Och, aardbevingen, vulkanen… Maar wat was het héét!

Klimaatverandering

Het afgelopen jaar was weer een warmterecord. Verder weinig bijzonderheden.

Zo onrustig als het in de mensenwereld was afgelopen jaar – zeker in politiek opzicht – zo gemiddeld was het jaar in veel opzichten voor moeder Aarde. Het aantal zware aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en cyclonen kende geen uitschieters. Zo vormden zich in het oostelijk deel van de Atlantische Oceaan zeven orkanen (het gemiddelde ligt op 6,3) en waren er wereldwijd 17 aardbevingen zwaarder dan 7 op de schaal van Richter (gemiddeld 15) en 82 uitbarstende vulkanen (gemiddelde 80).

Klimaat: recordjaar

Maar dit doorsnee natuurgeweld speelde zich wel af tegen een achtergrond van een aarde die gemiddeld weer iets warmer is geworden. In dat opzicht wordt 2016 toch een recordjaar: als warmste jaar sinds de start van de metingen in 1880. Verrassend is dat niet. De concentratie broeikasgassen in de atmosfeer blijft stijgen, CO2 voorop. Dat proces ging de afgelopen vijf jaar sneller dan ooit (met 2 parts per million of meer per jaar; het mondiaal gemiddelde lag in oktober 2016 op 402 ppm). Ook dat is niet verrassend. De verbranding van fossiele brandstoffen blijft vooralsnog toenemen, het VN-klimaatakkoord (Parijs, 2015) ten spijt. Lang zal 2016 die titel van warmste-jaar-tot-nog-toe daarom niet houden.

Die klimaatopwarming heeft trends in gang gezet, en sommige zijn zorgelijk. Het Noordpoolgebied warmt bovengemiddeld snel op, en de toendra dreigt de komende eeuwen grote hoeveelheden methaan (ook een broeikasgas) af te geven. Verder groeit de kans op extreme weersgebeurtenissen: hittegolven, droogte, extreme hagel en onweer.

Het weer is nu eenmaal grillig

Maar dat wil niet zeggen dat elke extreme weersgebeurtenis één-op-één toe te wijzen is aan die opwarming. Dat lijkt namelijk nog een andere trend. Om de opwarming overal de schuld van te geven. Vergeten wordt de normale natuurlijke variatie van het klimaat, de grilligheid van het weer, en toevalsprocessen.

Extreme droogte in Zuid-Afrika? Zal wel de opwarming zijn. Nee. Het was de nawerking van El Niño, een grillig weerfenomeen dat zich eens in de twee tot zeven jaar voordoet in de Grote Oceaan, rond de evenaar. In hoeverre klimaatverandering het patroon van El Niño beïnvloedt is niet duidelijk.

Zo ook de extreem grote bosbrand in mei, bij Fort McMurray in Canada. Die was mogelijk door een periode van ongebruikelijk heet en droog weer. Die periode was voorafgegaan door een droge winter, en werd gevolgd door heftige winden. En dan nog is het vermoeden dat de brand werd aangestoken. Maar al snel werd klimaatverandering naar voren geschoven als veroorzakende factor.

En zo bleek de rol van klimaatverandering ook lastig in te schatten bij de meest opvallend situatie van extreem weer in Europa het afgelopen jaar. Dat waren de grote hoeveelheden regen die tussen 26 mei en 4 juni vielen in het grote delen van Frankrijk, in België, in het zuiden van Nederland en van Duitsland.

Er is ook gezegd dat klimaatverandering tot meer aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en cyclonen zal leiden. De waarnemingen laten het nog niet zien.

Voor 2017 luidt in ieder geval de verwachting voor het aantal tropische cyclonen in de Atlantische Oceaan: weer een zo goed als normaal jaar.

    • Marcel aan de Brugh