben. Een beetje peer pressure werkt ook goed. Als je waar ook ter wereld vraagt: welke CEO doet het meest aan duurzaamheid, dan zeggen ze Paul Polman van Unilvever. Hij is onze voorzitter. Ik zeg hem wel: het is geweldig om zo’n zichtbare leider te zijn, maar als we niet in staat zijn om andere CEO’s jouw voorbeeld te laten volgen ben je geen leider, maar een roepende in de woestijn. Het is heel belangrijk dat we een club van CEO’s hebben die elkaar kunnen inspireren en aanspreken.”

Spreken ze elkaar ook aan op hun activiteiten? Is het niet vreemd dat oliebedrijven en autofabrikanten lid zijn?

„Nee, als ze maar aan onze strenge eisen voldoen. Dat betekent dat ze actief zijn voor onze doelen en dat hun lobby op andere gebieden daar niet mee botst. Gemiddeld één keer per jaar hebben we hierover discussie. Na het dieselschandaal hebben we Volkswagen voor onbepaalde tijd geschorst. Dat vinden ze niet leuk, ze worden er niet graag uitgegooid.”

Een cruciale verandering die de WBCSD nastreeft is een herijking van waarde. Bedrijven moeten bij hun strategie niet alleen kijken naar winst en verlies, maar ook naar sociale en milieu-aspecten.

„Het risicomanagement van het bedrijfsleven moet opnieuw worden uitgevonden. Risico’s kunnen niet langer worden gedefinieerd als: kan de onderneming de schuld op de financiële balans wel of niet terugbetalen? Je moet ook de risico’s op sociaal en milieugebied gaan wegen en beperken. Daarnaast moeten de regels voor verslaglegging veranderen, met verplichte openbaarheid van alle investeringen en activiteiten.”

Verbreding van risicobeoordeling en verslaglegging leidt volgens Bakker tot een economische stimulans voor bedrijven om sneller te verduurzamen. „Over vijf jaar leidt een duurzaam bedrijf tot een hogere beurswaarde of goedkoper geld om te lenen. Aandeelhouders of financiers kijken naar het risico van jouw activiteiten. Als jij als pensioenfonds al je geld in kolen hebt zitten is je risico hoger. Pensioengerechtigden zeggen dan: waarom heb je ons geld in klimaatonvriendelijk spul zitten?”

Waarom zijn die regels voor verslaglegging zo belangrijk?

„Een speech waar ik nog zeer achter sta noemde ik Accountants will save the world. Regels voor het berekenen van winst en omzet liggen vast. Je kunt er creatieve dingen mee doen, maar als je wordt betrapt zit je in de gevangenis. Als ik mijn CO2-uitstoot meld kan ik elk verhaal vertellen, er is geen regel. Dat moet worden gestandaardiseerd. Dan weten investeerders waar ze aan toe zijn. Met de WBCSD kunnen we zo’n standaard realiseren. Ik ben er van overtuigd dat duurzaamheid binnenkort wordt opgenomen in de regels voor bedrijven om verslag te doen, bijvoorbeeld in hun jaarverslag. Met de beloningsparagraaf is die over risicobeoordeling de enige tekst in een jaarverslag die de raad van commissarissen tot op de komma spelt. Als ze daar niet volledig zijn, kunnen ze zelf nat gaan.”

Hoe snel kan dit veranderen?

„Dat zou binnen een jaar gedaan moeten kunnen zijn. Ik heb veel vertrouwen in een werkgroep onder leiding van Mark Carney van de Bank of England. Hij bepleit verplichte openbaarmaking van risico’s door klimaatverandering. Bedrijven moeten dan gaan aantonen wat een temperatuurstijging van maximaal twee graden Celsius, zoals afgesproken in Parijs, betekent voor hun bedrijfsvoering. Als de G20 die aanbevelingen overneemt, betekent dat een enorme stap vooruit.”

Volgende week treedt de klimaatonvriendelijke Donald Trump als president aan. Bakker voorziet vertraging voor het halen van Amerikaanse – en dus mondiale – klimaatdoelen, maar wil zich niet laten afleiden. „We moeten onze energie ergens anders op richten. Er zijn genoeg andere landen waar we mee kunnen werken.”

Gevaarlijker is volgens Bakker het historisch lage vertrouwen in het bedrijfsleven bij een breed publiek. „Het wantrouwen jegens de politieke elite geldt ook voor grote bedrijven. Globalisering is niet alleen mooi, grote groepen voelen zich buitengesloten. We moeten dat vertrouwen zien terug te winnen, anders kunnen we geen leiders zijn. De enige optie is hoofd naar beneden, hard werken.”

Topmannen en filmsterren die het licht zien leiden ook tot scepsis.

„Dat kun je alleen pareren door je gedrag te richten op wat je gelooft.”

Als topman van TNT droeg u behoorlijk bij aan de CO2-uitstoot.

„Dat klopt, bij TNT heb ik de uitstoot verdubbeld door twee Boeing 747’s te kopen en die elke dag heen en weer naar China te laten vliegen. Ik schrok toen ik de cijfers zag, dacht eerst dat het een fout was. Ik heb het niet teruggedraaid. Als je die dingen eenmaal hebt gekocht moet je ze laten vliegen. Maar ik heb wel een groot duurzaamheidsprogramma opgezet, Planet Me. TNT won prijzen op dat gebied.”

Is het persoonlijke voorbeeld belangrijk voor een topman?

„Ik vlieg veel, zeker honderd vluchten per jaar. Ik heb één auto, een Toyota Prius. Ik had na TNT de baas kunnen worden van een ander bedrijf en veel meer geld kunnen verdienen. Gelooft iemand dat ik nu net zo hard werk, maar dan voor een betere wereld? Weet ik niet. Maakt me ook niets uit, ik weet wat ik doe.

„Dit is mijn tweede Nederlandse interview sinds ik hier zit. Ik hoef niet aan iedereen uit te leggen dat we hier geweldig werk doen. Als iets klaar is kunnen we het er heel even over hebben. Maar er moet nog veel meer worden gedaan, dus laten we dat maar gaan doen.”