Duitsland wil de politie flink hervormen na Anis Amri

Strijd tegen terreur

De Duitse regering wil de veiligheidsdiensten en de politie drastisch centraliseren in de strijd tegen terreur. Maar de deelstaten liggen dwars.

Een forensisch expert van de Italiaanse politie toont het vuurwapen dat Anis Amri in Milaan en Berlijn heeft gebruikt. Foto Andrew Medichini/AP

Dat Anis Amri gevaarlijk was beseften de Duitse autoriteiten al tien maanden voor hij op 19 december een terreuraanslag pleegde op een kerstmarkt in Berlijn. Maar hoe gevaarlijk? In allerlei vergaderingen kwam die vraag aan de orde. Tot zijn arrestatie leidde het echter niet. Inmiddels pleit de Duitse minister van Binnenlandse Zaken, met uitdrukkelijke steun van bondskanselier Merkel, voor centralisering van de binnenlandse inlichtingendiensten en voor grotere bevoegdheden van de federale politie.

Nog in juli boog een speciale commissie van het antiterreurcentrum in Berlijn (GTAZ, Gemeinsames Terrorismusabwehrzentrum) zich over het geval-Amri. Was er voldoende bewijs om de hardste maatregel op hem van toepassing te verklaren die de Duitse wet voor buitenlanders kent? Namelijk: onmiddellijke uitzetting en opsluiting zolang die uitzetting nog niet kan?

De commissie beschikte over tal van belastende aanwijzingen, blijkt uit een reconstructie van de Süddeutsche Zeitung en de omroepen NDR en WDR. De Tunesiër, die eerder in Italië gevangen had gezeten, bediende zich van negen verschillende namen. Hij sprak openlijk over zijn wens wapens aan te schaffen voor de jihad. Hij vertrouwde een informant van de politie in Noordrijn-Westfalen toe dat hij „in Duitsland iets ondernemen” wilde en dat hij voor een aanslag aan een kalasjnikov kon komen.

Hij zocht op internet naar een handleiding om een staafbom te bouwen en nam contact op met vermoedelijke strijders van Islamitische Staat (IS), waarbij hij zich zou hebben aangeboden als zelfmoordterrorist. Hij overnachtte bij leden van de groep rond de prediker Abu Walaa, een beruchte pleitbezorger van IS in Duitsland (die in november werd gearresteerd). Dat was allemaal bekend en hij was dan ook op de lijst gezet van de ruim vijfhonderd zogeheten Gefährder in Duitsland, mensen die de politie in staat acht tot gevaarlijke acties.

De asielaanvraag van Amri was al eerder afgewezen. Hij moest het land dus verlaten, maar omdat Tunesië niet met een paspoort over de brug kwam, kon hij voorlopig in Duitsland blijven. Opgesloten werd hij ondanks alles niet, besloot de commissie in juli, omdat er „geen concrete dreiging” op tafel lag die zou standhouden voor een rechtbank.

Gewaarschuwd voor Amri

In september en oktober waarschuwde de Marokkaanse inlichtingendienst de Duitsers voor Amri. Of die waarschuwingen bij het antiterreurcentrum terechtkwamen, is onduidelijk. In elk geval oordeelde de commissie van het centrum in november opnieuw dat er „geen concrete bewijzen” waren dat de Tunesiër werkelijk plannen voor een aanslag smeedde. Inmiddels werd hij ook niet meer door de inlichtingendiensten in de gaten gehouden.

Onderzocht wordt nog hoe het kan dat de Duitse autoriteiten het gevaar dat Amri belichaamde herhaaldelijk zó verkeerd hebben ingeschat. Maar zonder de uitkomst daarvan af te wachten heeft minister van Binnenlandse Zaken De Maizière dinsdag ervoor gepleit de politie en de veiligheidsdiensten drastisch te centraliseren, om zo de Duitse staat te versterken in de strijd tegen terrorisme.

In een artikel in de Frankfurter Allgemeine Zeitung betoogde de minister dat de bevoegdheden op het gebied van terreurbestrijding te veel versnipperd zijn tussen de zestien deelstaten. Grondwettelijk is politiewerk in Duitsland in eerste instantie een zaak van de deelstaten – die daarvoor bij elkaar zo’n kwart miljoen mensen in dienst hebben. De federale politie (ruim veertigduizend man) moet zich beperken tot bescherming van grenzen en lucht- en spoorverkeer, en ondersteunt soms de politie in de deelstaten. De Maizière wil dat de federale politie een hoofdrol krijgt bij opsporing en vervolging.

En zeker zo belangrijk: hij wil dat de binnenlandse inlichtingendiensten die de deelstaten erop na houden, worden afgeschaft. Hun taken moeten worden overgenomen door de federale binnenlandse veiligheidsdienst, die meer overzicht zou hebben. De kleine deelstaten beschikken soms over slechts enkele tientallen mensen voor inlichtingenwerk. De Maizière wil ook het uitzetten van uitgeprocedeerde asielzoekers centraliseren.

Maar dat alles is in strijd met de manier waarop de bondsrepubliek na de Tweede Wereldoorlog welbewust is opgezet. Veel zeggenschap bij de deelstaten zou voorkomen dat Duitsland zich vanuit een dominant machtscentrum opnieuw zou kunnen ontwikkelen tot een bedreiging voor andere landen én voor de eigen burgers.

Maar de tijden zijn veranderd en Duitsland moet zich nu beter wapenen tegen nieuwe gevaren, betoogt de minister. De deelstaten willen echter geen bevoegdheden uit handen geven en hebben meteen sterk afwijzend op zijn voorstellen gereageerd. Zij zeggen te vrezen dat centralisatie leidt tot meer bureaucratie. Dat in het geval-Amri veel is misgegaan, lijkt eerder een gevolg van verkeerde inschattingen, dan van gebrekkige communicatie binnen het Duitse veiligheidsapparaat, aldus de deelstaten.