Commentaar

Desinformatie is het wapen, gezond verstand de afweer

Aankomend president Trump en de Amerikaanse geheime diensten ruziën al weken over de vraag of de Russen zich met computerinbraken in de Amerikaanse verkiezingsstrijd hebben gemengd. Ja, zonder twijfel, zeggen de diensten. Misschien wel, misschien niet, zegt de bijna-president. Trump wil graag wel een goede relatie met Rusland en geen hinderlijke vragen over de legitimiteit van zijn overwinning. Rusland ontkent elke betrokkenheid. Maar de jongste onthullingen die erop duiden dat Trump mogelijk chantabel is, roepen serieuze vragen op.

In de kwestie komen twee beproefde strategieën samen om een niet-zo-bevriende natie dwars te zitten. Het is al lang gebruikelijk om over en weer te proberen in elkaars computersystemen in te breken om geheimen te achterhalen over troepensterkte, wapensystemen of strategie. Het bestoken van elkaars computers heeft zo’n vlucht genomen dat de NAVO snel haar cybercapaciteit uitbreidt en vorig jaar ‘cyber’ als een apart operationeel domein heeft gedefinieerd, naast land, lucht en zee.

Veel ouder dan cyberwarfare is de methode om door de verspreiding van leugens, halve waarheden of buitgemaakte geheimen de samenleving van de tegenstander te destabiliseren. Desinformatie nam een hoge vlucht tijdens de Koude Oorlog en maakt met de toegenomen spanningen tussen Rusland en het Westen een comeback. Rusland heeft uiteraard geen monopolie op oorlogvoering met informatie, ook westerse mogendheden hebben een traditie van inmenging in buitenlandse verkiezingen.

De methodes zijn dus niet nieuw. Nieuw is wel dat de westerse samenleving er niet meer aan gewend is. Na de Koude Oorlog is gretig het vredesdividend geïncasseerd, maar met de tanks is ook de achterdocht de deur uit gedaan. Dat was prematuur, blijkt nu.

Er is nog een verschil met de Koude Oorlog. Toen probeerden beide blokken elkaars bevolking te overtuigen van de superioriteit van hun maatschappelijke stelsel. Nu lijkt de Russische propaganda vooral bedoeld om bestaande politieke onvrede en gebrek aan zelfvertrouwen in het Westen verder aan te wakkeren.

De Amerikaanse diensten gaan er van uit dat Rusland ook verkiezingen elders zal aangrijpen om onrust te zaaien. Dat is, met het oog op de Kamerverkiezingen, geen reden voor paniek. Wel is het een aansporing alert te zijn en het gezond verstand te gebruiken als wilde verhalen zonder onderbouwing in kranten of op Twitter verschijnen. Ook voor desinformatiecampagnes geldt dat de kracht van de aanvaller mede wordt bepaald door de zwakte van de prooi.