Russen erkennen doping: een doorbraak, maar wel een voorzichtige

Russische dopingfraude

Rusland erkent dat er systematisch met doping is gefraudeerd. Maar de overheid heeft er nog steeds niets mee te maken.

Een wereldbekerwedstrijd biatlon in Tsjechië. De bond haalde een wedstrijd terug uit Rusland in reactie op de rapporten over dopingfraude. Foto Michal Cizek/AFP

Hèhè, eindelijk. Zo ongeveer moet de reactie zijn geweest van de onderzoekers naar dopingmisstanden in Rusland. Wat het wereldantidopingbureau WADA na drie grondige analyses ook had onthuld en hoe ernstig de feiten ook bleken, steeds weer schoten de Russen in de ontkenningsmodus. Tot dinsdag, toen twee hoge Russische sportfunctionarissen toegaven dat er wel degelijk is gemalverseerd. De Russen schuiven langzaam maar zeker op naar erkenning van dopingfraude in hun land. Een doorbraak.

De eerste die de waarheid niet tegensprak was Anna Antseliovitsj, de nieuwe directeur-generaal van het nationale dopingagentschap Rusada. Zij gaf tegenover The New York Times toe dat bij dopingcontroles tijdens de Winterspelen van 2014 in Sotsji sprake was geweest van Russisch bedrog met dopingmonsters.

Een erkenning zonder toelichting, dat wel. Maar het is tenminste iets. Antseliovitsj mist de reflex van collegasportofficials die spreken van westerse samenzweringen tegen Rusland. Zij zei zich bij haar aantreden rot te zijn geschrokken van de feiten waarmee ze geconfronteerd werd.

Vitali Smirnov, zowel letterlijk als figuurlijk een zwaargewicht in de Russische sport, vertoonde nog wel enige afwerend gedrag, maar zelfs hij sprak in The New York Times van „veel gemaakte fouten als het om doping gaat”. Daarnaast wilde de 81-jarige Smirnov, IOC-lid, voormalig minister van Sport en oud-voorzitter van het Russisch olympisch comité, nog wel gezegd hebben dat Russische sporters minder makkelijk dan westerse concurrenten op medische gronden dispensatie werd verstrekt voor gebruik van dopingmiddelen. „Bij Russen heerst het sterke gevoel dat zij minder kansen krijgen dan sporters uit andere landen”, zei Smirnov.

Staatsbemoeienis

Wat zowel Antseliovitsj en Smirnov tegenspreken is de staatsbemoeienis bij dopingprogramma’s. Maar dat is interpretatie, want beiden verstaan onder ‘de staat’ president Vladimir Poetin. Zijn naam mag hoe dan ook niet aan dopingfraude gelinkt worden. De onderzoeken hebben wel degelijk betrokkenheid van het ministerie van Sport aangetoond. De verantwoordelijkheid ligt bij de ontslagen onderminister Joeri Nagornyk.

De nieuwe openheid is grotendeels verklaarbaar door het internationale isolement waarin het land is beland. Deze maand heeft een aantal internationale sportbonden, onder druk van sporters, grote toernooien teruggetrokken uit Rusland. De bobslee- en skeletonbond verplaatste de WK van Sotsji naar Königssee, de schaatsers hoeven hun wereldbekerfinale niet in Tsjeljabinsk te rijden, en de biathlonbond zette een streep door een wereldbekerwedstrijd en de WK junioren in Rusland. De ongemakkelijke positie werd nog eens versterkt door het IOC dat alle olympische bonden heeft verboden een titelstrijd aan Rusland toe te wijzen. De paria wil geen paria meer zijn.