De Lepelaar

Op weg naar werk nuttigden we een maaltijd in restaurant De Lepelaar, onderdeel van de keten Hajé. Het gebouw stond op een bijzondere locatie: in ‘de natuur’. Volgens de menukaart kon je in het voorjaar op het terras kikkers horen kwaken, en er zaten ook lepelaars – en het lag naast de A6 en bij een benzinepomp. Het was de eerste keer dat ik in de buurt van Lelystad uit eten ging.

En de laatste keer, niet eten was gezonder.

Ik ben geen culinair recensent, maar wat ze daar onder de saus hadden verstopt en op een bergje zoetzure groente hadden gelegd, was geen schnitzel zoals je die in een wegrestaurant verwacht, maar een gepaneerde witte lap die te kort in de frituur had gehangen.

De fotograaf van dienst die tegenover me zat en gedurende de hele autorit door het kale landschap van de Noordoostpolder had geklaagd over een rammelende maag, roerde lusteloos met zijn vork door onze frietjes.

Hij vroeg: „Vind jij de frietjes wel lekker?”

De vraag verraste me.

Nee, natuurlijk vond ik dat niet, maar nog voor ik antwoord kon geven kwam de bediening in de vorm van een wat bleek meisje langs voor een praatje.

Lekker hè, zo onder een ongevraagd sausje?

Alsof iemand je tijdens een voetbalwedstrijd van je favoriete team, dat hopeloos op achterstand is gezet, aanstoot en zegt: „Leuk hè, Champions League-voetbal?”

Door het enthousiasme waarmee het gebeurde, ging ik bijna anders naar mijn schnitzel kijken. Misschien was die saus inderdaad een verbetering en was het zonder allemaal nog veel erger. Maar mochten onze frietjes alsjeblieft nog even terug in het vet? Ze ging met haar gezicht boven ons schaaltje hangen en zei dat ze in ieder geval wel lekker roken. Zo lekker zelfs dat ze betwijfelde of de koks het nog wel lekkerder konden klaarmaken.

„Laat maar”, zei ik.

Ze huppelde weg om bij een tafeltje verderop uitgebreid de hond van een Lelystads gezin te gaan aaien. De fotograaf en ik prikten wat van onze bordjes en keken naar de televisie aan de muur waarop het hoofd van Alexander Klöpping verscheen. Er was nu ook ‘Blendle Premium’, het idee was dat zij voortaan ook kozen wat jij graag wilde lezen. Niemand die daar zo behendig een dikke roomsaus van maatschappelijk engagement overheen kan gieten als hij. Ze scheppen je bord vol, je weet dat je het niet gaat op eten, maar knikt braaf als Alexander zegt dat betalen voor nieuws nog nooit zo leuk is geweest.

heeft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.