Column

Het tussenbaasje

Op Oudjaarsdag kreeg ik een sms. Onze kat Streep was gevonden. Hiep hiep hoera, sowieso, maar wat dit verhaal vreemd maakt, is dat Streep al 2,5 jaar weg was. Twee en een half jaar! We hadden alle stadia van rouw al een paar keer doorgemaakt. We waren een kind en een verhuizing verder. En nu zaten we ineens in een soort kerstverhaal.

Streep was vier straten verderop gevonden door een lieve vrouw die haar de drukke weg had zien oversteken. Dat had ze op een gevaarlijke manier gedaan. De lieve vrouw had haar maar even mee naar binnen genomen, en daarna naar de dierenarts, die met twee bliepjes vaststelde dat dit een gechipte kat was, genaamd Streep.

Streep had een dikke vacht, was wat dikker, maar nog even gezellig en aanhankelijk als eerst. Ze leek ons niet te herkennen, maar ging zonder problemen mee en nestelde zich gezellig op schoot. „Puus! Puus!” zei mijn zoontje verheugd, „aai?”. En ook aai vond Streep prima.

Nu is natuurlijk de vraag: bij wie heeft ze 2,5 jaar gewoond? Ze is duidelijk verzorgd door iemand. Iemand die destijds de maandenlange briefjesactie niet gezien heeft. Niet op internet heeft gekeken. Niet heeft laten controleren of er een chip in Streep zat.

In onze omgeving lopen de meningen over het tussenbaasje uiteen. Is dit een dom persoon? Naïef? Of zelfs slecht? Er zijn vrienden die vinden dat het tussenbaasje nergens meer recht op heeft, omdat hij/zij Streep ‘gestolen’ heeft. Er zijn vrienden die het totaal anders zien, en vinden dat het tussenbaasje door ons gecompenseerd moet worden voor 2,5 jaar eten geven. Zelf dachten we dat er misschien een bezoekregeling zou moeten komen, of een soort co-ouderschap. Een vriendin die ferm in het ‘tussenbaas=crimineel’-kamp zat, vond dit belachelijk. Dus vroeg ik: „Maar wat zou het beste zijn voor Streep?”

„Katten vinden het alleen belangrijk dat er iemand brokjes geeft, maakt niet uit wie,” zei ze. En ze voegde eraan toe: „Paulien, katten kunnen niet téllen.” Ze keek erbij alsof hiermee de vraag over het gevoelsleven van katten beantwoord was.

Koning Salomon zou er eigenlijk aan te pas moeten komen. Maar vooralsnog heeft het tussenbaasje zich niet gemeld.

Paulien Cornelisse is cabaretier en schrijver