Column

Over dat andere

Op mijn scherm staar ik naar een leeg dossier. Een geboortedatum, geslacht en achternaam zijn de enige drie zaken die mij gegeven zijn. Deze 22-jarige vrouw heeft in de afgelopen tien jaar geen huisarts bezocht.

„Hallo, ik geef liever geen hand”, zegt ze als ik haar de hand reik. Ze ziet er vlot uit, hippe gympen, de laatste jeans en een zwart leren jack en wit t-shirt met een print van Iron Maiden. Haar gestylde blonde haren reiken tot haar schouder. „Het is toch raar dat mensen die ziek zijn, u de hele dag een hand geven? Ik bedoel, als je ziek wilt worden, dan ga je gewoon een willekeurige dokterspraktijk binnen om de dokter een hand te geven, toch?” zegt ze met een knipoog

„U wilt ziek worden?” pareer ik.

„Haha nee, ik wil niet zwanger worden, daarvoor vind ik het nog veel te vroeg. Ik zou de pil willen proberen.” Ze vertelt met dat ze nooit eerder de pil heeft gebruikt en dat ze nooit heeft gerookt. Haar menstruaties zijn regelmatig. Ze vertelt dat ze geen migraine heeft, maar dat ze regelmatig last heeft van hoofdpijn bij stress en spanningen.

„Vind je het goed als ik je bloeddruk even opmeet?” vraag ik.

“Goed hoor, welke kant?” zegt ze. „De linker, als je dat goed vindt.” Als ik de bloeddrukband spreidt en haar linkerarm nader deinst ze terug.

„Gaat alles goed?” vraag ik rustig.

„Euh.. ja, is het goed als ik mijn jas aanhoud en de band daarover heen komt?” vraagt ze voorzichtig.

Langzaam besef ik dat het niet geven van een hand aan het begin van het consult een signaal is. Dat het een relevant gebaar is in het kader van een diagnose. Dat ik een patroon begin te herkennen.

Ik wacht met antwoorden als mijn gedachtegang weer wordt onderbroken door een nieuwe vraag: „Is het echt nodig om mijn bloeddruk te meten? „Ja!”, besluit ik.

Een diepe zucht verlaat haar lichaam. Langzaam trekt ze haar jas uit. Haar arm is nu klaar voor de bloeddrukband, zij is dit nog niet. Langzaam strekt ze haar arm als ze zegt: „mag ik zo mijn arm wassen?”

„Dat mag wel, en vind je het goed als we het er daarna over hebben?”, zeg ik terwijl ik haar aankijk.

„Over de bloeddruk?”, probeert ze.

„Nee, over dat andere”, knipoog ik.

Huisarts Nabil Bantal schrijft over zijn praktijk