Het werkpak van een stripper

Het werkpak

Wat draag je naar je werk? En waarom? Deze week Kevin Talle (35), die voor zijn werk kleren aantrekt om ze weer uit te trekken. Op verjaardagen, vrijgezellenfeesten en ladies nights. In vijftien minuten, voor 170 euro. „Maar daar zit natuurlijk wel een show omheen.”

Foto’s Niels Blekemolen

Politiepak

Zijn werkkleding heeft ongeveer dezelfde functie als papier om een cadeautje: het gaat om wat eronder zit, maar zonder de verpakking was het geen cadeau. Zijn werkkleding is het cadeaupapier, het uitpakken is de show.

Hij heeft een heel arsenaal aan pakken die makkelijk uit kunnen, met klittenband of met een rits. Opvallend veel van die pakken lijken op werkpakken van mannen met een heel ander beroep: uniformen van de brandweer, de marine, en de politie bijvoorbeeld. Waarom dat zo is? Kevin: „Ja, uniformen zijn mannelijk he? Niemand wordt warm van een strippende clown.”

Zijn politiepak is het populairst bij zijn klanten. Hij heeft er drie: een Nederlands uniform, niet zijn favoriet, en twee Amerikaanse. „Je weet wel, zoals in de film.” Ooit stond hij in een van die pakken voor een café te wachten. De eigenaar wilde hem net binnenlaten, toen Kevin werd afgevoerd door vier échte politieagenten. Want uniformen, zelfs de Amerikaanse, mogen alleen gedragen worden door politieagenten. Tegenwoordig trekt hij er een jas overheen aan.

Slagroom en bodylotion

De eerste vier minuten houdt Kevin alle kleding nog aan, en danst hij met het publiek. Na twee of drie minuten gaat er een knoopje of een ritsje open. Gaan mensen dan gillen? „De ene keer wel, de andere keer niet. Dat ligt aan de gelegenheid. Soms sta je in een zaal vol vrouwen, soms op een verjaardagsfeest met zes mensen, waaronder opa en oma.”

Eerst gaat het shirt uit. „Op het ritme van de muziek. Je toont een beetje lichaam en dan trek je het helemaal uit.” Na het shirt gaat de broek. Dan nog wat dingen met slagroom en bodylotion. En dan óók het boxershort, en de string. Zo laat mogelijk. En: „Op zo’n manier dat niemand iets ziet, want wat is er nou leuk aan een zwaaiende piemel?” Hij doet er een hoedje of een vlaggetje voor, gaat met mensen op de foto, raapt zijn spullen bij elkaar, en trekt in een nabijgelegen ruimte zijn eigen kleren weer aan.

Foto’s Niels Blekemolen
Lees ook het werkpak van vorige week: Het werkpak van een asbestsaneerder

Beroepsmilitair

Inmiddels doet hij dit werk al tien jaar. Tien shows in een weekend, vaak vijf op één dag. Hij wordt blij van het contact met het publiek, van het bedenken van de shows, en van het dansen. De meest gestelde vraag: ‘Wat vindt je vriendin er van?’ „Nou, niet zo veel. Die doet hetzelfde”, zegt Kevin.

Sterker nog: Kevin is door haar met dit werk begonnen. Hij was beroepsmilitair, tot ze hem een keer het podium opstuurde. Tijdens werktijd worden ze bedolven onder de aandacht, ’s avonds zitten ze samen met hun dochtertje op de bank. Wat Kevin het meest aan dit werk zou missen? Hij lacht: „Nou, niet de e-mails en de btw-aangifte in elk geval.”