Commentaar

Dijsselbloem spreekt te snel

Grote bedrijven moeten hun morele plicht doen, stoppen met ontwijken en hun belasting gewoon betalen. De belasting op winsten moet omhoog, de verhouding tussen werkenden en vermogenden moet eerlijker. Minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) schreef dat deze week in het AD. Hij moet de kritiek die daarop kwam, hebben verwacht. Het is lastig als een partijpoliticus een standpunt uitdraagt dat hij als minister niet altijd in praktijk heeft gebracht. In het geval van een nu door hem gewenste verhoging van de vennootschapsbelasting spreekt hij zichzelf zelfs tegen: nog vorig jaar pleitte hij voor een verlaging.

Bij Dijsselbloem wringt het niet alleen omdat hij een vooraanstaand bewindsman in de coalitie is. Hij is ook voorzitter van de Eurogroep van ministers van Financiën, waar eveneens compromissen moeten worden gesloten – en verdedigd. Met verkiezingen in zicht mag er een verschil zijn tussen de speelruimte die de bewindsman heeft, of ziet, en zijn persoonlijke overtuiging. Maar in verband met de geloofwaardigheid kan dit verschil niet al te groot zijn.

Juist Nederland is een belangrijke spil in het web van internationale belastingroutes die het ontwijkingsgedrag faciliteren waar de bewindsman zich nu tegen uitspreekt. Het kabinet wekte niet de indruk voorop te lopen met het tegengaan daarvan. Dat laatste lijkt overigens makkelijker dan het is. Hypocrisie en wantrouwen zijn de norm bij de pogingen dit in multilateraal verband op te lossen.

Voorlopig is het gevolg van deze hele internationale discussie over belastingontwijking dat er een race naar de bodem dreigt, waarbij landen beurtelings hun vennootschapsbelasting verlagen.

Maar hoe zit het met de fiscale verhouding tussen de factor arbeid en de factor kapitaal, het onderwerp waar de minister zich impliciet over uitspreekt? Los van de grensoverschrijdende bedrijven lijkt nog niet echt sprake van zeer dramatische binnenlandse verschuivingen bij de belastinginkomsten. De jongste Revenue Statistics van de OESO voor Nederland staven dit.

Voor er grote plannen komen over een verandering in de weging van de belastingheffing kan er beter meer duidelijkheid worden geschapen over de fundamentele verhouding tussen arbeid en kapitaal in Nederland.

Een van de grote onopgeloste kwesties is of zelfstandigen als ondernemer of als werknemer moet worden gezien. Dat heeft grote gevolgen voor de verdeling van het nationaal inkomen tussen arbeid en kapitaal. Onderzoek daarnaar is hoognodig voor een accurate diagnose van de huidige samenleving. Dat is wellicht beter dan eerst belasting te heffen en daarna pas vragen te stellen.