Mocht Aboutaleb coffeeshop Nemo sluiten?

Rechtszaak

De eigenaar van Nemo had 142 kilo te veel. Aboutaleb ontnam hem in 2015 daarom zijn vergunning. De Raad van State buigt zich over de vraag of hij dat mocht doen.

Nemo is open na een uitspraak van de rechter. Nu dient het hoger beroep. Foto Rien Zilvold

De gemeente Rotterdam procedeerde deze week in hoger beroep tegen de eigenaar van coffeeshop Nemo op de Nieuwe Binnenweg en Coffeeshop The Reef in een zijstraat van de Meent. Het doel: hem de vergunningen definitief af te mogen nemen. Aanleiding daarvoor was een overschrijding van de gedoogvoorraad van 500 gram met 142 kilo netto aan cannabisproducten, aangetroffen bij de inval van een politieteam op 26 januari 2015.

Burgemeester Aboutaleb vindt de overschrijding van de gedooghoeveelheid zo groot dat niet het gebruikelijke coffeeshopbeleid van toepassing is, maar een clausule in de horecanota. Daarin staat dat wanneer er sprake is van ‘slecht levensgedrag’ van een exploitant de burgemeester al diens vergunningen kan intrekken.

Maar de vraag is of deze clausule van toepassing is. Volgens de advocaat van de softdrugshandelaar, mr. Ilonka Kamans, is dat niet het geval. De hoeveelheid aangetroffen softdrugs is de gebruikelijke handelsvoorraad die nodig is om beide coffeeshops zes weken te bevoorraden, zei Kamans. Van beide coffeeshops is bij de gemeente en de politie bekend dat ze de grootste van Rotterdam zijn met een totale maandomzet van een miljoen euro.

Eén van de redenen dat ze zo groot zijn is volgens de eigenaar dat de gemeente de afgelopen jaren in totaal al 16 coffeeshops gesloten heeft. „Daardoor heb ik meer klanten gekregen waardoor meer voorraad nodig is.”

Als hij zijn vergunningen verliest moet Nemo dicht omdat er volgens de gemeente al genoeg coffeeshops op de Nieuwe Binnenweg zitten. The Reef kan wel over op een andere eigenaar. Eén van de andere verklaringen van de eigenaar voor de grote voorraad is dat hij een groot assortiment producten heeft, zo’n dertig verschillende soorten wiet en hasj. „Sommige producten zijn schaars. Dus je moet er een voorraad van aanleggen.”

De rechtbank oordeelde eerder in deze zaak dat Aboutaleb de beide coffeeshops niet mocht sluiten met gebruikmaking van de clausule in de horecanota, omdat het coffeeshopbeleid van de gemeente al voorziet in maatregelen bij een extreme overschrijding van de handelshoeveelheid softdrugs. Een extreme overschrijding is er een van meer dan 20 kilo. In dat geval kan de gemeente de coffeeshop per direct voor drie maanden sluiten. Dat is hier ook gebeurd.

De rechters van de Raad van State vroegen tijdens het hoger beroep deze week waarom de gemeente Rotterdam daarbovenop ook nog gebruik wilde maken van de clausule in de horecanota waarin de maatregel tegen slecht levensgedrag van de exploitant geregeld is. Volgens de advocaten van het kantoor Pels Rijcken, de landsadvocaat, is dat omdat de overschrijding van de gedooghoeveelheid softdrugs zo groot was en omdat deze „professioneel verborgen” lag.

Lees ook ons commentaar over het Nederlandse softdrugsbeleid: Vastgelopen wietbeleid smeekt om politieke moed

Geen straf voor 100 kilo wiet

In de coffeeshopnota van de gemeente staat ook dat het OM de eigenaar bij een extreme overschrijding van de gedooghoeveelheid in voorarrest kan nemen. „Dat is niet gebeurd”, aldus advocaat Kamans. De lopende strafzaak tegen de eigenaar lag juist langdurig stil. Deze zomer verzocht Kamans het OM direct over te gaan tot vervolging van de coffeeshopeigenaar om een uitspraak van de strafrechter af te dwingen. In een vergelijkbare zaak tegen een coffeeshop in Hoofddorp, Superfly, waar in 2014 een overschrijding van de gedooghoeveelheid met meer dan 100 kilo aangetroffen werd, oordeelde het Gerechtshof van Amsterdam namelijk dat er weliswaar sprake was van een strafbaar feit, maar dat een straf niet gerechtvaardigd was. Reden was volgens Kamans, ook advocaat in die zaak, dat duidelijk was dat de aangetroffen voorraad nodig was om de coffeeshop te runnen. De omzet was bekend, dus de politie had dat kunnen weten.

Als de strafrechter in Rotterdam een vergelijkbaar oordeel velt over de eigenaar van Nemo, verbrokkelt de bodem onder het verwijt van burgemeester Aboutaleb dat er sprake zou zijn van slecht levensgedrag, zegt Kamans. In dat geval vraagt zij de burgemeester zijn besluit te herzien en volgt eventueel opnieuw een gang naar de rechter. „Dan is er sprake van nieuwe informatie.”