King Roger, opgeladen voor laatste toegift

Tennis

Roger Federer (35) maakte deze week zijn comeback na een half jaar afwezigheid. „Ik hoop dat ik nog twee of drie jaar kan spelen.”

Roger Federer woensdag in het Australische Perth voor de wedstrijd in de Hopman Cup tegen de Duitser Alexander Zverev. De Zwitser verloor na drie tiebreaks. Foto BPI/REX/Shutterstock

Een struikeling van de meester, op zijn gras, in zijn theater. Wimbledon afgelopen juli, een volgepakt centrecourt baadt in de zon. Meeslepende halve finale tegen het Canadese servicekanon Milos Raonic. Begin vijfde set, Roger Federer beweegt weifelend richting net, probeert een bal te halen, maar blijft dan met de punt van zijn linkervoet haken. Hij gaat neer, zoals hij nooit eerder neerging. Onhandig, houterig – Federer als gewone sterveling.

De linkerknie, waaraan hij eerder in het seizoen is geopereerd, vangt de eerste klap op. Federer blijft tien seconden op zijn buik liggen, languit op de servicelijn, ogen op het gras gericht, stil. Hij beweegt alleen zijn linkerknie, om te voelen of het gewricht nog werkt. Zijn racket ligt een paar meter verderop, in de tramrails. De zevenvoudig Wimbledon-kampioen, verloren op het heilige gras.

De val heeft een zekere tragische symboliek, tekenen van een neergang van een groot kampioen. Hij wint nog twee games, maar verliest de wedstrijd. Goedbeschouwd is zijn jaar klaar na de val. Drie weken later wordt bekend dat hij de rest van het seizoen rust neemt. Federer, bijna een carrière lang onbreekbaar, moet herstellen, adviseren zijn dokters: zijn lichaam heeft het nodig, zijn knie heeft het nodig. Alleen dan kan hij nog een paar jaar blessurevrij mee op de tour, is de redenatie.

179 dagen afwezig

Deze week zijn rentree na 179 dagen afwezigheid. Het podium is het weinig aansprekende landentoernooi om de Hopman Cup, in het Australische Perth. Zijn doel is zoveel mogelijk wedstrijduren maken in aanloop naar de Australian Open, het eerste grandslamtoernooi van het seizoen dat over anderhalve week begint. De grote vraag die in dikke mist rond Federer hangt: waar is hij nog toe in staat, na een half jaar absentie?

Soepele zege op de onbekende Brit Dan Evans, op maandag. Opluchting bij Federer, hij is terug, pijnvrij en op zeer acceptabel niveau. De eerste serieuze test woensdag, in een strijd der generaties: het 35-jarige icoon tegen de 19-jarige Duitser Alexander Zverev, door velen gezien als de toekomstig nummer één. Spektakel, heerlijke rally’s, en Zverev die na drie tiebreaks wint: 7-6, 6-7 en 7-6.

Tweeënhalf uur tennis, serieuze tegenstand, precies wat Federer nu nodig heeft. Er zit nog genoeg olie in zijn slagen, bij momenten staat de magiër in hem op. Zijn service – schijnbaar resistent tegen ouderdom – blijft het fundament waarop hij kan bouwen, op twee dubbele fouten in de tiebreak van de eerste set na. Het kwetsbaarst is hij in langere rally’s, hij maakt veel fouten met zijn onzeker ogende backhand en rommelt met dropshots. Hij is onmachtig en passief in de baselinegevechten.

Het is nog zoeken naar regelmaat, ritme, meer explosiviteit. Maar onmiddellijk succes was ook niet te verwachten, na de lange rustperiode. Er is, kortom, nog veel werk te verrichten om in de buurt te komen van het absolute topniveau – lees Andy Murray en Novak Djokovic.

Schemerzone

Zijn terugkeer wordt gevierd, alsof het tennis niet zonder King Roger kan. Het is een van de meest besproken comebacks. Een van zijn trainingen was twee weken terug via Periscope live te volgen en trok ruim 850.000 kijkers. Een interview in The New York Times werd over meerdere delen uitgesmeerd. Bij de Hopman Cup werd het toeschouwersrecord, door zijn deelname, woensdag verbroken: ruim 13.700 fans.

Na het titelloze en grotendeels verloren 2016 – hij speelde slechts zeven toernooien en viel terug naar plaats zestien – lijkt hij opgeladen voor een toegift in de schemerzone van zijn carrière. De break heeft hem schijnbaar goed gedaan. Hij maakt een frisse, hongerige, herboren indruk. Hij is „verjongd”, zegt hij in het interview in The New York Times.

De Nederlandse tennistrainer Peter Lucassen zag van dichtbij hoe Federer zich voorbereidde op het nieuwe seizoen. Lucassen begeleidt bij de Amerikaanse bond het talent Ernesto Escobedo, die in Dubai ruim twee weken als hitting partner diende voor Federer. Twee trainingssessies van drie uur op één dag waren geen uitzondering, zegt Lucassen. „Hij was zeer gedisciplineerd, trainde volle bak, de intensiteit lag erg hoog.”

De pauze is voor Federer een periode geweest waarin hij zich kon opladen om vervolgens sterker terug te komen, zegt Lucassen. „Ik verwacht dat hij het nog een tijd vol zal houden.” Wat drijft hem nog, op de drempel van zijn twintigste jaar als prof? Lucassen: „Hij geniet nog van de toernooien, van de wedstrijden, de trainingen.”

In 2012 won hij op Wimbledon zijn laatste grand slam, zijn verval is onmiskenbaar. Maar het einde van zijn loopbaan is nog niet aan de orde, zegt Federer. „Ik heb zes maanden vrij genomen zodat ik hopelijk nog twee of drie jaar kan spelen.”