Overlevingskunstenaar in orthodox Iran

Ali Akbar Hashemi Rafsanjani

De overleden oud-president Rafsanjani was zijn hele leven een pragmaticus. Zijn dood is een tegenslag voor president Hassan Rohani.

Voormalig Iraanse president Rafsanjani in 2011 Foto Reuters

Met de dood van de Iraanse oud-president Ali Akbar Hashemi Rafsanjani is niet alleen een van de sleutelfiguren uit de recente Iraanse geschiedenis verdwenen, zijn overlijden betekent ook een ernstige tegenslag voor de huidige president Hassan Rohani. En dat op een moment dat de naar Iraanse maatstaven hervormingsgezinde Rohani juist alle steun kan gebruiken in verband met de presidentsverkiezingen van komend voorjaar.

Niet voor niets hoorde Rohani zondag bij de eersten die naar het ziekenhuis in het noorden van Teheran snelden, waar de 82-jarige Rafsanjani na een hartaanval was opgenomen. Zichtbaar ontdaan verliet hij het hospitaal. Bij de presidentsverkiezingen van 2013 profiteerde Rohani nog zeer van de steun van de nog altijd invloedrijke en politiek altijd behendige Rafsanjani.

Die sympathie voor gematigde opvattingen als die van Rohani dateerde overigens pas van betrekkelijk recente datum. Decennia lang maakte Rafsanjani gemene zaak met de aanhangers van de harde lijn. In het bijzonder met de hoogste geestelijk leider, ayatollah Ruhollah Khomeiny, bij wie hij in de jaren ’50 theologie studeerde in de stad Qom.

Rafsanjani groeide uit tot de rechterhand van Khomeiny. Hij stond bekend als iemand die charmant kon zijn maar ook meedogenloos voor wie zijn machtspositie betwistte. Kort na de omverwerping van het regime van de sjah overleefde Rafsanjani ternauwernood een moordaanslag. „Grote mannen in de geschiedenis sterven niet”, luidde het commentaar van Khomeiny.

In 1980 werd Rafsanjani voorzitter van het parlement. Ook toen al toonde hij vaak meer pragmatisme dan Khomeiny en de meeste andere theologen. Zo drukte hij zijn stempel op het economisch beleid en liet hij bewust veel ruimte voor het particuliere bedrijfsleven. In staatsbedrijven geloofde Rafsajani – telg uit een welgestelde familie van pistacheboeren – niet. Zelf profiteerden hij en zijn familie hier ook volop van mee. Rafsanjani gold als een van de rijkste mannen van het land. Velen verdachten hem ervan zijn macht te hebben misbruikt voor zelfverrijking.

Financial Times interviewde Rafsanjani in 2013 over de nucleaire toenadering tot de VS:

Een sleutelrol speelde Rafsanjani ook in de slotfase van de verwoestende oorlog tegen Irak (1980-1988), toen hij feitelijk opperbevelhebber over de troepen werd. Mede dankzij hem kon de vrede met Saddam Hussein worden getekend. Nog dit jaar verklaarde Rafsanjani in een interview dat die oorlog voor hem en de regering aanleiding vormde eigen kernwapens te overwegen. Zonder die weg uiteindelijk ooit in te slaan, voegde hij er haastig aan toe.

Na de dood van Khomeiny in 1989 steunde Rafsanjani Ali Khamenei als diens opvolger als opperste geestelijk leider. Zelf werd hij president en gaf in die hoedanigheid tot 1997 vorm aan de naoorlogse wederopbouw. Ook poogde hij in die tijd – altijd pragmaticus – betere betrekkingen met de VS op te bouwen, maar daarbij stuitte hij op fel verzet van de conservatieve geestelijken. Tot een botsing met de machtige conservatieven, Khamenei incluis, kwam het ook over het presidentschap van de radicale Mahmoud Ahmedinejad.

    • Floris van Straaten