Weg ben je pas als je zelf meewerkt

Uitzetten

Tienduizenden vreemdelingen moeten Nederland verplicht verlaten. Maar als ze zelf niet willen, is dat makkelijker gezegd dan gedaan.

De toegang tot het terrein van terugkeerlocatie asielzoekerscentrum Ter Apel. Foto Vincent Jannink / ANP

Dertig Albanese vreemdelingen werden in mei vorig jaar vanuit Rotterdam teruggevlogen naar Albanië. Hun asielaanvraag was geweigerd. Of ze waren opgepakt omdat ze illegaal wilden oversteken naar het Verenigd Koninkrijk. Ze werden onder begeleiding van marechaussees het speciaal gecharterde vliegtuig ingeloodst.

Ook in 2017 moeten veel vreemdelingen vertrekken. Van de 60.000 mensen die in 2015 asiel aanvroegen, mogen er ongeveer 40.000 blijven. Dat zijn vooral Syriërs, Eritreeërs, en een deel van de Irakezen, Afghanen en staatlozen. Eenderde moet dus weg. Dat wordt nog een hele kluif.

In het eerste negen maanden van 2016 zijn bijna 7.000 vreemdelingen „aantoonbaar” vertrokken. 1.600 van hen is onder dwang vertrokken, onder begeleiding van de marechaussee. Deze ‘vreemdelingen’, zoals ze in de statistiek heten, zijn niet alleen recent uitgeprocedeerde asielzoekers, maar bijvoorbeeld ook mensen die al langere tijd illegaal in Nederland zijn gebleven.

In dezelfde negen maanden vertrokken ruim 5.500 vreemdelingen ‘zonder toezicht’. Dat betekent dat ze niet meer op het laatst bekende adres wonen. Het kán zijn dat ze daadwerkelijk uit Nederland zijn vertrokken, maar vaak ook verdwijnen ze in de illegaliteit. In de meest conservatieve schatting van het ministerie van Veiligheid en Justitie zijn er ongeveer 35.000 illegalen. Andere schattingen variëren van 65.000 tot 115.000 in Nederland.

Asielregels

Volgens de Nederlandse asielregels mogen vreemdelingen alleen blijven als ze in het land van herkomst vervolgd worden wegens ras of geloof, of worden blootgesteld aan foltering of onmenselijke behandeling. Die beslissing neemt de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Mensen voor wie dit niet geldt, moeten terug. En dat blijkt dus al jaren moeilijk te realiseren. Het lastigst zijn de mensen die niet weg willen. Ze hebben niet voor niets een gevaarlijke reis ondernomen. Ze hebben, vaak met hulp van familie, veel geld geïnvesteerd, en ze willen niet als loser terugkomen. Anderen durven om diverse redenen niet terug.

Deze mensen proberen vaak hun verblijf te rekken met juridische procedures. Of ze duiken onder in de illegaliteit.

Naar verschillende landen kunnen ook onwillige mensen gedwongen worden uitgezet. Bijvoorbeeld naar Albanië, een land dat terugkeerders zonder problemen weer opneemt. Een flink aantal landen wil geen mensen terugnemen die tegen hun zin worden uitgezet. Denk aan de jongemannen uit Marokko en Algerije die in 2016 amok maakten in allerlei asielzoekerscentra, mensen lastigvielen en uit tasjesroven gingen.

Dit is door hun asociale gedrag een extreme groep, maar er zijn veel meer vreemdelingen die niet uitgezet kunnen worden omdat het land van herkomst niet meewerkt aan (gedwongen) terugkeer. Het gaat om onder meer verschillende Afrikaanse landen, Algerije. China. Ethiopië, Somalië, Iran en Irak. Guinee. En Marokko.

Als de vreemdeling zelf meewerkt, lukt het uitzetten het vaakst. Medewerkers van de verantwoordelijke Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V) proberen vertrek „als optie” aan te prijzen, zei een ‘regievoerder’ onlangs in NRC. „Vrijwillig vertrek betekent ook hulp van de Internationale Organisatie voor Migratie. Die helpt bij het krijgen van de juiste papieren, het kopen van een ticket. En de vreemdeling kan een geldbedrag meekrijgen.”

Dat neemt niet weg dat zelfs mensen die wegwillen, niet altijd wegkunnen, al lopen daarover de meningen uiteen. „Sommige landen vragen nog wel iets van bewijs, maar je kunt altijd wel aan een snippertje papier komen”, zei Rhodia Maas, scheidend hoofd van DT&V in NRC. Asieladvocaten bestrijden dat.

Strenger geworden

Theo Miltenburg van het Rotterdams Ongedocumenteerden Steunpunt ondersteunt vreemdelingen en illegalen die terug willen, maar ook vreemdelingen die niet weg kunnen of willen. Hij is wel wat strenger geworden, zegt hij. „Illegaal verblijf is mogelijk, maar zwaar. Soms gaat het om gezinnen met kinderen, dan is het eigenlijk ondoenlijk.”