Nederlandse darters al sinds 1995 aan de top

WK darts

Dertig jaar geleden was het nog onvoorstelbaar, maar inmiddels is een Nederlander in een WK-finale niet zo bijzonder meer.

Raymond van Barneveld werd in 1999 als een held onthaald in zijn woonplaats Den Haag, nadat hij zijn wereldtitel bij dartbond BDO had geprolongeerd. Foto Paul Bergen / ANP

Hij had een naam die de Engelsen consequent verkeerd beklemtoonden en die de gemiddelde Nederlander zich al lang niet meer kan herinneren. Bert Vlaardingerbroek, dartende Haagse postbode voordat Raymond van Barneveld dat was. Big Bert, een bijnaam deels ontstaan doordat zijn achternaam niet fatsoenlijk op bordjes bij wedstrijden paste. Maar het was ook gewoon een gigantische kerel met zo’n autoritaire borstelsnor. Door de weelde aan Nederlands dartssucces in de dertig jaar na hem – succes dat Big Bert nooit had – is zijn naam snel vergeten, maar hij was wel de pionier voor de sport in Nederland. De man die zich mengde in Britse onderonsjes in een Britse sport en in 1988 de eerste Nederlander die op een WK darts stond; de Embassy, nu de Lakeside genaamd, het belangrijkste toernooi van profbond de BDO.

‘Barney’ de eerste

Nog steeds domineren darters uit het Verenigd Koninkrijk het deelnemersveld, maar is het een Nederlander die de beste van de wereld is. Met afstand. Michael van Gerwen (27) doet voor het darts wat Raymond van Barneveld (49) in de jaren negentig deed. Inmiddels is het bijna geen verrassing meer dat er deze maandag wederom een Nederlander in de finale van een WK darts staat. Van Barneveld was in 1995 de eerste. Hij was zelfs de eerste darter buiten het Verenigd Koninkrijk die in een WK-finale stond. Dat jaar verloor hij nog van Welshman Richie Burnett, maar drie jaar later nam hij revanche. Ruim vier miljoen mensen keken naar de finale op SBS.

In 1999 prolongeerde hij zijn titel. Hij zou bij de BDO nog twee keer wereldkampioen worden, in 2003 en 2005.

In 2006 was het de toen onbekende Jelle Klaasen die met zijn snelle smijtwerk Van Barneveld verraste in de finale.

Jelle Klaasen. Foto ANP / Robert van den Berge

Klaasen deed op zijn 21ste wat meer ervaren darters als Roland Scholten, die als enige Nederlander van naam al vroeg overstapte naar rivaliserende dartbond PDC, en Co Stompé niet konden doen: de aandacht afpakken van Van Barneveld. Die stapte hetzelfde jaar over naar de PDC om zich te meten met onder meer Phil Taylor, de Engelsman die de grote toernooien daar al jaren domineerde. Het was het begin van een exodus van topdarters, ook Nederlanders, naar de concurrent. De PDC werd steeds professioneler, het niveau was er hoger en er was vooral veel meer geld te verdienen.

Nog maar één titel

Van Barneveld was lang de enige die zich ook in de PDC staande kon houden en won in 2007, van Phil Taylor, de WK-finale van die bond. 2007 was ook het jaar dat de toen pas achttien-jarige Michael van Gerwen de stap waagde naar de PDC, samen met Klaasen en Vincent van der Voort. Hij wist als enige Nederlander die niet Van Barneveld was de finale te halen. In 2013 verloor hij, van Phil Taylor. In 2014 won hij zijn eerste wereldtitel, van de Schot Peter Wright. Hoewel hij inmiddels elk ander groot toernooi al meerdere keren won, is het vooralsnog bij die ene wereldtitel gebleven.

Maar tussendoor was er nog die arme Christian Kist.

Christian Kist. Foto ANP / Pro Shots

Winnaar van een wereldkampioenschap toen de topdarters en de fans hun aandacht al hadden verlegd naar het échte werk. In 2012 won Kist zeer verrassend het sterk gedevalueerde BDO-WK. Ook hij bleef er niet lang hangen en stapte over. Nu dreigt hij, The Lipstick, zelfs als een van de vier Nederlandse wereldkampioenen darts, net als Big Bert in de vergetelheid te raken.