Kramer weer Europees kampioen allround, Erbanova pakt sprinttitel

Voor de 24-jarige Tsjechische, die rijdt voor een Nederlandse ploeg, is het de allereerste grote titel in haar carrière.

Foto Vincent Jannink/ANP

Spannend werd het niet, zoals het de afgelopen jaren al zo vaak niet spannend werd, op het EK allround bij de mannen. Weer Sven Kramer, nummer negen. En met gemak. Toen Jan Blokhuijsen opeens zaterdag zijn beste rit in jaren reed, een prachtige 6.16 op de vijf kilometer in Thialf, kreeg het toernooi weer wat energie. Kramer daarentegen ook, want die klapte eroverheen en keek niet meer om.

Na weer een goede 1.500 meter, een van zovele dit seizoen, deed het er eigenlijk niet toe hoe snel hij die afsluitende tien kilometer nog zou rijden. Ook daar niets nieuws. “Ik hoef niet”, zei hij voorafgaand aan die rit nog glimlachend. Hij ging alleen even meedenken wie er dan met hem op het podium zouden staan. Daar lag nog wat spanning. Het werden Blokhuijsen, die hij in een direct duel op de tien kilometer nog versloeg door, en de Belg Bart Swings. Ook geen opmerkelijke namen. Al was het wel zo dat de Noor Sverre Lunde Pedersen prima nog derde had kunnen worden, ware het niet dat hij volledig instortte en zichzelf over de finish moest slepen, zijn benen met zijn handen vooruit duwend.

Kramer is op zijn dertigste in een vorm die hij had toen hij nog wat jonger was. Het enige tikje dat hij kreeg, was vorige week op de tien kilometer tijdens de NK afstanden, van Jorrit Bergsma. Maar ook daarover kon hij niet echt in zitten. Niet na een seizoen waarin hij op de vijf kilometer dominanter is dan ooit en ook de 1.500 meter beter rijdt dan menig specialist.

Erbanova wint sprinttitel, vlak voor Ter Mors

Even, heel even mocht Jorien ter Mors nog denken aan een EK-titel sprint, de eerste in de schaatsgeschiedenis. Waar ze zaterdag nog zo teleurstelde met een voor haar doen belabberde 500 meter en een ondermaatse 1.000 meter - ook al won ze hem - reed ze zondag wel twee keer goed, vooral op die 1.000. Ze kwam uiteindelijk nog maar achttienhonderdste tekort voor de winst, die nu ging naar de Tsjechische Karolina Erbanova.

Voor de 24-jarige Tsjechische is het de allereerste grote titel in haar carrière. In 2015 werd ze derde op het WK sprint. Erbanova traint al een paar jaar in Nederland, spreekt goed Nederlands en zit ook bij een Nederlandse ploeg, Team AfterPay. Daar traint ze onder de Nederlander Dennis van der Gun. Het is ook de ploeg waar Ter Mors voor rijdt, dus ze kon ook blij zijn dat de titel in ieder geval bij de ploeg terechtkwam.

Een trotse Erbanova zei achteraf vooral heel trots te zijn voor het Tsjechische schaatsen. “Niemand wist er iets van, tot Martina [Sablikova] kwam. We hebben niet eens een ijsbaan.”

Ter Mors ‘kan hiermee verder’

Ter Mors kon tevreden zijn. Tevreden dat ze nog zo dicht bij de titel was gekomen die haar eigenlijk bij de start van dit eerste EK sprint al was toegeschreven, tevreden dat ze op de 1.000 meter 1.14 uit haar benen perste op de 1.000 meter onder omstandigheden in Thialf die dit weekend toch zwaar bleken. “Hiermee kan ik verder”, zei ze, vooral doelend op de WK sprint en vooral de WK afstanden in februari, waar ze een titel op de 1.000 en 1.500 meter verdedigt. In de aanloop daarnaartoe gaat ze het NK sprint, over twee weken, waarschijnlijk niet rijden. Maar misschien wel het NK allround. Opvallend, omdat ze zich juist nu onderscheidt op de kortste afstanden. “Misschien is het een mooie nieuwe impuls.”