Cultuur

Interview

Interview

Hoopt van harte honderd te worden

Evertje Keizer-Veldhuis (99)

„Hoe het voelt om honderd te worden, dat weet ik niet: ik ben nog nooit honderd geweest. Zolang ik leef, leef ik. Ik hoop het nog een poosje vol te houden, want ik wil mijn klein- en achterkleinkinderen zien opgroeien. Ik ben dol op ze en zij op mij.

„Het leven is zwaar geweest. Mijn man heeft altijd hard gewerkt, als bakker. Ik was zuinig. Onze kinderen mochten doorleren. Ik mocht dat niet van mijn vader. Ik kon goed leren maar ik ben alleen naar de lagere school geweest. Zo zonde. Ik moest onder de koe, melken. We konden alleen dialect praten,geen woord Hollands. Toch ben ik op latere leeftijd nog met het vliegtuig naar Canada en Israël geweest.

„We zijn heel arm geweest, maar ook heel gelukkig. Mijn man en ik hadden een heel goed huwelijk. Hij overleed in ’79 aan een hersentumor. Heel jammer dat ik hem zo vreselijk missen moet. Hij was mijn grote geluk.

„Ik geniet nog van het leven. Ik woon op mijzelf, drie keer per dag krijg ik hulp. De kwebbel is nog goed hè. Weet je hoe dat komt? Omdat mijn man ondergedoken zat in de oorlog. Dan leer je je mond te houden én van je af te praten.”

Mirjam Remie