Woonlasten dalen voor het eerst in jaren licht

De woonlasten – ozb-belasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing – dalen dit jaar voor het eerst sinds 2002, volgens onderzoek van de Universiteit Groningen.

Foto ANP/Koen Suyk

De gemeentelijke woonlasten dalen in 2017 voor het eerst in jaren weer licht in de grote gemeenten. Het gaat om de 38 grootste gemeenten van het land, waar 40 procent van de Nederlandse bevolking woont. Dat schrijft Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de Universiteit Groningen in de jaarlijkse rapportage op dinsdag. Huurders zien de grootste daling, met gemiddeld 1 procent. Voor kopers is dat 0,2 procent.

Tot vorig jaar stegen de woonlasten nog, hoewel die stijging al lager uitviel dan het jaar ervoor. Gemiddeld betaalt een huurder in een grote gemeente in 2017 332 euro aan woonlasten per maand, terwijl een huiseigenaar 678 euro kwijt zal zijn. Het gaat om onroerendezaakbelasting (ozb), afvalstoffenheffing en rioolheffing. Corine Hoeben van het COELO waarschuwt dat er nog gerekend wordt met een voorlopige schatting van de WOZ-waarde.

Woon je in een koophuis in Amsterdam, dan zie je de grootste daling van woonlasten dit jaar: 3,7 procent, oftewel 27 euro. In Deventer gaat deze juist het sterkst omhoog, met 4,5 procent oftewel 35 euro. Nijmegen biedt de grootste daling van woonlasten voor huurders met 36 euro, 38,4 procent. Dat heeft grotendeels te maken met de afvalstoffenheffing: die wordt in Nijmegen in 2017 grotendeels gedekt door de ozb-belasting. In Lelystad stijgt het juist met 6,5 procent.

Afval

Achttien gemeentes verlaagden de afvalstoffenheffingen. Volgens het COELO komt het omdat de kosten van afvalinzameling dalen naar mate het afval beter gescheiden wordt. De gemiddelde afvalstoffenheffing is dit jaar 277 euro, 1,6 procent minder dan vorig jaar.

De afvalstoffenheffing daalt in Nijmegen het meest, met 38,4 procent, schrijft COELO. Die gemeente verschuift de last van huurders naar huiseigenaren door de afvalinzameling via de ozb-belasting te bekostigen. In Lelystad wordt er juist 5,3 procent meer afvalstoffenheffing afgerekend vanwege stijgende kosten.

Precariobelasting

COELO waarschuwt wel dat de cijfers op sommige plaatsen misleidend kunnen zijn. In sommige gemeenten wordt de zogeheten precariobelasting op ondergrondse leidingen doorgevoerd via de nutsbedrijven. In deze gemeenten kan de ozb-belasting dus lager uitvallen omdat deze belasting niet wordt meegerekend. De woonlasten in gemeenten met zo’n precario lijken dus lager dan dat zij zijn.

Eind januari buigt de Tweede Kamer zich over een wetsvoorstel om de precariobelasting op termijn af te schaffen.

Ook de rioolheffing varieert sterk in opzet van gemeente tot gemeente. Sommige gemeenten sturen die rekening naar huurders, terwijl andere die naar huiseigenaren of naar allebei toe sturen. In dertien grote gemeenten hoeven huurders geen rioolheffing te betalen.

De stijging van de kosten van de rioolheffing is in Den Bosch het hoogst. Dat komt omdat er tot 2017 een potje was waarmee een deel van de rioleringskosten gedekt kon worden. Die is nu leeg, met als consequentie een stijging van 13,5 procent voor meerpersoonshuishoudens.

Onroerendezaakbelasting

Ten slotte stijgt de ozb-belasting licht, met gemiddeld 1,7 procent. De gemiddelde huiseigenaar krijgt dit jaar een aanslag van 237 euro. De grootste daling van het ozb is in Ede: daar is de aanslag 5,8 procent lager dit jaar, maar speelt wel de precariobelasting een rol.

In Eindhoven stijgt de ozb het meeste. Dat heeft te maken met de wijze waarop de stad kosten berekent; ze gaan bij het vaststellen van tarieven uit van de totale woonlasten. Omdat de afvalheffing daalt, is er ruimte om de ozb te laten stijgen.