Van der Steur wist dinsdag van reis Amri

Dat schrijft de minister donderdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Shot uit een door Anis Amri gemaakte video.

In een brief aan de Tweede Kamer heeft minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie, VVD) donderdag laten weten dat hij dinsdag op de hoogte is gebracht van het vermoeden dat Anis Amri, de waarschijnlijke dader van de aanslag in Berlijn, door Nederland reisde. Woensdag werd via buitenlandse media bekend dat in de rugzak van Amri een simkaart was gevonden die enkel in Nederland kon zijn verstrekt en hij dus na de aanslag in Nederland is geweest.

Van der Steur schrijft verder dat de Nederlandse autoriteiten vrijdag al wisten dat de in Italië doodgeschoten Amri de betreffende simkaart bij zich had die alleen in Nederland kon zijn verkregen. De Nederlandse justitie kwam dat te weten via de Italiaanse politie, die de simkaart had gevonden tussen zijn spullen. Toen dinsdag duidelijk werd dat Amri zeer waarschijnlijk te zien is op bewakingsbeelden van het treinstation in Nijmegen, is ook de minister ingelicht.

Amri zou volgens Franse media vervolgens in Amsterdam een bus naar Lyon gepakt hebben. Deze berichten kon het OM woensdag nog niet bevestigen.

Lees meer over de route van Amri: Ongehinderd per bus, TGV en boemel

Omdat het onderzoek nog loopt wil de minister niet meer details met de Kamer delen. Verschillende Kamerleden hadden woensdag om opheldering gevraagd. PVV-leider Geert Wilders wilde dat de Tweede Kamer terug zou keren van reces voor een spoeddebat met de premier en de ministers van Binnenlandse Zaken en van Veiligheid en Justitie. Daar was echter geen meerderheid voor.