Recensie

De vermommingen van Stefano Keizers in De Slimste Mens

Cabaretier Stefano Keizers laat presentator Philip Freriks en kijkers van kennisquiz De Slimste Mens in verwarring achter.

Stefano Keizers in 'De Slimste Mens' (KRO-NCRV).

Om onduidelijke redenen wijken de spelregels van de kennisquiz De Slimste Mens (KRO-NCRV) op een cruciaal punt af van die van het Belgische origineel. Daar mag je als winnaar onbeperkt terugkeren in de volgende aflevering en is het een sport het recordaantal optredens te verbeteren. In Nederland ligt de limiet op zeven keer en dan word je verwezen naar de seizoensfinale. De kijker mocht eens genoeg krijgen van een relatief onbekend gezicht.

Daarom weten we zeker dat cabaretier Stefano Keizers in eerste instantie niet meer dan zeven verschijningsvormen nodig heeft. De eerste keer droeg hij een snor en sik, de tweede alleen een snor. Hoewel er drie of vier afleveringen op een dag worden opgenomen, zit er genoeg tijd tussen om je te scheren. Het verwarde presentator Philip Freriks, die zich bij de derde keer (zonder enige gezichtsbeharing) afvroeg of het de vorige keer dan misschien een plaksnor betrof. Keizers wees de suggestie verontwaardigd van de hand. Bij zijn vierde optreden droeg hij een ostentatief valse snor, type Groucho Marx in zijn begindagen (die het ding overigens met olieverf onder zijn neus schilderde).

Tekst gaat verder onder de video

Van de nog niet zo bekende Nederlanders die in de zeer goed bekeken quiz aantreden, wint Keizers (het wordt wel een pseudoniem van Gover Meit genoemd, maar ook dat is verre van zeker) ruimschoots de originaliteitsprijs. Want ook de biografische eigenschappen, waar Freriks in het algemeen onbekommerd uit winkelt bij de introductie van een kandidaat, nemen groteske vormen aan.

We weten dat de cabaretier vorig jaar de Wim Sonneveldprijs van het Amsterdams Kleinkunstfestival won en goede recensies kreeg voor zijn voorstelling, maar daar houdt het ongeveer mee op. Hij houdt bij hoog en laag vol directeur te zijn geweest van een keramiekfabriek in China, maar ook dat hij in Artis de volle laag urine van een Bengaalse tijger in zijn gezicht mocht ontvangen: „Dat laatste is waar, want het staat niet in mijn biografie!”

Toen hij bij een vraag naar de naam van de jeugdige zeezeilster Laura Dekker had geantwoord dat hij dat wel moest weten, omdat hij nog met haar getrouwd was geweest, gaf Freriks het op om door te vragen.

Persoonlijke weetjes over min of meer bekende persoonlijkheden zijn zo rekbaar als het internet faciliteert. Keizers lijkt met deze enige echte waarheid als een koe in het fake-tijdperk een eigen spel te spelen, een web van identiteiten dat dichotome denkers als Freriks en jurylid Maarten van Rossem in totale verwarring zou kunnen achterlaten. Zij kiezen in dit ongelijke duel eieren voor hun geld en laten het maar zo.

Op deze manier wordt het optreden van Keizers als de baron van Münchhausen een commentaar op de manier waarop televisieredacteuren voortdurend dossiers met eerdere berichtgeving over een gast recyclen. En ook indirect op de onaantastbaarheid van harde kennis in een kunstmatig quiz-universum. Jammer dat hij niet meer dan zeven (plus maximaal vijf in de finaleweek) vermommingen hoeft te laten zien.