‘Ik vind het belangrijk dat de kerk dicht bij de mensen blijft’

Religie

Het bisdom Den Bosch, het grootste van het land, was verdeeld geraakt tot op het bot. Bisschop Gerard de Korte laat er een nieuwe wind waaien.

Portret van Gerard de Korte. De bisschop van Den Bosch. Foto ANP

Bisschop De Korte draagt deze maandagmorgen om half negen de heilige mis op in het intieme achterste deel van de Sint-Janskathedraal in Den Bosch. Dat doet hij bijna elke doordeweekse dag, al sinds zijn installatie op 14 mei. In het weekend trekt hij zijn bisdom in om op andere plekken vieringen te leiden. Dagelijks vieren sterkt hem in zijn spiritualiteit, en weerhoudt hem ervan zich enkel manager te voelen, zal hij twee uur later in de spreekkamer van zijn bisschopshuis schuin tegenover de kathedraal vertellen.

Na afloop van de eucharistieviering vertrekken de meesten van de ruim dertig kerkgangers snel. Een paar blijven napraten. Ze wijzen allemaal op de overeenkomsten tussen bisschop De Korte en de paus.

Ziet u uw benoeming als het gevolg van de nieuwe wind onder paus Franciscus?

„De paus lijkt de bisschoppen het meest te waarderen die Christus centraal stellen, maar zich ook heel open en hartelijk tussen de mensen begeven. Nou, daar voel ik me wel bij thuis. In die zin klopt het wel, ja.”

Er zijn katholieken die de nieuwe paus zien als Godsgeschenk.

„Verreweg de meeste katholieken. En ook ver buiten de katholieke kerk wordt hij gezien als een groot moreel leider. Dat komt omdat hij nadrukkelijk aandacht vraagt voor macrothema’s als het vluchtelingenvraagstuk, sociale gerechtigheid en de bescherming van de aarde.”

Bij andere katholieken zijn er zorgen over de paus.

„Met name de tekst Amoris Laetitia bij de synode over huwelijk en gezin zorgde voor discussie. De paus lijkt daar ruimte te scheppen voor het ontvangen van de communie door gescheiden en hertrouwde mensen. Bezorgde katholieken vinden dat hij daarmee verwarring zaait. Ik zeg, de paus verandert niets aan de leer. Hij wijst alleen op de spanning tussen het hoge ideaal en de werkelijkheid van alledag. Miljoenen katholieken falen in hun huwelijksbelofte en hebben daar veel verdriet van. Daar moet je wat mee. Daarom is het zaak zo pastoraal mogelijk met de kerkleer om te gaan.”

U bent het met hem eens?

„Ik denk in de lijn van paus Franciscus dat wij mensen zo lang mogelijk nabij moeten blijven.”

Hoe kijkt u naar de bezorgde katholieken?

„Die verontruste groep is er. Tot in de hoogste regionen, hè. Er zijn ook kardinalen die vraagtekens plaatsen bij het pauselijke beleid. Ik zie het gevaar dat mensen zich van de kerk willen afkeren of zich willen aansluiten bij schismatieke groepen. Dat is natuurlijk heel spannend, want het is ook de opdracht van de paus om de eenheid te bewaren.”

Hoe gaat dat bij zo’n bisschopsbenoeming? Belt de paus dan?

„Nee, ik kreeg maandagmorgen 29 februari een telefoontje dat de nuntius, de vertegenwoordiger van de paus in Nederland, die middag langs wilde komen. Toen wist ik natuurlijk al wat hij zou kunnen komen zeggen. Al sinds oktober gingen er namen rond. De nuntius kwam om drie uur en heeft mij de benoemingsbrief van de paus overhandigd.”

Was u blij?

„Het voelde een beetje dubbel. Ik was gelukkig in Groningen. Ik was daar al acht jaar. Het is een relatief klein bisdom met korte lijnen naar het pastoraal personeel en harmonieuze verhoudingen. En de meeste mensen hebben als ze gelukkig zijn niet de neiging hun leven te veranderen. Maar goed, de paus vraagt je van een bisdom met 100.000 katholieken naar een bisdom met een miljoen katholieken te gaan. Een kwart van alle katholieken in Nederland woont in het bisdom Den Bosch. Daaruit blijkt dat hij mijn beleid in Groningen heeft gewaardeerd.”

Eervol?

„Zeker eervol. Een uitdaging ook. Met name omdat je tevoren niet weet of je de verwachtingen wel waar kunt maken.”

Ook de Nederlandse kerkprovincie heeft te maken met verschillende kerkvisies, schetst theoloog Frank Bosman. „Waar aartsbisschop Eijk in Utrecht meer kiest voor het handhaven van de leer, vindt De Korte pastorale fijngevoeligheid belangrijker dan de letter van de wet. En waar Eijk de samenleving als een antikerkelijk blok ziet, treedt De Korte de samenleving juist met open armen tegemoet.”

Bisschop Hurkmans, de voorganger van De Korte die terugtrad wegens gezondheidsproblemen, zat qua houding en aanpak meer op de lijn van Eijk. Hij schafte bij een bezuinigingsronde zijn communicatieafdeling inclusief perschef af, waardoor het bisdom Den Bosch wel gezien werd als een fort met opgehaalde brug.

Dat de brug onder De Korte nadrukkelijk is neergelaten, illustreert het volgende voorval. De Bossche San Salvatorgemeenschap scheidde zich in 2011 van de katholieke kerk af na een harde confrontatie met het bisdom. Toch had de gemeenschap op de Pinksterdag na de installatie van De Korte haar bloemetje van de week – meestal gaat dat naar een zieke of jarige – bestemd voor de nieuwe bisschop, als welkomstgebaar. Een koorlid zei dat hij toch langs het bisschopshuis fietste en het wel zou afgeven. Tot zijn verbazing deed de bisschop zelf open en nodigde hem binnen voor een kop koffie. Mignon van Bokhoven van het pastoraal team van de gemeenschap: „Later volgde een heel hartelijk officieel ontmoetingsgesprek. Dat was plezierig na de kille periode die achter ons ligt.”

Het bisdom Den Bosch heeft roerige tijden achter de rug. Niet alleen De Bossche San Salvatorgemeenschap scheidde zich af na een botsing met het bisdom, in Best en begin dit jaar nog in Veldhoven gebeurde iets vergelijkbaars. En dan waren er allerlei relletjes. Bijvoorbeeld rond de homoseksuele prins carnaval in Reusel die na overleg met de pastor niet ter communie ging. En rond een pastor in Liempde die weigerde een man die na euthanasie was overleden kerkelijk te begraven. Daarbij leidde het opgelegde fusieproces, waarbij 300 geloofsgemeenschappen moesten fuseren tot vijftig parochies die kerken moesten sluiten, tot talloze onderlinge ruzies.

Kenners vrezen dat u het in Den Bosch lastig zult krijgen omdat de vorige bisschop met zijn staf aan het hoofd van elke fusieparochie iemand heeft neergezet die op zijn denklijn zit.

„Nou, toen ik nog in Groningen zat, was ik ook wel een beetje bezorgd. Ik had het idee dat de jongere priesters in het bisdom Den Bosch heel streng in de leer waren en oudere priesters veel losser. Nu ik hier ben, ontdek ik dat het genuanceerder ligt. Ook heel veel jongere pastors vroegen mij om ontspanning, om vertrouwen in plaats van wantrouwen. Er werken hier 140 actieve priesters en ieder legt eigen accenten en heeft andere pastorale vaardigheden.”

Dus u vertrouwt erop dat het nieuwe beleid dat u in oktober presenteerde ook uitgevoerd zal worden?

„Ik heb geen kritiek gehoord.”

Nee, u bent de bisschop.

„Precies. Er zullen zeker priesters zijn die er vragen bij hebben, maar die uiten dat niet. Dat heeft misschien te maken met loyaliteit. Ze hebben gehoorzaamheid beloofd, dus ze zullen het beleid van de bisschop uitvoeren.”

In uw beleidsplan schrijft u dat het imago van het bisdom een flinke knauw heeft gekregen door het van boven opgelegde fusieproces. Daarmee uit u kritiek op hulpbisschop Mutsaerts die dit fusieproces begeleidde en nu ook uw beleid moet uitvoeren.

„Ik leg inderdaad andere accenten. Kijk, ze hebben hier gedacht: het gaat slecht met de kerk dus we moeten geloofsgemeenschappen laten fuseren en aan dat fusieproces knopen we meteen ook een gebouwenbeleid vast. Nou, dat heb ik nooit kunnen snappen. Kerksluitingen vragen om maatwerk en veel uitleg.”

Dus hoe zal het onder u gaan in het bisdom Den Bosch?

„Wij kunnen vanuit Den Bosch geen masterplan maken voor de overgebleven 290 kerken. Het is de opdracht van elk kerkbestuur te zorgen dat er zwarte cijfers zijn. Als een kerkgebouw gesloten moet worden, kan het soms goed zijn ter plekke iets te organiseren in bijvoorbeeld een dorpshuis. In een ander geval vraag je gelovigen naar een kerk verderop te gaan.”

Heel anders dan in het aartsbisdom Utrecht, waar mensen van verschillende geloofsgemeenschappen samen de eucharistie móeten vieren in speciaal daarvoor aangewezen centrumkerken.

„Zeker. Hier was het eigenlijk zoals in Utrecht. Maar heel veel mensen namen de uitnodiging om naar die ene centrale kerk te komen niet aan. Ik vind het belangrijk dat de kerk zo dicht mogelijk bij de mensen blijft.”

U haalt in uw beleidsplan een Helmonder aan die zegt dat het Brabantse katholicisme zo mooi is omdat je er bijhoort zonder dat je er iets voor hoeft te doen.

„Ik vond die uitspraak treffend. In het noorden is 6 procent katholiek. Daar wil de katholieke minderheid er echt voor gaan. Hier is vijftig procent katholiek en is er sprake van volksgeloof. Mensen steken een kaarsje op in de Mariakapel en eten daarna een Bossche bol op de Parade. Dat is aandoenlijk en we moeten dat ook in stand houden, maar daarnaast is het belangrijk te streven naar geloofsverdieping. Want wie zijn geloof niet kan verwoorden, kan het ook niet doorgeven.”

Waarom vraagt u aandacht voor diaconie, zorg?

„Een evenwichtige kerk viert, leert en dient. We moeten de missionaire werking van diaconie niet onderschatten. Vele historici verklaren de groei van de vroege kerk met name ook door de hulp die Christenen gaven aan kwetsbaren.”

U zoekt ook toenadering tot protestanten.

„Ik werd al tijdens mijn studie geschiedenis geraakt door de wereld van de reformatie. Ik heb zowel mijn doctoraalscriptie theologie als later mijn proefschrift gewijd aan een protestants theoloog. Ik geloof dat wij als christenen elkaar moeten zoeken en vinden. Ik ben blij dat we tegenwoordig allereerst kijken naar wat ons verbindt. Wat moslims nu doen – elkaar doden – hebben katholieken en protestanten ook gedaan. Ik gun moslims een oecumenisch proces zoals wij dat ook hebben doorgemaakt.”

Waarom roept u op tot dialoog met de islam?

„Er zijn wereldwijd 1,4 miljard moslims en 2 miljard christenen. Dus meer dan de helft van de wereldbevolking is moslim of christen. De theologische dialoog met moslims vind ik lastig omdat zij het hart van ons geloof ontkennen. Maar maatschappelijk gezien hebben we elkaar gewoon te zoeken en te vinden, want we hebben maar één aarde en die moeten we met elkaar bewonen en beschermen.”

Heel nadrukkelijk vraagt u priesters pastoraal fijngevoelig te zijn.

„Kijk, de kerk heeft een heel duidelijk standpunt rond homoseksualiteit, voorbehoedsmiddelen, euthanasie, abortus, nou, noem maar op. Maar het leven van alledag is weerbarstig. En niet alle gelovigen delen de ideeën van de kerk of kunnen de leer van de kerk leven.”

De Korte verwijst naar een passage in zijn boek Bouwen in Vertrouwen uit 2013. Daarin staat onder andere: ‘Het is pastorale wijsheid de leer van de kerk niet te gebruiken als stok om te slaan, maar als staf om te gaan. (…) Een en ander impliceert dat een wijze priester met iedere pastorant een weg probeert te zoeken die begaanbaar is.’ Hij vult aan: „Ieder mens moet met zijn leven verder kunnen.”

Gelooft u dat alle priesters dat kunnen?

„Het gaat vaak over gewetenskwesties. Neem het voorbeeld van de begrafenis van de man die euthanasie had laten plegen. De ene priester kon dat niet. De andere wel, omdat hij de kerkelijke familie niet in de kou wilde laten staan. Ikzelf zou willen vragen zo lang mogelijk dichtbij de mensen te blijven, maar als dat niet meer lukt, is werk van elkaar overnemen een leefbare oplossing.”

Dus niet zeggen: ‘Je houdt je niet aan de regels, dus je bent niet meer welkom’.

„Iemand is katholiek totdat hij zelf zegt: ‘Ik doe niet meer mee’. Ik ga niet bepalen of een ander niet meer mee mag doen.”

Nooit?

„Ik kan het geloof van een ander helemaal niet toetsen. Er is een mooie zinsnede in het vierde eucharistisch gebed: ‘Denk ook aan allen van wie de gelovige gezindheid door u alleen was gekend’. Die zinsnede maakt mij voorzichtig. Want uiteindelijk weet natuurlijk alleen God wat er in een hart van iemand omgaat. Wij hebben misschien als kerk of als gelovigen te vaak gemeend op de rechterstoel van God te moeten gaan zitten. Maar aan God is het oordeel.”