opinie

    • Wilfried de Jong

Op naar de Coolsingel

Het zou kunnen, denkt Wilfried de Jong. Ergens in april. In de competitie staat Feyenoord nu vijf punten voor op Ajax. Loopt de Coolsingel straks weer vol?

In de avonduren kon je probleemloos een kanon afschieten. Midden in de stad. En nooit doden of gewonden, nooit auto’s in brand, nooit had iemand oorsuizingen. Eenvoudigweg omdat de Coolsingel toch altijd leeg was, zo ging het verhaal.

Wat moest een mens op die snelweg door het centrum? Hard rijden, fietsen, of vlug de metro in.

Voor de oorlog had de Coolsingel een magische klank. Een boulevard waar je kon uitgaan en flaneren. Matrozen liepen schouder aan schouder met meisjes voor één nacht. Een saxofonist, met een schommelend foedraal in de hand, op zoek naar een laatste rondje.

Duitse bommen vaagden veel, maar niet alles weg. Het postkantoor bleef ongedeerd, de acht verdiepingen van hotel Atlanta stonden nog overeind en het stadhuis, met hier en daar een schotwond in de gevel, leefde nog.

Wederopgebouwd bleef het op de Coolsingel lang een dooie boel. Een racebaan om van het Hofplein naar het water van de Maas te rijden.

Tot Feyenoord op 6 mei 1970 in Milaan de Europacup won. Een dag later bleek waar de Coolsingel geschikt voor was: meer dan tweehonderdduizend feestende mensen juichten voor het stadhuis hun elftal toe.

Als twaalfjarige jongen stond ik naast mijn moeder tegen een pilaar van een bankgebouw en keek omhoog naar het bordes; zorgeloos, trots en gelukkig.

De laatste keer was met mijn vrouw en veertienjarige dochter. Feyenoord had eind april van dit jaar de KNVB-beker gewonnen. Op straat waren hoge hekken geplaatst en er werd door de politie gefouilleerd. De aanslagen van Brussel lagen nog vers in het geheugen.

In de competitie staat Feyenoord nu vijf punten voor op Ajax, acht op PSV. Herbstmeister. Zit er nog meer in het vat?

De Coolsingel krijgt een zoveelste opknapbeurt. Het bureau West 8 van landschapsarchitect en Feyenoord-fan Adriaan Geuze doet een moedige poging: minder auto’s, slentergebied. Het eerste waar ik op lette toen ik naar de artist’s impression keek: kunnen er nog altijd tweehonderdduizend mensen staan juichen?

Mijn dochter heeft een Feyenoordvlag opgehangen op haar kamer, aan het bed een clubsjaal. „Het kan nog helemaal misgaan”, zei de doemdenker tegen haar. „El Ahmadi speelt de eerste wedstrijden van het nieuwe jaar niet. Hij doet met Marokko mee in de Afrika Cup.”

Maar toch, het zou kunnen, ergens in april. Tienduizenden fans op een kluitje. De burgemeester kan ze zien vanuit zijn werkkamer en zal de spanning voelen. Massale samenscholingen zijn niet alleen maar een feest.

Maar, stel, mits, als.

Of we dan naar de Coolsingel gaan?

Ja, we gaan. Natuurlijk.

Niets is sterker dan dat ene woord.

Wilfried de Jong schrijft elke maandag een column over sport

    • Wilfried de Jong