Opinie

Doe iets aan de explosieve mix van alcohol en buskruit

Opinie Dat Nederland met Oud en Nieuw in een oorlogsgebied verandert, kan politici weinig schelen, schrijven Tjeerd de Faber, Jan Keunen en Pieter van Vollenhoven. „Meer dan de helft van de Nederlanders wil een verbod op consumentenvuurwerk.”

Bij consumentenvuurwerk hoort serieus gevaar. Het NOS-journaal deelde op zondag 3 januari 2016 mee: „Opnieuw fors minder vuurwerkslachtoffers.” De NOS-website temperde dit optimisme: „Wel werden dit jaar wat meer mensen blind aan een oog.” Zo springen we in Nederland om met wat traditioneel een gezellige jaarwisseling met vuurwerk moet zijn. Meer mensen blind? Dat hoort er kennelijk bij.

Dat Nederland met Oud en Nieuw in een oorlogsgebied verandert door de explosieve combinatie van alcohol en buskruit deert politiek Den Haag kennelijk weinig. Minister Bussemaker zei in december 2014 over consumentenvuurwerk: „Ik zou het niet willen verbieden.” Een meerderheid van de Tweede Kamer sloot zich in mei 2016 hierbij aan. Mogelijk is de schrik groot dat een verbod op vuurwerk als betutteling van de burger wordt gezien en komend verkiezingsjaar electoraal niet handig valt.

De minister en Tweede Kamer staan met hun houding lijnrecht tegenover meer dan 31.000 Nederlanders en 1.000 maatschappelijke organisaties die het landelijke vuurwerkmanifest hebben getekend dat pleit voor een verbod op consumentenvuurwerk, in ruil voor gemeentelijke vuurwerkshows. Ook de Stichting Maatschappij en Veiligheid en verzekeraar Achmea hebben deze maand in een persbericht nadrukkelijk hiervoor gepleit.

Landelijke opiniepeilingen laten steeds vaker zien dat meer dan de helft van de Nederlanders voelt voor een verbod op consumentenvuurwerk. Kan nudging dit proces versnellen?

Nudging betekent letterlijk: de burger een duwtje (een nudge) in de rug geven. Politici gebruiken deze methode om onbewust gedrag van burgers te coachen in een wenselijke richting. Met behoud van de eigen keuzevrijheid. Een klassiek voorbeeld van nudging is het urinoir waarin een vlieg is afgebeeld. Zolang je naar de vlieg kijkt, plas je er niet meer naast. Kan nudging gebruikt worden om het aantal vuurwerkslachtoffers te verkleinen? Jazeker, als vuurwerkleveranciers gratis beschermbrillen zouden leveren aan kopers, kan de klant zelf besluiten die wel of niet op te zetten. En als er, zoals in Rotterdam, een spectaculaire vuurwerkshow te zien is, kan de burger zelf kiezen of hij naar de veilige vuurwerkshow gaat, of dat hij op straat grote veiligheidsrisico’s wil lopen.

Helaas kan het feit dat bijna de helft van alle vuurwerkslachtoffers omstander is, niet met nudging worden weggepoetst. Evenals de kille cijfers over ernstig oog-, hand-, en brandwondenletsel. Nudging helpt ook de belastingbetaler niet, die jaarlijks opdraait voor de gigantische schadepost van tientallen miljoenen, terwijl slechts 1 op de 8 Nederlanders vuurwerk koopt.

Tot 20 jaar geleden mocht je in een vliegtuig roken. Als na het opstijgen het bordje ‘fasten seat belt’ werd gedoofd, veranderde de cabine in een blauwe walm. Dat vonden we toen heel gewoon. Onze kinderen vinden het nu onvoorstelbaar. Aan het rookverbod in vliegtuigen ging dan ook een jarenlange maatschappelijke discussie vooraf. Hetzelfde geldt voor de autogordels, die pas in 1975 verplicht werden. Wat nu normaal is, werd destijds als maatschappelijke betutteling ervaren.

De ondertekenaars van het vuurwerkmanifest zijn ervan overtuigd dat het met consumentenvuurwerk dezelfde kant opgaat. Er komt ooit een verbod. De vraag is alleen: wanneer? Hoeveel blinde ogen zijn daarvoor nog nodig?

Wij stellen voor om de rolverdeling van nudging bij consumentenvuurwerk om te draaien. Niet de politici, maar de ondertekenaars van het vuurwerkmanifest geven de Haagse Kamerleden een duwtje in de goede richting. Als onze politici gaan luisteren naar de meerderheid van de burgers die zij vertegenwoordigen, zal de NOS-website binnen afzienbare termijn melden: „Dit jaar werden er geen mensen blind door vuurwerk.”