Afvallen door de juiste darmbacteriën

Wat we deze week eten? Vooral minder. Het populairste goede voornemen is ‘een paar kilo afvallen’. Oké, daar gaan we dan. Allereerst: je lichaam verzet zich op minstens twee manieren tegen ‘minder’. Het lijf verbruikt wat minder energie, zodat het effect van minder eten tegenvalt. En je vetcellen vinden het maar niks dat ze leeg raken. Ze sturen signaalstofjes (hormonen) de bloedbaan in waardoor je trekt krijgt.

In de laatste dagen van 2016 dwarrelde opeens een persbericht van een wetenschappelijke uitgeverij in de e-mailbox, waarin een nieuw obstakel werd genoemd: ook de bacteriën die bij ons inwonen, on onze dikke darm staan op het standpunt ‘eenmaal dik, altijd dik’.

„Sommige soorten menselijke darmbacteriën moet je kwijtraken om een dieet succesvol te kunnen laten zijn”, staat er in het persbericht dat de redactie van tijdschriftenuitgever Cell Press rondstuurde. De Cell-bladen zijn niet de minste in wetenschappelijke kring.

Het artikel in Cell Host & Microbe waar het persbericht over juicht, is een verslag van curieus onderzoek. De wetenschappers namen darmbacteriën af bij 34 mensen die altijd ongeveer 30 procent minder eten dan de aanbevolen hoeveelheden. Die mensen zijn broodmager tot mager. Hun BMI varieert van 16,7 tot 22,5. Ze eten veel groente, zaden en granen en bijna geen vlees. De onderzoekers verzamelden ook darmbacteriën bij 198 gewoon etende Amerikanen, in lichaamsgewicht variërend van gewoon slank tot extreem zwaar.

Die darmbacteriën brachten ze in bij muizen die zonder darmbacteriën waren geboren. Er waren dus muizen met de darmbacteriën van zeer karige planteneters. En er waren muizen met de darmbacteriën van mensen die gewoon Amerikaans voedsel aten. De dieren werden gesplitst in groepen. Een groepje kreeg het karige plantaardige dieet. Een ander groepje mocht van dat plantaardige voedsel zoveel eten als ze wilden. En twee andere groepen kregen gewone Amerikaanse pot: ook karig, of zo veel als ze wilden.

In hun conclusie halen de onderzoekers het persbericht domweg onderuit: het lichaamsgewicht van de muizen was duidelijk beïnvloed door hoeveel ze aten, niet door wat hun bacteriedonors hadden gegeten.

Het onderzoek ging in werkelijkheid nauwelijks over lichaamsgewicht, maar vooral over veranderingen de soorten darmbacteriën door het dieet.

Bij dieren met bacteriën van gewone Amerikanen die karig on-Amerikaans (plantaardig) eten kregen, veranderde de bacteriesoorten bijvoorbeeld maar langzaam. Maar als die dieren twee weken gezelschap kregen van een muis met karige darmbacteriën, dan pasten hun darmbacteriën zich wel snel aan het karige dieet aan. Ze namen de bacteriën van hun kooigenootjes over. Muizen besnuffelen elkaar veel.

Leuk. Zou dat ook zo bij mensen zijn? Zouden iets te dikke mensen die bij een magere vegetariër in huis wonen een gezondere bacterieflora hebben? Ja, karige planteneters hebben een soortenrijkere, gezondere darmflora. En zou hen dat eventueel beschermen tegen nog dikker worden?

Dat zouden we graag willen weten. Dan zouden magere vegetariërs erg populair worden in studentenhuizen.

Na een persbericht met een valse belofte zijn er opeens intrigerende vragen: als je wat te zwaar bent, verzetten je darmbacteriën zich dan echt tegen succesvol vermageren? En helpt ‘huiselijke omgang’ met een magere vegetariër? Daar willen we in 2017 graag het antwoord op hebben. Kom op wetenschappers, de tijd dringt.

    • Wim Köhler