Recensie

Ode aan de zelfkritiek

Susan Sontag‘s leven was één lange things-to-do-before-I-die-list. Het toneelstuk ‘Sontag’ is een geestig portret van intellectuele zelfkastijding en eenzaamheid.

Een geestig portret van intellectuele zelfkastijding en eenzaamheid, dat is Sontag meer dan een voorstelling over het werk van schrijfster en activiste Susan Sontag (1933-2004). Sontag is hier slechts een aan haar stoel gekluisterde figuur, een geweldige rol van Ingrid Wenders, die net verlaten is door haar geliefde.

Gekwetst vult de verlaten naamloze schrijfster haar dagen met lezen, werken en sneren uitdelen. Sneren bijvoorbeeld naar haar naar liefde hunkerende zoon - „Ik weet dat jij graag boeken leest die net te moeilijk voor je zijn”.

In een essay liet regisseur Naomi Velissariou weten gefascineerd te zijn door hoe Sontags leven een lange things-to-do-before-I-die-list was en hoe het permanent wentelen in haar eigen falen er toe leidde dat ze succesvol werd. Over hun drang naar zelfverbetering jammeren alle personages in Sontag dan ook uitgebreid. Gevangen in hun eigen hoofd, en in het zwarte kader rond het podium, is relativering niet aan de orde. Hoewel Velissariou pleit voor ironieloos durven denken over je eigen falen, beseft ze gelukkig dat humor noodzakelijk is om dit verhaal op het podium te brengen.

Dankzij snedige teksten en muzikale interrupties blijft Sontag een onderhoudende ode aan de zelfkritiek. Jammer genoeg is het slot niet krachtig. Mede door de titel mist een iets concreter beeld van wie Sontag was behalve een eeuwig ontevreden auteur.