Hier komt Ernst-Jan Pfauth in de weekenden tot rust

Journalist en uitgever Ernst-Jan Pfauth laat feestjes in het weekend schieten om naar Woubrugge te gaan. Vrienden komen langs en blijven logeren. „Hier hebben we meer tijd met elkaar dan thuis.”

Foto: Eddo Hartmann

Jaren geleden vertelde een vriend over zijn stacaravan met tuin in Woerden. Zijn vrouw had gezegd dat ze best in de stad wilde blijven wonen, maar dan wel ergens een tuin moest hebben. „Nu ik een zoontje heb, snap ik dat”, zegt Ernst-Jan Pfauth, uitgever van De Correspondent. Toen zijn ouders vertelden over hun verhuisplannen van Alphen aan den Rijn naar Amsterdam, werd een buitenhuis onderwerp van gesprek.

Samen gingen ze op zoek, in Woubrugge vielen ze voor het uitzicht over een weiland. In de winter dauw op het gras en mooie zonsondergangen, in de zomer neemt de familie een duik in het meer. Zijn ouders zijn er vaak doordeweeks, zelf rijdt Pfauth bijna elke vrijdagmiddag die kant op om er het weekend door te brengen. Vaak rijden vrienden er de volgende dag achteraan.

De eettafel neemt de helft van het huis in beslag, lacht hij. „Eten is het enige waar ik me hier druk om maak. Op zaterdag doen we inkopen bij biologische boeren.” Soms blijven vrienden na het diner slapen. Dan zit iedereen op zondagochtend weer aan tafel, met eieren en verse sappen. De krant lezen, kletsen, beetje hangen – elk weekend voelt als vakantie, zegt Pfauth.

Dankzij dit huis kunnen we in de stad blijven wonen, het is het beste van twee werelden.

In de zomer zitten ze tot laat op de veranda. Dat doet hem denken aan Amerikaanse televisieseries waar hij vroeger naar keek, zoals The Wonder Years. „Op een schommelstoel op de veranda, met uitzicht over het water – dat vond ik zo’n romantisch beeld. Totale luxe natuurlijk dat wij dat nu hebben. Dankzij dit huis kunnen we in de stad blijven wonen, het is het beste van twee werelden.”

Op vrijdagmiddag rijdt Ernst-Jan Pfauth naar Woubrugge om het weekend buiten de stad door te brengen. „In Amsterdam hoor je de tram en toeristen. Hier is mijn zoontje de enige die voor onrust zorgt.”

Zijn ouders kochten het huis vorig jaar zomer, Pfauth betaalt huur voor de weekenden. „In het dorp groeten we sommige mensen – dat begint nu langzaam te komen. We hebben een vaste plek waar we koffiedrinken, op een terras aan het water.”

Onbelangrijke borrels en feestjes in het weekend laten ze schieten, alleen voor goede vrienden blijven ze in Amsterdam. „Woubrugge dwingt ons selectiever te zijn. Tegelijkertijd is de tijd die ik nu met mijn goede vrienden doorbreng juist kwalitatiever, intenser. Zeker als ze blijven slapen hebben we meer tijd met elkaar dan thuis. We zijn totaal geïsoleerd – geen afleiding van de stad, kroegen die lonken. Hier beleef je de avond met elkaar.”

Het buitenhuis van schrijver Koos Dijksterhuis: ‘Op Schiermonnikoog is het maar saai’

Pfauth wil ook een keer doordeweeks naar Woubrugge. „Drie dagen reflecteren: nadenken over wat ik aan het doen ben, of ik nog op de juiste weg zit en wat ik wil bereiken. Op aanraden van Tony Crabbe, schrijver van het boek Nooit meer te druk, doe ik dat het liefst twee keer per jaar. Voorheen ging ik ervoor naar Friesland, nu kan ik naar mijn eigen plek.”