Het is ochtend, en hij strooit al uren zout

Erik den Hartog bestuurt een van de 546 strooiwagens die vannacht en vandaag de wegen veiliger maken. NRC reed met hem mee. „Die sneeuwprut zie je nog wel, maar die ijzel blijft echt ongelofelijk lastig.”

Strooiwagens worden in Houten beladen bij het steunpunt van Rijkswaterstaat in Houten. Vanwege de code oranje die het KNMI heeft afgegeven zet Rijkswaterstaat ruim 500 strooiwagens in om de gladheid te bestrijden. Foto Bram Petraeus

„O god o god”. Erik den Hertog geeft een ruk aan het stuur van zijn strooiwagen en remt voorzichtig tot hij stilstaat. Dat was even een venijnig stukje, daar aan het einde van een tankstation langs de A27. Begon hij toch te glijden in de richting van een hekje in de berm. Maar Den Hertog (36) heeft scherp gereageerd: geen botsing, alleen twee spannende seconden. Terwijl de truckchauffeur weer achteruit rijdt, zucht hij. „Die sneeuwprut zie je nog wel, maar die ijzel blijft echt ongelofelijk lastig.”

Wordt iedereen door Rijkswaterstaat ontraden om zaterdag de weg op te gaan, voor één groep chauffeurs is er geen ontkomen aan. 546 strooiwagens reden er door heel het land, aangestuurd vanaf 56 laadcentra. Op vrijdagavond werd al begonnen, en het strooien ging de hele nacht door. Woordvoerder Diederik Fleuren van Rijkswaterstaat: „Als het blijft sneeuwen of ijzelen, kan het zout slecht aanhechten. Dan moet je steeds weer rondjes rijden.”

Op pad met de zoutstrooier. Foto Bram Petraeus

Dat de snelwegen inderdaad na een rondje niet zomaar ijsvrij zijn, was zaterdag te merken: er gebeurden ruim 250 ongelukken in de ochtend alleen al. Dat betekent niet dat de strooiers niet hard werken. Bij het grootste zoutcentrum van het land (vier miljoen kilo), langs de A27 in Houten, rijden de strooiwagens zaterdagochtend vroeg af en aan. Een grote graafmachine graaft langzaam de enorme zoutberg af en gooit de korrels in de trucks.

Het werk tijdens dit tot dusver extreemste weer van het seizoen zijn de meesterproef van een voorbereiding die het hele jaar duurt. Er moet 40 miljoen kilo zout ingekocht worden voor een jaar (geen keukenzout, maar zout uitgerust met een speciaal anti-klontermiddel). De trucks moeten getest worden. En omdat de belangrijkste wegen in Nederland in twee uur bestrooid moeten kunnen zijn, moeten de chauffeurs de routes leren. Fleuren: „Je wilt niet dat ze klaar zijn om te vertrekken en dan geen idee hebben waar ze heen moeten.”

In de truck van Den Hertog is het resultaat van die voorbereiding merkbaar. Ogenschijnlijk gedachteloos stuurt hij zijn wagen voorzichtig over de identiek uitziende wegen in de omgeving van Nieuwegein. Soms draait hij wat aan de knopjes op het kastje dat de strooier bedient. Rotondes rijdt hij helemaal rond, tankstations gaat hij twee keer door – één keer om het parkeerterrein heen, dan achteruit nog een keer.

De nieuwe calimiteitenmachine voor Rijkswaterstaat genaamd Lavastorm. Hij kan 15000 liter pekelwater doormiddel van kachels verwarmen toch 90 graden, en vervolgens onder hoge druk op het wegdek spuiten. Foto Bram Petraeus

De rest van het jaar werkt Den Hertog vooral als asfalteerder, voor als een weg na een ongeluk beschadigd is. Hij gaat dan op pad met dezelfde truck, die dan niet is uitgerust met een strooifunctie. Meestal ’s nachts. „Ik werk 48 weken per jaar in de nacht.”

Ook zaterdagochtend is hij al bijna twaalf uur bezig. Heel erg vindt hij dat niet: de periodes als strooier zijn leuk en gezellig, zegt Den Hertog. Je kan goed met je collega’s rondhangen in de pauzes op het laadpunt. „En mijn kinderen vinden het ook leuk om soms ’s nachts mee te rijden op de wagen.”

Toch is het werk soms zwaar. „Als je zondagmorgen wordt opgeroepen om voor de 36ste keer je rondje te rijden, dan kan het wel pittig zijn. En als je net vrij bent en het gaat weer regenen, dan kan je meteen terug. Maar ik doe het wel.”

Deze zaterdagochtend zit zijn dienst er na dit ritje op. Rond half tien wordt hij afgelost. Gaat Den Hertog dan slapen? „Nee, ik moet nog naar familie in Den Helder.” Ja, met de auto.

Foto Bram Petraeus