Ombudsman

Lezer schrijft: klopte die factcheck nu wel of niet?

Tal van lezers schreven over de factcheck ’50 miljoen moslims accepteren geweld’..

Ook een factcheck maakt soms meer kapot dan je lief is.

In mijn rubriek in NRC Zaterdag ging ik kort (volgens sommige lezers te kort), in op de fact check die nrc.next vorige week plaatste over een bewering van socioloog Ruud Koopmans in het Algemeen Dagblad, namelijk dat 50 miljoen moslims bereid zijn geweld te accepteren ter verdediging van de islam (overigens sprak Koopmans in het AD van ‘accepteren’ en ‘gebruiken’ door elkaar).

Over die factcheck – en het voorpagina-interview dat er de basis van was – barstte een hevige discussie los. Enkele tientallen lezers reageerden met – kritische en instemmende - berichten aan de auteur van factcheck, redacteur Binnenland Maarten Huygen, die Koopmans eerder interviewde voor NRC.

Ook op de redactie van NRC liepen de meningen sterk uiteen: was dit gewoon een feit of tendentieus? Op websites verschenen kritische stukken over het interview en de factcheck. Rechts-revolutionaire sites zagen in de ophef vooral stuiptrekkingen van de politiekcorrecte elite en media.

Auteur Huygen houdt zijn conclusie staande. Hij zegt:

Ik ben puur de bewering nagegaan of ten minste 50 miljoen moslims geweld ter verdediging van het geloof accepteren. Als je dan verschillende onderzoeken raadpleegt naar de steun voor zelfmoordaanslagen kom je al snel op dat aantal. Dat blijft een minderheid, maar het is gewoon een feit.

In mijn rubriek schreef ik er dit over:

Ja, maar het punt bij zo’n statistische schatting is niet zozeer of die ‘waar is’ (of eerder kun je zeggen: goed of slecht onderbouwd), maar vooral wat het betekent. Wat zegt het precies? Hoe zit het trouwens met andere groepen? Kortom, hier heb je context bij nodig, en dan ben je er met een factcheck niet.

Nu het stof aan het optrekken is, is dat een goede aanleiding de discussie en kritiek nog eens op een rijtje te zetten. De bezwaren vallen grofweg uiteen in twee soorten. Hier zijn ze:

Methodologische. Hieronder vallen reacties die betwijfelen of de bewering van Koopmans kan worden aangeduid als ‘waar’, omdat er te veel zou schorten aan de onderzoeken waar hij zich op beroept, of omdat die onvergelijkbaar zijn. Ook de krant heeft volgens hen rijp en groen door elkaar gehaald en er een cijfermatige grabbelton van gemaakt.

Media-kritische. Hieronder vallen reacties (zoals de mijne in mijn rubriek) die niet zozeer betwijfelen of de globale bewering als zodanig ‘waar’ is, maar die zich afvragen wat een medium dat zoiets meldt (of checkt) er mee wil zeggen. Met andere woorden: waarom is het, na zestien jaar journalistieke koran-exegese en islamkritiek, opzienbarend ‘nieuws’ dat een (op een totaal van 1,6 miljard) beperkt percentage moslims wereldwijd bereid zegt te zijn geweld te accepteren om hun geloof te verdedigen?

Wat de eerste categorie betreft, daarin vallen lezersreacties als deze:

Op zijn zachtst gezegd wordt hier toch wel selectief geciteerd uit het Pew-rapport. Dat stelt bijvoorbeeld uitdrukkelijk “Muslims around the world strongly reject violence in the name of Islam. Asked specifically about suicide bombing, clear majorities in most countries say such acts are rarely or never justified as a means of defending Islam from its enemies.”

Dat stelt Huygen overigens ook al vast: het gaat om een minderheid.

Deze lezer vervolgt:

Verder valt het op dat met de 13% van de 157 miljoen Pakistaanse moslims en 26% van de ongeveer 130 miljoen Bengaalse moslims die 50 miljoen van Koopmans al lang bereikt zijn. Dus kennelijk zitten alle moslims die zogenaamd geweld accepteren om de islam te verdedigen in één van die twee landen?

Een andere lezer vindt de uitkomst zo goed als nietszeggend:

Dit percentage lijkt me veel te laag, omdat nagenoeg iedereen zal vinden dat geweld, hypothetisch gezien, soms de enige manier is om een ideaal te bereiken - kijk bijvoorbeeld naar de vele oorlogen die het Westen in het Midden-Oosten begint (en daarbij ook burgerslachtoffers maakt). [..] De stellingen dat miljoenen Nederlanders bereid zijn geweld te accepteren - ook tegen burgers - om een ideaal te bereiken is dus ook waar.

En nog één:

Verder is niet duidelijk wat er precies met geweld bedoeld wordt: gaat het alleen om zelfmoordaanslagen of wapengeweld in het algemeen? Het lijkt mij duidelijk dat er veel meer onderzoek gedaan moet worden, met name in de islamitische wereld, voordat bewezen is dat de stelling van Koopmans klopt.

Wie geïnteresseerd is in nadere exegese kan zich tegoed doen aan de uitgebreide kritieken die er inmiddels op het interview en de factcheck zijn verschenen. Bijvoorbeeld de doordachte beschouwing van antropoloog Martijn de Koning, die niet eens zozeer twijfelt aan het aantal, maar wel sterk aan de ongenuanceerde manier waar Koopmans het berekent. Onder welke omstandigheden vinden moslims geweld (en: door wie) precies acceptabel? Alleen ter verdediging of ook als aanval? En wat ís dan precies een ‘aanval op de islam’?

Of neem de repliek van filosoof-theoloog Jonas Slaats op de site Nieuwwwwij.nl. Slaats vindt de vraagstelling veel te globaal en de conclusie tendentieus. Hij draagt onderzoek aan uit de Verenigde Staten, waaruit blijkt dat moslims in Amerika militair geweld tegen burgers (,,soms”) juist veel minder (21 %) accepteren dan protestanten of katholieken (58 %), joden (52%), mormonen (64 %) of atheïsten (43%).

Ook daar kan een scepticus trouwens weer vraagtekens bij plaatsen, want bij de vraag naar militair geweld tegen burgers denken Amerikaanse moslims mogelijk allereerst aan, bijvoorbeeld, de invasies van Afghanistan of Irak. Bovendien is ‘militair geweld’ al een beperking die, bijvoorbeeld, zelfmoordaanslagen buiten beschouwing laat.

Politicoloog Jean Tillie bekritiseerde in een opiniestuk voor NRC het onderzoek eveneens, omdat Koopmans volgens hem een ongerechtvaardigde sprong maakt van ‘intolerante opvattingen’ (radicalisme) naar het goedkeuren van geweld (extremisme). Koopmans begint zijn betoog met intolerantie van fundamentalisten maar, aldus Tillie, dat is nog iets heel anders dan extremisme waarin geweld wordt goedgekeurd, laat staan gepraktiseerd.

Hier is, ten slotte, VU-theoloog Stefan Paas die in een brief vergelijkbare bezwaren uitte:

In de eerste plaats gaan de onderzoeken [waar Koopmans naar verwijst] niet over moslims “wereldwijd”, maar over moslims in een beperkt aantal westerse landen. Je kunt die resultaten niet zomaar extrapoleren.
In de tweede plaats zijn de stellingen vaag en multi-interpretabel. Wat is ‘verdedigen van de Islam’? Gaat het dan over cartoons tegen Mohammed of om kruisraketten op Mekka? In feite zeggen deze uitspraken niet veel meer dan dat deze moslims geen pacifisten zijn, en daarin worden zij vergezeld door talloze medeburgers.
In de derde plaats spreekt maar één van deze onderzoeken over “gebruiken van geweld” en dan gaat het om 11% Nederlandse moslims die een heel voorzichtige formulering onderschrijven.
In de vierde plaats worden er in deze onderzoeken verschillende percentages genoemd bij verschillende vragen in verschillende landen en in verschillende perioden. Dit samenvatten alsof 10-20% van de (radicale) moslims een en dezelfde vraag in een en hetzelfde onderzoek positief beantwoord zou hebben, is misleidend.

Ook Paas zegt dat dit nog niet betekent dat de bewering van Koopmans onwaar is, maar: ,,We weten gewoon niet wat de echte cijfers zijn.’’

Overigens: Maarten Huygen wees er óók op dat de steun voor zelfmoordaanslagen onder moslims niet toe- maar afneemt - dat lijkt mij eerder een opmerkelijk nieuwsfeit.

De Volkskrant heeft inmiddels een eigen check van Koopmans uitspraak gedaan en kwam, veelal met dezelfde bezwaren als bovenstaande, tot de slotsom dat nuance erin ontbrak.

Dan hebben we de andere categorie in de reacties, de media-critici.

Bij hen gaat het niet in de eerste plaats om de methodologie, maar om de vraag waarom media dit eigenlijk opmerkelijk vinden. Is het niet gewoon stemmingmakerij? Op zichzelf lijkt de veronderstelling dat zo’n 50 miljoen moslims (op een totaal van 1,6 miljard) geweld bij de verdediging van hun geloof (soms) accepteren, immers helemaal niet zo gek – zelfs aan de lage kant. Dat stelde schrijver (en oud-NRC-correspondent) H.M. van den Brink vast in het AD, in een reactie op het interview met Koopmans dat de aanleiding was voor de factcheck.

Koopmans zelf gaf in het interview al aan dat Nederland volgens hem veel weerbaarder moet worden. Zijn cijfer was een illustratie bij die mening. Dan gaat het dus niet in de eerste plaats om een wetenschappelijke discussie maar om een politieke en maatschappelijke agenda: het versterken of aanjagen van zorgen om de islam.

Dat blijkt ook uit de reacties. Een lezer meldt bijvoorbeeld:

Tijdens mijn lyceumtijd zei de leraar geschiedenis al dat de islam te vuur en te zwaard moest worden verbreid. Die man had het toen al door.

En een ander:

Er is al jaren geleden gezegd dat de moslims de boel gaan overnemen. Het begint er toch zo langzamerhand op te lijken. Maak ik mij ernstige zorgen om, temeer omdat ik heel lang met de mensen ben omgegaan. Ik wil niet verder uitwijden anders ben je een racist.

Nieuwwij-eindredacteur Enis Odaci schreef dan ook over ,,een malle media moslimweek’’, mede naar aanleiding van andere ophef, die over tendentieuze en alarmistische kopen over asielzoekers in de Telegraaf. Odaci vraagt zich af ,,of we ons beeld van de samenleving nog wel kúnnen nuanceren op basis van andere bronnen. Ik waag het te betwijfelen.’’

Politiseerde NRC dus vrolijk mee?

Met de factcheck gaf de krant in elk geval een stempel van feitelijke juistheid aan een opiniërende uitspraak die in plaats daarvan veel meer uitleg, context en nuancering had moeten krijgen.

En: die wat mij betreft dus ook niet geschikt was voor die rubriek. Het meest tot hun recht daarin komen concrete uitspraken waarvan de betekenis ondubbelzinnig is. Zoals deze: ‘Nieuwe dienstregeling is in heel Limburg goed uitgevoerd’, of ‘Meerderheid samenleving wil van vuurwerk af.’

Hoewel, zelfs die bleken al lastig. De eerste werd beoordeeld als ‘ongefundeerd’, de tweede als ‘half waar’. Kunt u nagaan.

Generalisaties, extrapolaties en schattingen zijn nog veel moeilijker. Dat zijn beweringen waar de krant in zulk kort bestek vaak onmogelijk van kan vaststellen of ze ‘waar’ zijn, hooguit of ze een beetje deugdelijk zijn onderbouwd. Toch duiken die geregeld op in de rubriek. Ik heb er eerder over geschreven, na een aanvechtbaar gecheckte bewering van financieel geograaf Ewald Engelen.

Mijn suggestie aan de krant zou zijn, mooi tautologisch: check alleen beweringen die ideaal geschikt zijn voor zo’n toets. Minder tautologisch: zoek zo eenduidig mogelijke, empirisch toetsbare beweringen.

Te overwegen valt ook de frequentie van de (dagelijkse) rubriek te verminderen of de inzet van mankracht ervoor te vergroten. Het gezag van een rubriek die pretendeert de waarheid vast te stellen komt te voet en vertrekt te paard.

Als het goed is, is een factcheck in NRC niet het startpunt van een oeverloze discussie, maar het einde ervan.