Opinie

    • Georgina Verbaan

Kerstverstijving

Column Georgina Verbaan lijdt aan kerstverstijving. Daarbij kun je eigenlijk niet heel veel meer dan roken en drinken.

Twee palmbomen met kerstlampjes erin flankeerden de entree van hotel Des Indes te Den Haag. Het was koud, en de man waar ik van houd en ik stonden naast een van de boompjes te roken. Te roken, ja. Want het was kerstavond en ik leed aan kerstverstijving. Dat trad op toen ik na het kijken van de documentaires Hypernormalisation, Dirty Wars en een praatje van Noam Chomsky besefte dat ik kerst moest gaan vieren.

Ik dacht aan mijn aanstaande dood die gruwelijk zou zijn, met stikken en gangreentenen

Kerstverstijving is iets anders dan kerstverlamming. Je kunt je nog wel verplaatsen, maar houterig. Als een verwaaide reiger met de schouders naast de oren en armpjes als een Tyrannosaurus rex. Je kan dan eigenlijk niet heel veel meer dan roken en drinken. En dat zijn nou net van die activiteiten waar je de kerst wel mee door komt. Het helpt wel als men je steeds voorziet van deze zaken. Sigaret in de mond duwen en aansteken, glas in een armpje klemmen en bijschenken, je veren af en toe plat duwen. Dat soort dingen.

Ik dacht aan mijn aanstaande dood die gruwelijk zou zijn, met stikken en gangreentenen, terwijl ik een trek van het vieze stokje nam. „Is het nou des èèèèndes of gewoon des ín des?” vroeg de man. Ik wist het niet. „In de flat noemden we het vroeger gewoon des ín des” zei ik. Maar er waren daar ook mensen die elkaar uitzinnig van enthousiasme en overlopend van ongerepte liefde groetten met „Hé, ouwe kankahgek!” dus wat wist ik er van?

„Waar wordt er hier gerookt?”, vroeg hij akelig luid

Er klonk een overdreven vrolijk gefloten deuntje. Het kwam uit een man die door de draaideur naar buiten kwam alsof hij een filmploeg met draaiende camera’s verwachtte. „Waar wordt er hier gerookt?”, vroeg hij akelig luid met een tamelijk boers accent. Als er zoiets als een aura bestaat dan is dat van hem metersbreed en van ruw schurend beton gemaakt, waar hij mensen onder gevangen zet, want hij stond al rap op armslengte van ons af. T-rex armslengte. Wat zoveel betekent als ‘net niet op schoot’. „Hier”, piepte ik, ook al stond hij er al.

Achteraf denk ik dat hij werkt volgens het shock and awe-principe. Er gebeurt zoveel tegelijk dat je niet weet wat je ervan moet vinden, dus glimlach je dommig, met je korte poten. Met zijn buik naar voren vertelde hij hoe hij trainingen geeft ‘om mensen het beste uit zichzelf te laten halen’. Op de „golfcourse” onder andere. „Dan staan daar al die SUV’s en Bentleys van die Gooische vrouwtjes op een rij. Mooi man.” En dan vertelde hij ze iets – ik ben het een beetje vergeten – over hun potentieel bereiken en dan was er iets met een balletje in een hole slaan geloof ik. „Ja ha…” zei hij betekenisvol. „Want ik heb een broertje, en die is mongool”. Hij liet voor het eerst een pauze vallen. Keek even als een droevige puppy naar een palmblad. „Nou ja, die neem ik dus altijd mee. En die laat ik dan het balletje erin slaan. En dan zeg ik: Als die mongool het kan, kan jij het ook! Hahaha!” Bij de man waar ik van houd en mij trad acute kerstverlamming in. En we moesten nog twee dagen.

    • Georgina Verbaan