‘Als je flamenco speelt, slijten de nagels van je rechterhand heel snel’

Zijn etui zit vol vijlen. Van karton, van staal, van glas. Nederlands bekendste flamenco-gitarist Eric Vaarzon Morel (55) is dagelijks uren in de weer met het onderhouden van zijn nagels.

Flamenco-gitarist Eric Vaarzon Morel werd geïnterviewd door Wilfried de Jong Foto Merlijn Doomernik / NRC

Hij opent het zijvakje van zijn portemonnee, zoekt even met zijn wijsvinger en vist er triomfantelijk een afgeknipte duimnagel uit. Eric Vaarzon Morel legt hem liefdevol in zijn handpalm:

„Als je flamenco speelt, slijten de nagels van je rechterhand heel snel – veel sneller dan ze kunnen aangroeien. Ze gaan vooral achteruit door dat raspen over de snaren en dat is nou juist een techniek die ik veel gebruik. De linker duim zit achter de hals van mijn gitaar, dus die kan wèl lekker groeien. Als hij lang genoeg is, knip ik die nagel af. Kijk, deze is mooi lang geworden; ik kan er misschien wel twee nagels uit maken die ik op mijn afgesleten nagels van mijn rechterhand plak.”

Zorgvuldig slijpen

Na decennialang gitaar spelen is het veelvuldig controleren van zijn nagels voor Eric een tweede natuur geworden. Hij voelt meteen als hij een haakje heeft. Er zit een oneffenheid aan zijn ringvinger. Hij grijpt een kartonnen vijl en begint zorgvuldig te slijpen. „Onder een vergrootglas zie je gewoon een maanlandschap. Het is net als met schaatsers. Een kleine braam op de ijzers kan al fataal zijn. Ik moet net zo lang polijsten met de fijnste vijl totdat zo’n nagel weer glimt, dan heb ik geen haak meer. Mijn Spaanse leermeester Paco Peña zei het ooit tegen me: ‘Nagels zijn voor een flamencogitarist net zo belangrijk als zijn gitaar’.”

De nagels van Eric Vaarzon Morel. Foto Merlijn Doomernik / NRC

Uit zijn etui komt een minieme tube secondelijm van het merk Crazy Glue. Gekocht in New York, toen Eric twee avonden optrad met een dansgezelschap in een uitverkocht Apollo, de cultuurtempel op de 125ste straat in de wijk Harlem. „Met die superlijm plak ik zo’n afgeknipte nagel op een andere nagel. Dat spul wordt net zo hard als het epoxy waar mijn schoonvader zijn boot mee opknapt. Het is eigenlijk rotzooi. Het geeft bij het aanbrengen een chemische reactie, er komt zelfs rook vanaf.”

Schoonheidsspecialisten willen er alles van weten

Na een optreden stappen regelmatig nieuwsgierige schoonheidsspecialisten op Eric af. Ze willen zijn vingers zien en beginnen over het laten zetten van nepnagels. „Vroeger heb ik die wel gebruikt. Maar geef mij maar echte nagels. Een nagel moet ademen, dat doet zo’n nepnagel niet.

Je vaste nagel groeit toch onder die geplakte nagel door. Die lijm maakt veel kapot. Je echte nagels worden er dun van. In de zomervakantie haal ik alles eraf en laat ze twee maanden groeien. Lekker zwemmen in het zoute Atlantische oceaanwater bij Cádiz, daar worden ze keihard van.”

Vijlen alleen is niet genoeg om de nagels goed te houden. Zijn oma tipte Eric zo’n dertig jaar geleden om voor het slapen gaan een beetje laurierzalf op zijn nagelriemen te smeren. Hij geeft de tip door aan zijn leerlingen op het Amsterdams conservatorium. „In Spanje zweren gitaristen bij kalkpillen en melk. Goede voeding is belangrijk, door vitaminegebrek krijg je witte, zwakke puntjes in je nagel. Nou, kijk naar me; goed eten is geen probleem. En ik hou gelukkig ook van melk. Spaanse gitaristen spelen trouwens meer met hun nagel dan met het vlees van hun vingertoppen. Ik heb de klassieke stiel: bij de aanslag raak ik de snaar tegelijkertijd met het topje van mijn vinger en mijn nagel. Ik speel niet zo hard, ik heb een korte aanslag in de stijl van Paco de Lucía.”

Geweld van de snaren

Hoe secuur Eric ook werkt aan de conditie van zijn nagels, soms is het geweld op de snaren te heftig. Hij heeft zichzelf een techniek eigen gemaakt waarmee hij met vier vingers over zes snaren kan raggen; de extra lange nagel aan zijn pink doet dan ook mee. „Als er een danseres voor je staat, weet je: dat wordt een uitputtingsslag.

Tijdens dat lange voetenwerk van zo’n dame – soms een halfuur aan één stuk – slijten mijn nagels zo hard. Soms vliegt zo’n aangeplakte nagel er tijdens het raspen af. Kggggk! Ik ga dood. Het publiek ziet ’m zo door de lichtbundel vliegen. In de pauze kruip ik over het podium tot ik die nagel gevonden heb. Dan is het vastlijmen, laten drogen en weer door.”